Hof van beroep Gent - 2088/AR/1656 - 12-11-2009

Samenvatting

In principe volstaat voor een Guinees onderdaan die in België in het huwelijk wil treden de overlegging van een Guinees “certificat de célibat” als bewijs van zijn ongehuwde staat. Echter, in casu zijn er omstandigheden die wettigen dat geïntimeerde ook wenst te kunnen nagaan of tweede appellant niet een voorafgaand huwelijk heeft afgesloten in Frankrijk. Zo verklaarde tweede appellant tijdens zijn verblijf in Frankrijk te willen huwen met eerste appellante en kwam hij naar België na de weigering van een derde voorlopige verblijfsvergunning in Frankrijk. Het feit dat de Franse staat in deze weigeringsbeslissing stelt dat tweede appellant ongehuwd is, is gebaseerd op zijn eigen verklaring en gaat niet uit van een instantie die de (on-)gehuwde staat van tweede appellant daadwerkelijk vermag te beoordelen. In deze omstandigheden mag/moet geïntimeerde terecht aanvoeren dat het Guinese “certificat de célibat” geen afdoende bewijs vormt voor de ongehuwde staat van tweede appellant.