Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 26.835 - 30-04-2009

Samenvatting

Verzoeker heeft informatie verstrekt over een belemmering voor asielzoekers om een asielaanvraag in Ie dienen die mogelijkerwijs een invloed heeft op de expliciete garantie verstrekt door de Griekse autoriteiten dat verzoeker in de mogelijkheid zal gesteld worden om een asielaanvraag in te dienen. Het komt de verwerende partij toe met deze informatie rekening te houden en hieromtrent te motiveren in de bestreden beslissing, wat in casu niet het geval is. De verwijzing naar de schriftelijke garantie verstrekt door de Griekse autoriteiten dat verzoeker in de mogelijkheid zal gesteld worden om een asielaanvraag in te dienen, naar de ondertekening door Griekenland van de Conventie van Genève en de omzetting van asielrichtlijnen door Griekenland vormt in casu geen afdoend antwoord. Het onderscheid dat verweerder maakt tussen "gewone" asielzoekers en asielzoekers die in het kader van de Dublinverordening worden teruggewezen naar Griekenland kan niet gelezen worden in de bestreden beslissing net zomin als "(.. .) Elke vreemdeling, overgedragen aan Griekenland in toepassing van de Dublinverordening, heeft de mogelijkheid om op de luchthaven van Athene een asielaanvraag in te dienen. In afwachting van de officiële registratie van de asielaanvraag, verblijft de vreemdeling gedurende twee dagen in een "holding centre". Na de registratie ontvangt de asielzoeker een "roze kaart", die hem toelaat te werken, en hem bepaalde voordelen biedt zoals toegang tot gezondheidszorgen, (...)" Bij het uitoefenen van een wetligheidscontrole op de motieven van een beslissing kan de Raad geen rekening houden met een aposteriori-motivering