Verordeningen onderdeel van dit pact treden rechtstreeks in werking in lidstaten van Europese Unie. We geven een overzicht van de rechten en plichten die ze creëren voor vreemdelingen en de Belgische staat.
Migratie- en asielpact heeft geen invloed op schorsing GwH van wetsbepaling die weigeringen opvang voor M-status mogelijk maakte. GwH vond bepaling in pact niet duidelijk en stelde prejudiciële vraag aan HvJ.
Nieuwe terugkeergrensprocedure wordt ingevoerd voor asielzoekers afgewezen na een asielgrensprocedure, met verplichte vasthouding aan de grens tot aan de uitwijzing.
De inwerkingtreding op 12-6-2026 van de Kwalificatieverordening 2024/1347, onderdeel van het Migratie- en asielpact heeft tot gevolg dat de regels rond gezinshereniging veranderen.
Na het verkrijgen van de internationale beschermingsstatuut, kan men deze alsnog verliezen. Waar dit voorheen opgeheven of ingetrokken kon worden, kan het CGVS vanaf nu enkel nog intrekken.
AMMR bepaalt criteria die de lidstaat aanduidt die verantwoordelijk is voor de behandeling van een asielaanvraag. AMMR bouwt verder op de dublinverordening.
Vanaf 12-6-2026 kunnen personen met internationale bescherming aanvraag erkenning gelijkwaardigheid buitenlands diploma indienen zonder toevoegen bewijsstuk.
Vanaf 12-6-2026 telt hele asielprocedure mee voor berekening periode 5j ononderbroken wettig verblijf als persoon met internationale bescherming status LID aanvraagt.
Vanaf begin asielprocedure moet er bijstand zijn van (voorlopige) vertegenwoordiger. CGVS doet leeftijdsbepaling voor asielzoekers. Er zijn nieuwe waarborgen voor NBMV.
Niet tijdig omgezette bepalingen kunnen rechtstreekse werking hebben: een overzicht van bepalingen waarbij dit mogelijk zo is: o.a. over toegang tot materiële opvang, werk en taal- en inburgeringscursussen.
In een kort geding vonnis van 20-5-2026 verplicht de rechtbank van eerste aanleg van Brussel (Nederlandstalig) de Belgische staat om een student in Gaza een visumaanvraag vanop afstand te laten indienen.
Buitenlands vonnis dat twee vaderlijke afstammingsbanden vastlegt bij draagmoederschap is niet strijdig met Belgische internationale openbare orde. Er is ook geen sprake van wetsontduiking.
Schrapping uit Opvangwet van mogelijkheid tot niet-toewijzing en opheffing code 207 leidt tot ongerechtvaardigde achteruitgang in bescherming asielzoeker. Dit is strijdig met art. 23 Gw.
Algemene onderrichtingen bevolkingsregisters (versie 30-4-2026) stelt in punt 113 dat ook wie nooit een verblijfplaats heeft gehad een (eerste) inschrijving kan krijgen op een referentieadres.
Strafrechter moet bij veroordeling voor onwettig verblijf eerst nagaan of gezondheid van betrokken kan verslechteren bij terugkeer, ook bij hangend RvV-beroep tegen afgewezen medische regularisatie 9ter.
Opvangwet voorziet geen delegatie om bij KB sanctioneerbare gedragingen en manier van sanctioneren vast te leggen. Er is ook geen verband tussen de hoogte van bijdragen en kost van opvang.