Het referentiebedrag van voldoende bestaansmiddelen voor een verblijf als derdelands student of voor een zoekjaar als afgestudeerde student voor academiejaar 2026 – 2027 gevoelig verhoogd naar 1062 euro.
Vanaf 1-3-2026 moet het OCMW bij de bepaling van het leefloon rekening houden met de bestaansmiddelen van alle meerderjarige onderhoudsplichtigen die samenwonen met de hulpaanvrager.
De opschorting geldt tot wanneer CGVS objectieve informatie heeft om veiligheidssituatie in Iran en risico op vervolging accuraat te kunnen beoordelen.
Een moet ‘EU-beschikker’ moet aantonen dat hij over een ziekteverzekering beschikt. We gaan dieper in op de mogelijkheden om aan deze voorwaarde tegemoet te komen.
Zoals elk jaar op 1 januari verhoogden 1) federale retributies voor bepaalde verblijfsaanvragen, 2) nodige bestaansmiddelen voor status langdurig ingezetene, 3) te betalen kosten van repatriëring, en 4) registratierecht voor Belgische nationaliteit.
Sinds 29-7-2025 steeg het registratierecht voor een nationaliteitsaanvraag van 150 naar 1.000 euro, en wordt dat bedrag jaarlijks op 1 januari geïndexeerd. In 2026 is het 1.030 euro. De datum van betaling bepaalt welk bedrag geldt.
Unieburgers kunnen vanaf 1-9-2025 maar bijlage 19 vragen bij de gemeente als ze onmiddellijk alle nodige bewijzen voorleggen. In praktijk rezen verschillende knelpunten.
Het bedrag van de retributie moet in redelijke verhouding zijn tot de geleverde dienst. Bij afwezigheid van dienst is de retributie een onverschuldigde betaling die je kan terugvorderen.
Opsomming in art. 15bis §1, lid 2, 6° Vw van personen met bijzonder verblijfstitel voor diplomatieke, consulaire of internationale zending is limitatief.
Tijdelijke bescherming is tijdelijk en kan niet leiden tot onbeperkt verblijf. Bij medische regularisatie kan dit wel. Daarom kan er actueel belang zijn bij een medische regularisatie-aanvraag.
Het KB van 3-12-2025 voegt Marokko toe aan de lijst van veilige landen. Verzoekers internationale bescherming uit deze landen hebben een zwaardere bewijslast.
Volgens RvV op 17-6-2025 over gezinshereniging met erkende vluchteling, bewijst het CGVS attest de identiteit, én mag DVZ een DNA-test niet weigeren omdat er geen uittreksel van strafregister is.
Niet elke Burundees die vanuit België naar Burundi terugkeert heeft a priori gegronde vrees voor vervolging of loopt reëel risico op ernstige schade. Dat besliste RvV in AV op 21-11-2025.