Hoe ga je in beroep?

In het kort

Tegen beslissingen over het verblijfsrecht of over internationale bescherming kan je in beroep gaan bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) en tegen een beslissing tot vasthouding in een gesloten centrum bij onderzoeksgerechten (Raadkamer en Kamer van inbeschuldigingstelling). Verder is er bij de Raad van State een beroep in cassatie mogelijk tegen arresten van de RvV, en zijn er ook de internationale of supranationale hoven. In sommige gevallen kan je in beroep bij de rechtbank van eerste aanleg.

Overzicht van beslissingen en beroepsinstanties

De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen is bevoegd voor

  • beslissingen van DVZ over het verblijf
  • beslissingen van de Gemeente over het verblijf of over het in ontvangst nemen van een verblijfsaanvraag
  • beslissingen van het CGVS over verzoeken tot internationale bescherming
  • beslissingen van een Consulaat of Ambassade tot weigering van afgifte van een visum

De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen is niet bevoegd voor:

  • een beslissing van DVZ om een verbintenis tot tenlastenneming niet te aanvaarden (bevoegdheid van de Raad van State)
  • een beslissing tot leeftijdsbepaling van minderjarigheid (bevoegdheid van de Raad van State)
  • een beslissing inzake de opvang tijdens een procedure internationale bescherming (Arbeidsrechtbank)

De rechterlijke macht is bevoegd voor:

  • een beslissing van de rechtbank van eerste aanleg over de vaststelling van staatloosheid
  • een beslisssing van niet-toekenning van de Belgische nationaliteit
  • een beslissing van weigering van erkenning van akten van burgerlijke stand
  • maatregelen inzake vrijheidsberoving
     

Beroepsmogelijkheden bij de RvV

De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) is een onafhankelijk administratief rechtscollege. De RvV is bevoegd voor beroepen tegen beslissingen van:
- de Commissaris-Generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS)
- de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ)

Nieuwe regeling vanaf 19 juni 2026

Vanaf de inwerkingtreding van de RvV-wet gelden er nieuwe regels voor beroepen bij de RvV.

De nieuwe bepalingen zijn van toepassing op beroepen die ingediend worden na 19 juni 2026, maar er kunnen ook nieuwe regels van toepassing zijn op hangende beroepen. Op de hieronder vermelde pagina's over de nieuwe regeling staat telkens toegelicht welke bepalingen van de vorige regeling nog van toepassing zijn.

Beroep bij RvV over internationale bescherming (volle rechtsmacht)

Als je denkt dat de DVZ of het CGVS onterecht een negatieve beslissing nam over je verzoek om internationale bescherming, kan je een beroep instellen bij de RvV. De RvV heeft volle rechtsmacht, en kan het verzoek opnieuw beoordelen en zelf ook een status toekennen.

Over beroepen ingediend voor de RvV-wet en die nog volgens de oude regeling behandeld worden, lees je meer op de pagina over de beroepen bij internationale bescherming.

Over beroepen ingediend na de RvV-wet, of hangende zaken die de RvV behandelt volgens nieuwe bepalingen, lees je meer op het overzicht van de beroepen bij de RvV over internationale bescherming vanaf 19 juni 2026.

Beroep bij RvV over overdracht (Dublin/AMMR)

Als een andere lidstaat van de EU bevoegd is om jouw verzoek op internationale bescherming te onderzoeken, kan je naar die lidstaat overgedragen worden. Dit noemt men een 'Dublin procedure' en sinds het Asiel- en Migratiepact een 'AMMR-procedure'.

Als je voor 12 juni 2026 een verzoek om internationale bescherming deed, wordt de verantwoordelijke lidstaat nog bepaald volgens de oude regeling, maar gelden voor de procedure (mogelijkheid tot verlenging van vasthouding bijvoorbeeld) al de nieuwe regels. Voor asielverzoeken ingediend na 12 juni 2026 gelden de nieuwe criteria voor het vaststellen van de verantwoordelijke lidstaat. Vanaf 12 juni gelden ook heel even aparte regels voor beroepstermijnen tegen een weigeringsbeslissing en vanaf 19 juni geldt dan de definitieve regeling voor de beroepen. Dit wordt telkens toegelicht in de hieronder genoemde pagina's.

Als je denkt dat de DVZ onterecht een overdrachtsbesluit nam, kan je een beroep instellen bij de RvV.

Als je niet vastgehouden wordt kan dit via de gewone procedure voor beroepen tegen een overdrachtsbesluit.

Als je vastgehouden wordt of de overdracht gebeurt met een gecontroleerd vertrek, is enkel beroep mogelijk via de urgente procedure voor beroepen tegen een overdrachtsbesluit.

Beroep bij RvV over verblijf (annulatie en schorsing)

Je kan ook een beroep instellen bij bij de RvV tegen alle beslissingen over je verblijfsrecht. De RvV kan in deze beroepen enkel de beslissing vernietigen, waarna de DVZ een nieuwe beslissing moet nemen. Het gaat bijvoorbeeld om volgende beslissingen:

  • een weigering van verblijf;
  • een beëindiging of intrekking van verblijf;
  • een terugkeerbesluit (bevel om het grondgebied te verlaten);
  • een inreisverbod;
  • een verwijderingsbesluit (de beslissing om over te gaan tot een gedwongen uitzetting).

In sommige gevallen is heeft het indienen van het beroep zelf een schorsende werking, en kan je niet verwijderd worden tijdens de procedure. Als het beroep zelf niet schorsend is, kan je een schorsing vragen.

Over beroepen ingediend voor de RvV-wet en die nog volgens de oude regeling behandeld worden, lees je meer op de pagina Annulatie en schorsing bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen.

Over beroepen ingediend na de RvV-wet, of hangende zaken die de RvV behandelt volgens nieuwe bepalingen, lees je meer op het overzicht van de beroepen bij de RvV over verblijfsrecht vanaf 19 juni 2026

Cassatieberoep bij de Raad van State (RvS)

Tegen een beslissing over de leeftijdsbepaling van minderjarigheid, of een beslissing om een verbintenis tot tenlasteneming (Bijlage 3bis) niet te aanvaarden, staat een beroep open bij de Raad van State.

Ook als de RvV je beroep verworpen heeft, kan je in bepaalde gevallen nog een cassatieberoep indienen bij de Raad van State. De RvS kan echter geen uitspraak doen over de feiten. Het kan alleen nagaan of het arrest van de RvV wettig is. 

Voorlopige maatregelen bij de rechtbank van eerste aanleg

Uitzonderlijk kan je bij de burgerlijke rechter dringende en voorlopige maatregelen vragen via een procedure in kort geding. Hiermee kan je de DVZ in bepaalde situaties dwingen om een beslissing te nemen of een repatriëring uit te stellen. 

Verzoek tot vrijlating bij onderzoeksgerechten

Tegen een beslissing tot opsluiting in het kader van een uitwijzing, kan je beroep instellen bij de Raadkamer. De Raadkamer beslist in eerste aanleg. Je kan hoger beroep instellen bij de Kamer van Inbeschuldigingstelling. Nadien kan je eventueel nog een cassatieberoep instellen bij het Hof van Cassatie.