Verlies verblijfsrecht bij OCMW-steun?
In het kort
Het recht op OCMW steun is geregeld via de OCMW-wet en de RMI-wet. Deze wetten houden geen rekening met de voorwaarden uit de verblijfswet voor het behoud van het verblijfsrecht. In sommige situaties kan OCMW steun een risico betekenen voor het verblijfsrecht. Het OCMW heeft de plicht om de hulpvrager te informeren over dit risico. Het is aan de hulpvrager om eventueel af te zien van de steun.
Direct en indirect risico van OCMW-steun
Er is een direct verblijfsrisico als er voor je verblijfsstatuut een bestaansmiddelenvoorwaarde geldt of als je geen (onredelijke) belasting mag vormen voor het sociale bijstandsstelsel.
Let op! OCMW-steun kan ook op een indirecte manier een risico voor het verblijfsrecht zijn. Als er bijvoorbeeld geen bestaansmiddelenvoorwaarde is, maar wel een verplichting om samen te wonen, een gezincel te vormen of een werkelijk gezinsleven te onderhouden, dan kan OCMW-steun een aanleiding vormen om deze verblijfsvoorwaarde te onderzoeken.
De Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ), die als enige instantie het verblijfsrecht kan beëindigen, is niet altijd op de hoogte van een verhuis of van een beëindiging van een wettelijke samenwoning. Zij wordt wel (na verloop van tijd) via de kruispuntbank geïnformeerd over OCMW-steun. Dit kan dan de aanleiding vormen om de verblijfsvoorwaarden te controleren. In het rijksregister kan DVZ dan bijvoorbeeld vaststellen dat je niet meer op hetzelfde adres woont of dat de wettelijke samenwoning beëindigd werd. Alvorens het verblijfsrecht te beëindigen, stuurt DVZ een brief over de vaststelling dat je niet meer voldoet aan de verblijfsvoorwaarde en met een verzoek om inlichtingen over je persoonlijke situatie (toepassing evenredigheidstoets en soms ook de proportionaliteitstoets).
Voorwaardelijk versus onvoorwaardelijk verblijfsrecht
Voorwaardelijk verblijfrecht: OCMW-steun kan direct of indirect risico zijn.
De eerste 5 jaar van je verblijfsrecht zijn meestal voorwaardelijk. Dit betekent dat je je verblijfsrecht kan verliezen als je niet meer voldoet aan de voorwaarden die eigen zijn aan je verblijfsrecht. Met een A of een F kaart is je verblijfsrecht voorwaardelijk.
Volg deze uitganspunten bij een voorwaardelijk verblijfsrecht:
| Reguliere migratie | Er is een verblijfrisico, maar er bestaan enkele uitzonderingen. |
| Beschermingsstatuten | Er is geen risico. |
| Uitzonderlijk verblijf | Er is meestal een risico, zie de visumcode of de beslissing van DVZ. |
Het feit dat je een beroep doet op het OCMW mag niet automatisch leiden tot de weigering of het verlies van je verblijfsrecht. De DVZ moet geval per geval alle elementen van je dossier onderzoeken.
Onvoorwaardelijk verblijfrecht: OCMW-steun is geen risico.
Na 5 jaar kan je in de meeste verblijfstatuten een onvoorwaardelijk verblijfrecht verwerven. Je krijgt dan meestal een B, C, D, EU+, F+, K, of L kaart. In uitzonderlijke gevallen kan je al vroeger dan 5 jaar een onvoorwaardelijk verblijfsrecht verwerven. Bij een onvoorwaardelijk verblijfsrecht vallen de verblijfsvoorwaarden weg. Je kan je verblijfsrecht wel nog verliezen in geval fraude, problemen van openbare orde, nationale veiligheid of wanneer je België langer dan de termijn van je recht op terugkeer hebt verlaten.
Informatieplicht OCMW
Als OCMW-steun een direct of indirect risico kan vormen voor je verblijfsrecht, moet het OCMW je hierover informeren. Het ontvangen van steun kan ertoe leiden dat je verblijfsrecht wordt geweigerd of beëindigd.
Als je de toekenningsvoorwaarden voor OCMW-steun vervult en je je recht op steun wil uitoefenen ondanks het risico voor je verblijfsrecht, dan mag het OCMW je die steun niet weigeren. In haar beslissing noteert ze dat ze je geïnformeerd heeft over het risico.
Geen verblijfsrisico bij OCMW-steun
Na 5 jaar kan je in de meeste verblijfstatuten een onvoorwaardelijk verblijfrecht verwerven. Je krijgt dan meestal een B, C, D, EU+, F+, K, of L kaart. In uitzonderlijke gevallen kan je al vroeger dan 5 jaar een onvoorwaardelijk verblijfsrecht verwerven. Bij een onvoorwaardelijk verblijfsrecht vallen de verblijfsvoorwaarden weg. Je kan je verblijfsrecht wel nog verliezen in geval fraude, problemen van openbare orde, nationale veiligheid of wanneer je België langer dan de termijn van je recht op terugkeer hebt verlaten.
Lees meer over het onvoorwaardelijk verblijfsrecht.
Er is geen risico want er gelden geen voorwaarden rond eigen bestaansmiddelen, noch wat het verkrijgen van de bescherming betreft, noch wat het verlies van de bescherming betreft.
Er is geen risico want er gelden geen voorwaarden rond eigen bestaansmiddelen, noch wat het verkrijgen van de bescherming betreft, noch wat het verlies van de bescherming betreft.
Er is geen risico want er gelden geen voorwaarden rond eigen bestaansmiddelen, noch wat het verkrijgen van de bescherming betreft, noch wat het verlies van de bescherming betreft.
| NBMV die erkend vluchteling of subsidiaire beschermde is. | Er is geen risico want er gelden geen voorwaarden rond eigen bestaansmiddelen, noch wat het verkrijgen van de bescherming betreft, noch wat het verlies van de bescherming betreft. |
| NBMV in de bijzondere verblijfsprocedure. | |
| NBMV in de procedure slachtoffer mensenhandel. | |
| NBMV die geregulariseerd is om humanitaire redenen (9bis). | Bij meerderjarigheid wordt het dossier overgeheveld naar dienst 'lang verblijf' van DVZ. Het verblijf is discretionair. DVZ kan in de persoonlijke voorwaarden voor de verlenging van je verblijfsrecht opnemen dat je niet ten laste mag vallen van het OCMW. In dat geval kan OCMW-steun een risico vormen. DVZ houdt rekening met alle omstandigheden. Als je bv. een opleiding volgt of uitzicht hebt op een job, kan DVZ toch beslissen om je verblijf niet in te trekken. |
Er is geen risico want er gelden geen voorwaarden rond eigen bestaansmiddelen, noch wat het verkrijgen van de bescherming betreft, noch wat het verlies van de bescherming betreft.
Er is geen risico want er gelden geen voorwaarden rond eigen bestaansmiddelen, noch wat het verkrijgen van de bescherming betreft, noch wat het verlies van de bescherming betreft.
Opgelet: Verwar dit statuut niet met een door de rechtbank erkende staatloze die een verblijfsrecht bekomt via een humanitaire regularisatie (9bis) - want daar is mogelijks wél een risico op intrekking van het verblijfsrecht. Lees hiervoor de verleningsvoorwaarden in de beslissing van DVZ.
Wel verblijfsrisico bij OCMW-steun
Het verblijfsrecht van kort verblijvers kan in principe beëindigd worden als ze OCMW-steun genieten. Ze moeten immers over voldoende bestaansmiddelen beschikken beschikken. In de praktijk zal OCMW-steun zelden de aanleiding vormen, omdat kort verblijvers geen recht op OCMW-steun hebben.
Uitzonderlijk kan er toch een recht op OCMW-steun ontstaan:
- In heel specifieke medische situaties. Lees meer over medische kosten tijdens kort verblijf.
- Als iemand omwille van overmacht niet kan terugkeren naar het herkomstland, bv. om medische, of administratieve redenen. Lees meer over OCMW-steun bij overmacht.
In de praktijk wordt de steun meestal pas na veroordeling door de arbeidsrechtbank toegekend. Zolang deze mensen niet-verwijderbaar zijn, kan er dus moeilijk sprake zijn van een verblijfsrisico.
Zolang je geen duurzaam verblijfsrecht hebt, vormt OCMW-steun in bepaalde gevallen een risico voor je verblijfsrecht.
Lees meer over het verblijfsrecht van Unieburgers.
Voor begunstigden van het TTA (en hun familieleden) gelden dezelfde verblijfsvoorwaarden en zijn er dezelfde risico's in geval van OCMW-steun. De informatie over Unieburgers geldt daarom ook voor begunstigden van het TTA.
Dus ook hier geldt: zolang je geen duurzaam verblijfsrecht hebt, vormt OCMW-steun in bepaalde gevallen een risico voor je verblijfsrecht.
Lees meer over het verblijfsrecht van begunstigden van het TTA (en hun familieleden).
Om hun verblijfsrecht te behouden, moeten arbeidsmigranten het werk blijven uitvoeren waarvoor zij van het gewest een toelating hebben gekregen. Dat werk moet bovendien aan bepaalde voorwaarden voldoen. Als je dus als arbeidsmigrant OCMW-steun geniet, kan dit een indicatie zijn dat je niet meer werkt of dat je werk niet langer aan de vereiste voorwaarden voldoet.
Zolang je geen onvoorwaardelijk verblijfsrecht hebt (B kaart of D of L kaart), vormt OCMW-steun in bepaalde gevallen een risico voor je verblijfsrecht. Lees meer over de gevolgen van einde contract, van ontslag en van stopzetting van de zelfstandige activiteit.
Lees meer over het verblijfsrecht van arbeidsmigrant.
Derdelanders moeten tijdens hun verblijf als student en tijdens hun zoekjaar beschikken over voldoende bestaansmiddelen.
OCMW-steun vormt dus een risico voor het verblijfsrecht van derdelands studenten en een risico voor het verblijfsrecht van studenten in hun zoekjaar.
Een verblijfsrecht als derdelands student blijft altijd voorwaardelijk en beperkt in de tijd.
Lees meer over het verblijfsrecht van derdelands studenten.
Je verblijft in België op basis van werk, studie of voldoende bestaansmiddelen.
Zolang je geen onvoorwaardelijk verblijfsrecht hebt (B kaart of D of L kaart), vormt OCMW-steun in bepaalde gevallen een risico voor je verblijfsrecht.
- Werk: lees meer over de gevolgen van einde contract, van ontslag en van stopzetting van de zelfstandige activiteit.
- Studie: lees meer over redenen voor intrekking en niet-hernieuwing
- Voldoende bestaansmiddelen
Lees meer over het verblijfsrecht van langdurig ingezetene met tweede verblijf in België.
Risico
OCMW-steun vormt een risico wanneer er voorwaarden zijn van eigen voldoende bestaansmiddelen. Het ontvangen van OCMW-steun kan ook een signaal zijn voor DVZ dat er geen gezinscel meer is.
Uitzonderingen op risico
Wanneer je als gezinsmigrant over een duurzaam en onvoorwaardelijk verblijf (bv een B of F+ kaart) beschikt vormt OCMW-steun geen gevaar meer voor je verblijfsrecht.
In de volgende gevallen is er geen voorwaarde voor bestaansmiddelen, en vormt OCMW-steun geen risico:
De gezinshereniging met een erkend vluchteling of subsidiair beschermde die wordt aangevraagd binnen het eerste jaar na erkenning, op voorwaarde dat het niet gaat om gezinsvorming maar om gezinshereniging.
De gezinshereniging die wordt aangevraagd met vrijstelling van de materiële voorwaarden
- familieleden van erkend vluchtelingen, subsidiair beschermden, staatlozen of medisch geregulariseerden die de aanvraag gezinshereniging indienen binnen de 12 maanden nadat de referentiepersoon lang verblijf kreeg, voor zover die datum voor 18 augustus 2025 valt
- familieleden van erkend vluchtelingen of staatlozen die de aanvraag gezinshereniging indienen binnen de 6 maanden (+ bijkomend 4 maanden om dossier aan te vullen), waarbij de gezinshereniger (referentiepersoon) lang verblijf kreeg na 18 augustus 2025.
- De gezinsmigrant enkel een minderjarig kind is, en er geen gelijktijdige aanvraag is van de andere ouder, op voorwaarde dat de referentiepersoon/gezinshereniger een onbeperkt verblijf heeft (ook verblijf als erkend vluchteling/met subsidiaire bescherming/via medische regularisatie valt hieronder) of Belg is en op voorwaarde dat dat het minderjarig kind zich hem komt vervoegen.
- Het gaat om gezinshereniging met een Belgisch minderjarig kind.
- Als het gezinslid in de voorwaardelijke fase slachtoffer is van intra-familiaal geweld, en dit bewezen is.
Zolang je geen onvoorwaardelijk verblijfsrecht hebt (B kaart of D of L kaart), vormt OCMW-steun een risico voor je verblijfsrecht als de verleningsvoorwaarden bepalen dat je niet ten laste mag vallen van het OCMW.
Je vindt die voorwaarden in de beslissing van DVZ. Lees meer over de verlening van het verblijf en de kaart.
Lees meer over humanitaire regularisatie.
Zolang je geen onvoorwaardelijk verblijfsrecht hebt (B kaart of D of L kaart), vormt OCMW-steun een risico voor je verblijfsrecht als de verleningsvoorwaarden bepalen dat je niet ten laste mag vallen van het OCMW.
Je vindt die voorwaarden via de visumcode op de website van DVZ. Na een verlenging van de A kaart staan ze op de beslissing tot verlening. Lees meer over dit risico.
Lees meer over het humanitair visum.
Wat doe je als er een verblijfsrisico is?
Wees alert voor de volgende situaties:
- Als de Dienst Vreemdelingenzaken vaststelt dat je OCMW-steun geniet, kan ze je een brief sturen met het voornemen om je verblijfsrecht te beëindigen. Je krijgt dan de kans om je situatie toe te lichten.
- Als er een bestaansmiddelenvoorwaarde geldt voor de verlenging van je A kaart voeg je best een psychosociaal verslag toe. Dit kan opgesteld worden door je maatschappelijk werker.
In beide gevallen zijn volgende zaken belangrijk:
- Waarom is/was de steun noodzakelijk?
- Welk traject volg je om op termijn niet meer afhankelijk te zijn van de steun (medisch, psychosociaal, opleiding, werk, ...)?
- Voldoe je aan een uitzondering die maakt dat OCMW-steun geen direct verblijfsrisico vormt, bv. Intrafamiliaal geweld, ouder van Belgische minderjarig kind, ...?
Afhankelijk van de bevindingen in deze schriftelijke communicatie, beslist DVZ of ze het verblijfsrecht wel of niet beëindigt. Dit wordt geval per geval beoordeeld, rekening houdend met alle element in je dossier.
Wanneer controleert DVZ of je OCMW-steun geniet?
DVZ controleert of OCMW-steun een probleem vormt voor je verblijfsrecht:
- Bij de verblijfsaanvraag.
- Bij de verlenging van de A kaart.
- Als DVZ via de KSZ geïnformeerd wordt over OCMW-steun
DVZ wordt via de KSZ geïnformeerd over OCMW-steun
Gegevensoverdracht van POD MI naar DVZ via KSZ
In een aantal gevallen krijgt de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) van de Programmatorische Federale Overheidsdienst Maatschappelijke Integratie (POD MI) de persoonsgegevens van personen die steun ontvangen. De gegevensoverdracht over steun van een OCMW gebeurt via de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (KSZ).
Voor bepaalde hieronder beschreven gevallen is voorzien in de mogelijkheid voor DVZ om een databank van de POD MI rechtstreeks te raadplegen, maar deze databank is nog niet operationeel. De uitwisseling van gegevens loopt dus nu nog via KSZ. POD MI heeft voor de overdracht van gegevens machtigingen van de Commissie voor de Bescherming van de Persoonlijke Levenssfeer (de zogenaamde Privacy Commissie, nu de Gegevensbeschermingsautoriteit) gekregen.
De persoonsgegevens van personen die een onvoorwaardelijk verblijfsrecht hebben en OCMW-steun genieten, worden in geen enkel geval overgemaakt.
Naar aanleiding van de gegevensoverdracht kan DVZ nagaan of de inkomensvoorwaarden van je verblijfsstatuut (nog) vervuld zijn. In geval van OCMW-steun kan je verblijfsrecht worden geweigerd of ingetrokken maar dat mag niet automatisch gebeuren. DVZ moet geval per geval rekening houden met alle elementen van je dossier.
Einde gegevensoverdracht
Wanneer je gedurende één maand geen OCMW-steun meer ontvangt, worden je persoonsgegevens niet langer verzonden. Dit zal opnieuw gebeuren wanneer je weer OCMW-steun geniet.
Doelgroepen gegevensoverdracht KSZ
De persoonsgegevens van Unieburgers en hun familieleden met een E/EU kaart of F kaart worden overgemaakt aan DVZ vanaf:
- het ogenblik dat de POD MI minstens 90 dagen leefloon (maatschappelijke integratie met uitzondering van alle tewerkstellingsmaatregelen) over de laatste 12 maanden heeft terugbetaald.
de eerste maand waarin de POD MI leefloon (maatschappelijke integratie met uitzondering van alle tewerkstellingsmaatregelen) heeft terugbetaald, wanneer de betrokkene voorheen al equivalent leefloon (maatschappelijke dienstverlening met uitzondering van dringende medische hulp) in de opstartfase met de bijlage 19/19ter heeft genoten.
Omwille van technische redenen kunnen de gegevens van Unieburgers en hun familieleden met een bijlage 19 of bijlage 19ter die equivalent leefloon ontvangen niet worden overgemaakt aan DVZ. Wanneer het in de toekomst mogelijk is, zal deze gegevensoverdracht plaatsvinden vanaf de eerste maand waarin de POD MI equivalent leefloon (maatschappelijke dienstverlening met uitzondering van dringende medische hulp) heeft terugbetaald. De persoonsgegevens van Unieburgers en hun familieleden met een bijlage 19 of bijlage 19ter die een tewerkstellingsmaatregel genieten, worden in geen geval overgemaakt.
De persoonsgegevens van familieleden van Belgen met een E/EU kaart of F kaart worden overgemaakt aan DVZ vanaf:
- het ogenblik dat de POD MI minstens 90 dagen leefloon (maatschappelijke integratie met uitzondering van alle tewerkstellingsmaatregelen) over de laatste 12 maanden heeft terugbetaald.
de eerste maand waarin de POD MI leefloon (maatschappelijke integratie met uitzondering van alle tewerkstellingsmaatregelen) heeft terugbetaald, wanneer de betrokkene voorheen equivalent leefloon (maatschappelijke dienstverlening met uitzondering van dringende medische hulp) heeft genoten in de opstartfase met de bijlage 19/19ter.
Omwille van technische redenen kunnen de gegevens van familieleden van Belgen met een bijlage 19 of bijlage 19ter die equivalent leefloon (maatschappelijke dienstverlening met uitzondering van dringende medische hulp) ontvangen niet worden overgemaakt aan DVZ. Wanneer het in de toekomst mogelijk is, zal de gegevensoverdracht plaatsvinden vanaf de eerste maand waarin de POD MI equivalent leefloon (maatschappelijke dienstverlening met uitzondering van dringende medische hulp maar met inbegrip van een tewerkstellingsmaatregel) heeft terugbetaald.
De databank van de POD MI met de persoonsgegevens van Belgen die (equivalent) leefloon genieten, is op dit moment nog niet operationeel. Van zodra dit wel het geval is, kan DVZ nagaan of de Belg die zich laat vervoegen door een familielid in het kader van gezinshereniging (equivalent) leefloon geniet.
De persoonsgegevens van derdelands studenten met een A kaart worden overgemaakt aan DVZ vanaf het ogenblik dat de POD MI vier maanden equivalent leefloon (maatschappelijke dienstverlening met uitzondering van dringende medische hulp) heeft terugbetaald.
De persoonsgegevens van familieleden van derdelanders met een A kaart worden overgemaakt aan DVZ vanaf:
- het ogenblik dat de POD MI vier maanden equivalent leefloon (maatschappelijke dienstverlening met uitzondering van dringende medische hulp) heeft terugbetaald.
zij maatschappelijke dienstverlening in de vorm van een tewerkstellingsmaatregel genieten.
De databank van de POD MI met de persoonsgegevens van familieleden van derdelanders met een hangende gezinsherenigingsaanvraag die equivalent leefloon (maatschappelijke dienstverlening met uitzondering van dringende medische hulp) genieten, is op dit moment nog niet operationeel. Van zodra dit wel het geval is, kan DVZ nagaan of het familielid van een derdelander met een hangende gezinsherenigingsaanvraag equivalent leefloon (maatschappelijke dienstverlening met uitzondering van dringende medische hulp) geniet.
De persoonsgegevens van familieleden van een derdelander met een hangende gezinsherenigingsaanvraag die maatschappelijke dienstverlening in de vorm van een tewerkstellingsmaatregel genieten, worden door de POD MI aan DVZ overgemaakt.
Meer info
OCMW- wetgeving
Verblijfswetgeving
Wet van 15 december 1980 - verblijfswet
Koninklijk besluit van 8 oktober 1981 - verblijfsbesluit
Documenten