NBMV & het Migratie- en asielpact: voogdij, leeftijdsbepaling en waarborgen

In het kort

Doorheen het Migratie- en asielpactzijn er een aantal wijzigingen en nieuwe waarborgen voor niet-begeleide minderjarige vreemdelingen (NBMV). Zo moet een NBMV vanaf het begin van de asielprocedure bijgestaan worden door een (voorlopige) vertegenwoordiger. Het CGVSvoert de leeftijdsbepaling uit voor verzoekers om internationale bescherming, en niet langer de Dienst Voogdij van de Federale Overheidsdienst Justitie. We geven een overzicht in dit artikel.

Toewijzing voogd binnen 15 werkdagen

Wanneer een verzoek om internationale  bescherming (VIB) gedaan wordt door een niet-begeleide persoon die beweert minderjarig te zijn of ten aanzien van wie er objectieve redenen zijn om aan te nemen dat hij minderjarig is, wordt er:

  • zo spoedig mogelijk, en in ieder geval op tijd om de NBMV bij te staan tijdens de asielprocedure en de leeftijdsbeoordeling, een voorlopige vertegenwoordiger aangeduid. Deze persoon heeft de nodige vaardigheden en deskundigheid om de minderjarige voorlopig bij te staan om zijn belang en algemeen welzijn te beschermen. De voorlopige vertegenwoordiger vergezelt de NBMV ook tijdens de screening en bij de afname van biometrische gegevens.
  • zo spoedig mogelijk en ten laatste 15 werkdagen na het doen van het VIB wordt een vertegenwoordiger aangeduid. In uitzonderlijke situaties kan deze termijn met 10 werkdagen worden verlengd.

In België wordt de taak van vertegenwoordiger uitgevoerd door een voogd. De Dienst Voogdij van de Federale Overheidsdienst Justitie stelde tot nog toe de voogden aan. De voorlopige voogd is aanwezig bij de registratie van het VIB bij DVZ en neemt de voogdij op tot duidelijk is waar de NBMV in de tweede fase verblijft. Tot nu toe werd meestal pas in die tweede fase een voogd aangeduid, en alleen als de minderjarigheid was bevestigd. Voortaan wordt ook een (voorlopige) voogd aangeduid wanneer nog niet vaststaat of de verzoeker een NBMV is.

Een (voorlopige) voogd mag maximaal 30 NBMV tegelijk bijstaan; in uitzonderlijke situaties maximaal 50.

De Belgische Voogdijwet is nog niet aangepast aan deze wijzigingen.  We actualiseren dit nieuwsbericht wanneer de wetswijziging in werking treedt.

Leeftijdsbepaling door CGVS via multidisciplinaire beoordeling

Het CGVS wordt bevoegd voor de leeftijdsbeoordeling van verzoeken om internationale bescherming (VIB) ingediend vanaf 12 juni 2026. De leeftijdsbepaling van personen die geen VIB doen blijft de bevoegdheid van de Dienst Voogdij.

Als er twijfel bestaat over de minderjarigheid door de verklaringen van de VIB, beschikbare documenten of andere aanwijzingen, kan het CGVS een leeftijdsbepaling doen. Dit is in de eerste plaats een multidisciplinaire beoordeling:

  • uitgevoerd door gekwalificeerde beroepsbeoefenaars
  • die minstens een psychosociale beoordeling omvat
  • niet uitsluitend gebaseerd mag zijn op het fysieke voorkomen of het gedrag van de verzoeker

Beschikbare documenten, over de leeftijd, worden als echt beschouwd, tenzij het tegendeel is bewezen. Ook verklaringen van minderjarigen worden in aanmerking genomen.

Pas als er na de multidisciplinaire beoordeling twijfel blijft over de leeftijd, kunnen medische onderzoeken als laatste uitweg worden gebruikt. Ze moeten dan aan de volgende voorwaarden voldoen

  • Ze zijn zo weinig mogelijk ingrijpend en eerbiedigen de waardigheid van het individu.
  • Ze worden uitgevoerd door medische beroepsbeoefenaars met ervaring en deskundigheid in leeftijdsbepaling.
  • De resultaten ervan worden samen met de multidisciplinaire beoordeling geanalyseerd.
  • De verzoeker en zijn ouders of voogd geven voor het onderzoek een geïnformeerde toestemming 

De weigering van een medisch onderzoek kan worden beschouwd als een weerlegbaar vermoeden dat de verzoeker niet minderjarig is.

Het CGVS zal als medisch onderzoek nog steeds een 'triple test' gebruiken. Deze bestaat uit 3 radiografieën: van gebit, sleutelbeen en pols.

Lees meer over hoe het CGVS deze beoordeling in de praktijk uitvoert.

DVZ kan een beslissing over de leeftijdsbepaling van een andere lidstaaterkennen, op voorwaarde dat deze in overeenstemming met het Unierecht werd genomen.

Het pact voorziet niet dat een leeftijdsbeslissing van een andere dienst, zoals de Dienst Voogdij, kan worden erkend door DVZ of zonder meer mag worden overgenomen door het CGVS. Het is nog onduidelijk hoe het CGVS met een leeftijdsbeoordeling door de Dienst Voogdij zal omgegaan, bijvoorbeeld als iemand eerst geen VIB doet, de Dienst Voogdij een leeftijdsbeslissing nam en deze persoon later toch een VIB doet.

Een beroep tegen de leeftijdsbeslissing van het CGVS is mogelijk bij de Raad van State. Die behandelt ook de beroepen tegen leeftijdsbeslissingen van de Dienst Voogdij.

 

Waarborgen voor NBMV doorheen het pact

Doorheen het pact worden een aantal waarborgen voor NBMV toegevoegd of verduidelijkt.

  • De snellere toewijzing van een (voorlopige) voogd
  • De juridisch adviseur van een minderjarige mag aanwezig zijn bij het AMMR-onderhoud (vroeger: Dublin-interview). Dit onderhoud wordt op kindgerichte wijze gevoerd door iemand met de nodige kennis van de rechten en bijzondere behoeften van minderjarigen. Tot nu toe mocht (en moest) enkel de voogd aanwezig zijn bij het Dublin-interview van een NBMV. Zijn aanwezigheid blijft verplicht en voortaan mag ook een juridisch adviseur aanwezig zijn. Daartegenover staat dat de bevoegde lidstaat volgens AMMR voor een NBMV voortaan de lidstaat is waar het verzoek voor het eerst is geregistreerd, als er geen gezinsleden, broers, zussen of familieleden wettig in de EU zijn, én als dit in het belang van het kind is. Tot nu was dit de lidstaat waar het verzoek voor het laatst was geregistreerd.
  • Elke besluit om een NBMV over te dragen in het kader van AMMR wordt voorafgegaan door een individuele beoordeling van het belang van het kind.
  • De versnelde behandelingsprocedure mag alleen op NBMV-verzoeker toegepast worden in onderstaande situaties.
    1. De NBMV is afkomstig uit een veilig derde land van herkomst.
    2. De NBMV is een gevaar voor de nationale veiligheid of de openbare orde.
    3. De NBMV deed een volgend verzoek, maar dit is geen niet-ontvankelijk verzoek.
    4. De NBMV misleidde de autoriteiten opzettelijk.
    5. De NBMV heeft de nationaliteit van een derde land waarvoor de erkenningsgraad 20% of minder is of, in het geval van een staatloze, had zijn gewone verblijfplaats in zulk land. 
  • De grensprocedure wordt alleen toegepast op een NBMV als er redelijke gronden zijn om aan te nemen 
    • dat de verzoeker een gevaar vormt voor de nationale veiligheid of de openbare orde van de lidstaat, of 
    • dat de verzoeker onder dwang was uitgezet om ernstige redenen van nationale openbare veiligheid of openbare orde op basis van het nationale recht.
  • Bij de beoordeling van het bestaan van een binnenlands beschermingsalternatief houdt het CGVS rekening met het belang van de NBMV, waaronder de beschikbaarheid van duurzame en passende zorg en opvang.
  • Minderjarigen worden in de regel niet in opgesloten in een gesloten centrum. Dit kan enkel als maatregel in laatste instantie, als de opsluiting in hun belang is én voor NBMV enkel wanneer zij erdoor worden beschermd. In België mag een NBMV niet worden vastgehouden in een gesloten centrum.