Samenvatting
De overheid heeft bij het nemen van de bestreden beslissing manifest onredelijk gehandeld door in haar motieven op geen enkele wijze in te gaan op de toepassing van art. 6 van de Dublin II-verordening, terwijl de gemachtigde van de minister verzoekster wel degelijk heeft geregistreerd als niet-begeleide minderjarige vreemdeling en verzoekster hierop uitdrukkelijk had gewezen in haar schrijven dat zich in het administratief dossier bevindt. De overige motieven volstaan niet om de bestreden beslissing afdoende te schragen. Er werd een schending van de motiveringsplicht aangetoond die volstaat om tot de nietigverklaring van de bestreden beslissing te besluiten.