Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 31.194 - 4-09-2009

Samenvatting

In een verzoek tot nietigverklaring van een beslissing van de DVZ tot weigering van een visum gezinshereniging, argumenteert de eiser dat de DVZ geen grondig onderzoek gedaan heeft naar de Marokkaanse huwelijksontbinding die het huwelijk op grond waarvan het visum werd aangevraagd vooraf ging en daarom ten onrechte besliste om deze huwelijksontbinding niet te erkennen omdat het een verstoting betreft. Bijgevolg weigert de DVZ ook de erkenning van het daaropvolgende huwelijk. De RvV stelt vast dat de DVZ op geen enkele manier uitlegt waarom hij de huwelijksontbinding als een verstoting heeft gekwalificeerd. Gezien de bewoording van de Marokkaanse akte van huwelijksontbinding is niet uit te sluiten dat de DVZ een fout heeft begaan bij de kwalificatie van de huwelijksontbinding en bijgevolg de motivering van de weigeringsbeslissing gesteund heeft op een foutieve interpretatie van de feiten. De weigeringsbeslissing van de DVZ wordt daarom vernietigd