Samenvatting
Bij een Sri Lankaanse Tamil worden tijdens een medisch onderzoek een aantal littekens vastgesteld die het gevolg lijken te zijn van slagen en mishandeling. Naar aanleiding daarvan ziet een psychologe hem een aantal keer. Hij doet ook een heel kort vluchtverhaal, komt apathisch en kort van stof over. De psychologe vermoedt dat dit het gevolg is van hyporeactie. Bij hyporeactie schermt de persoon zich emotioneel en fysiek erg af als gevolg van een traumatische gebeurtenis. Tijdens het verhoor door CGVS zegt hij enkel geslagen, mishandeld en gemarteld te zijn geweest. CGVS is hier niet op ingegaan en heeft geen verdere vragen gesteld. De bestreden beslissing stelt dat de verwondingen geen bewijs zijn van vervolging. De medische attesten geven niet aan wat de oorzaak van de wonden is, wie ze heeft aangebracht of wat de reden daarvoor was. Het vermoeden van hyporeactie is geen bewijs van een traumatische ervaring. De oorzaak van hyporeactie is niet aangetoond. Een aantal tegenstrijdigheden kunnen niet toegeschreven worden aan hyporeactie. Bij het verzoekschrift voegt zit een verslag van een onderzoek door dokter D. Daniel van de VZW ‘Constats’. Tijdens dit onderzoek, dat dateert van na de bestreden beslissing, heeft de verzoeker de folteringen tijdens zijn arrestatie beschreven en heeft hij verklaard sexueel te zijn misbruikt. De beschrijving van het verhaal komt overeen met de vaststellingen van de arts. Deze vermoedt dat de terughoudendheid en apathie tijdens het gesprek met de centrumpsychologe verklaard kunnen worden door het feit dat hij voorheen nog nooit over de gebeurtenissen had gesproken. De RvV besluit dat de zorgvuldigheidsplicht geschonden is omdat het CGVS bij de weigering van de vluchtelingenstatus niet voldoende rekening heeft gehouden met de gegevens van de medische attesten en het schrijven van de centrumpsychologe. Deze gegevens worden ook bevestigd door het verslag van Dr. Daniel. De door de verzoeker opgelopen littekens nopen een verder onderzoek van