Samenvatting
Verzoekers stellen met één enkel verzoekschrift een cassatieberoep in tegen vier onderscheiden arresten van de RvV. De RvV heeft de vier zaken niet samengevoegd en geoordeeld dat zij niet samenhangend waren. Dit blijkt des te meer hieruit dat de vier arresten ieder een eigen uitgebreide motivering ten gronde bevatten, waarna er slechts op het einde van ieder arrest ‘bovendien’ en zonder verwijzing naar de motieven op wordt gewezen dat de aanvragen van de drie andere familieleden met afzonderlijke arresten zijn verworpen. Het gaat hier om een feitelijke beoordeling die door de RvS als administratieve cassatierechter niet opnieuw kan worden in vraag gesteld, door één enkel verzoekschrift in te dienen. De RvS stelt ambtshalve vast dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk is.