Raad van State - 220.321 - 13-07-2012

Samenvatting

Niettegenstaande de persoonlijke betrokkenheid en de doelstellingen van de organisatie overwoog de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen dat de verwerende partij niet moest worden uitgesloten van het statuut van vluchteling. Hij stelde dat “geen van de stukken uit het administratief dossier toelaat om met voldoende nauwkeurigheid en zekerheid met betrekking tot de materialiteit van de feiten, het beoogde doel of de gebruikte methodes te typeren” en dat “de feiten die hij als vaststaand beschouwt, niet de grens bereiken om hen te kwalificeren als handelingen die ingaan tegen het doel en de principes van de Verenigde Naties”. Het bestreden arrest spreekt zichzelf tegen en laat niet toe te begrijpen waarom geen enkel stuk uit het dossier dat voorlag toelaat “om met voldoende nauwkeurigheid en zekerheid met betrekking tot de materialiteit van de feiten, het beoogde doel of de gebruikte methodes te typeren”. Het gaat over het niveau van het vereiste bewijs. Om iemand uit te sluiten van internationale bescherming moet het CGVS de feiten niet bewijzen in strafrechtelijke zin. Het volstaat om vast te stellen dat er serieuze redenen zijn om te denken dat de asielzoeker feiten heeft gepleegd die zijn uitsluiting rechtvaardigen. Dit houdt in dat het vermoeden van onschuld uit het strafrecht hier niet geldt. Gezien het gezag van gewijsde van het vonnis van de correctionele rechtbank van 16 februari 2006 staat de materialiteit van de feiten, die het CGVS de asielzoeker ten laste legt, vast. De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen kon niet beslissen dat de verwerende partij in haar beslissing de materiële of intellectuele diensten die de verzoekende partij leverde ter logistieke ondersteuning van een terroristische organisatie niet preciseert. Hij kon niet stellen dat “de verwerende partij geen enkel exact feit heeft bewezen dat zou doen denken dat de verzoekende partij zich in het kader van zijn activiteiten bij XXX schuldig heeft gemaakt aan handelingen die ingaan tegen het doelen de principes van de Verenigde Naties”.