Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 188.510 - 16-06-2017

Samenvatting

Verzoekster stelt dat haar raadsman aangaf dat de vertrouwensrelatie die zij met de behandelende artsen heeft cruciaal is in het kader van haar genezingsproces. Zij toont hiermee, nu niet blijkt dat haar raadsman een arts is, niet aan dat de door verweerder aangestelde ambtenaar-geneesheer een medisch attest over het hoofd heeft gezien of een nuttige medische vaststelling niet bij zijn beoordeling betrok. Bovendien, zelfs indien verzoekster een vertrouwensband zou hebben met haar artsen en deze een invloed heeft op haar behandeling – wat niet vaststaat –, dan nog vloeit voor de door verweerder aangestelde controlearts uit artikel 9ter van de Vreemdelingenwet slechts de verplichting voort om na te gaan of een adequate behandeling beschikbaar en toegankelijk is en verzoekster maakt niet aannemelijk dat indien zij wordt behandeld door een arts met wie zij geen vertrouwensrelatie heeft deze behandeling niet adequaat kan zijn.
 
(…)
 
Deze arts dient dus niet na te gaan of alle behandelingsmogelijkheden die in België aanwezig zijn ook in het land van herkomst van de aanvrager beschikbaar zijn. In voorliggende zaak heeft de door verweerder aangestelde ambtenaar-geneesheer inzake de mentale problemen van verzoekster aangetoond dat een medicamenteuze behandeling in Rusland tot de mogelijkheden behoort, dat psychiatrische of psychologische zorgen, zowel ambulant als in een ziekenhuis er beschikbaar zijn en dat er in dat land ook een ondersteuning door sociale werkers kan worden verkregen. Het gegeven dat de specifieke therapie die verzoekster in België wenst te volgen in Rusland nog niet zou worden aangewend impliceert niet dat de door verweerder aangestelde controlearts onterecht oordeelde dat zij in Rusland over een adequate behandeling kan beschikken.
 
(…)
 
Verzoekster toont ook niet aan dat zij geen vertrouwensband kan opbouwen met artsen in haar land van herkomst, tot wie zij zich kan richten in haar moedertaal. Zij gaat ook voorbij aan het gegeven dat de psychiater die zij consulteerde aangeeft dat zij best elders een meer aangepaste therapie kan volgen en deze arts dus schijnbaar niet zo veel belang hechtte aan de vertrouwensband als onderdeel van haar genezingsproces.