Samenvatting
De bestreden beslissing werd in het Nederlands opgesteld. De Dienst Vreemdelingenzaken is niet vrij in het kiezen van één van de landstalen bij het behandelen van een visumaanvraag. Een visumaanvraag die ingediend wordt in het buitenland door een vreemdeling betreft een aangelegenheid die niet gelokaliseerd of lokaliseerbaar is in één van de taalgebieden van België. De taal van de behandelende ambtenaar is doorslaggevend voor de taal waarin de beslissing dient te worden opgesteld. Onder behandelend ambtenaar moet worden verstaan het personeelslid dat de zaak werkelijk behandelt en niet het hoofd van de dienst of de ambtenaar die ondertekent. In casu was de behandelend ambtenaar Franstalig. De Raad stelt vast dat art. 17§1 van de Taalwet Bestuurszaken waarna art. 39§1 van diezelfde wet verwijst, geschonden is. De beslissing houdende de weigering van het verzoek tot afgifte van een visum gezinshereniging wordt vernietigd.