Samenvatting
Waar verzoeker kritiek uit op het feit dat het persoonlijk onderhoud heeft plaatsgenomen in het Engels, treedt de Raad de bestreden beslissing bij dat dit geen problemen heeft opgeleverd. Verzoeker kan niet dienstig voorhouden dat de beslissing om die reden strijdig zou zijn met artikel 51/4, § 1, eerste lid, van de Vreemdelingenwet, omdat het ‘onderzoek’ van het verzoek om internationale bescherming in verzoekers geval wel degelijk in het Nederlands plaatsvond. Deze wetsbepaling slaat enkel op de taal die het bestuur aanwendt bij de behandeling van het dossier en houdt niet in dat de tolk, of de verzoeker om internationale bescherming in zijn communicatie het Nederlands zou moeten gebruiken. Verzoekers advocaat maakte tijdens en na afloop van het persoonlijk onderhoud weliswaar opmerkingen en correcties over, maar deze zijn niet van die aard dat zij een impact hebben of doorslaggevend kunnen zijn in het kader van de beoordeling van verzoekers verklaringen. De Raad wijst er bijkomend op dat de gebruik werd gemaakt van etranslation, een geavanceerde en neutrale vertaaldienst van de Europese Commissie die de nodige garanties biedt op vlak van veiligheid, gegevensopslag en gegevensverwerking binnen de EU. Deze vertaling werd bovendien achteraf nog nagekeken. Verzoeker werpt met zijn kritiek op het persoonlijk onderhoud aldus geen ander licht op de beoordeling van zijn verzoek om internationale bescherming.