Rechtspraak

(Sudita Keita t. Hongarije) Artikel 8 EVRM (recht op gezins- en privéleven)
Staatloosheid
VN-Verdrag betreffende de status van staatlozen
positieve verplichting
Langdurige moeilijkheden voor staatlozen om hun rechtspositie te regulariseren
Onzekerheid van de rechtspositie met negatieve gevolgen voor de toegang tot gezondheidszorg en werk
Gebrek aan een doeltreffende en toegankelijke procedure of een combinatie van procedures die het mogelijk maken om verder verblijf en status vast te stellen met inachtneming van de belangen van het privéleven
Onvermogen om te voldoen aan wettelijke vereisten voor de status van staatlozen in strijd met de internationale publiekrechtelijke verplichtingen
Vreemdelingenrecht
Indiening van een verblijfsaanvraag
Retributie tot dekking van de administratieve kosten
vernietiging voor zover erkende staatlozen niet zijn vrijgesteld
verwerping van de beroepen voor het overige
Prejudiciële vraag
art. 1, achtste lid Wet Gewaarborgde Gezinsbijslag
art. 10 en 11 Gw.
Conventie van Genève
Staatlozenverdrag
toekenningsvoorwaarde
regelmatig verblijf in België
erkende staatloze
geen automatisch verblijfsrecht
erkende vluchteling
wel verblijfsrecht
vergelijkbare situatie
verschil in behandeling
niet redelijk verantwoord
discriminatie wegens ontstentenis verblijfsbepaling staatlozen
lacune in de wetgeving
art. 49 Vw.
geen gelijkwaardige bepaling
schending