Rechtspraak

(M.A. t. België) Soedanese transitmigrant
verwijdering naar Soedan zonder onderzoek van het risico op slechte behandeling– afstand van verzoek tot internationale bescherming– ondertekening verklaring van “vrijwillige” terugkeer na gerechtelijk verbod tot verwijdering
terugkeer niet vrijwillig
positieve procedurele verplichtingen
schending art. 3 EVRM (verbod op foltering en onmenselijke en vernederende behandeling)
schending art. 13 EVRM (recht op daadwerkelijk rechtsmiddel) juncto 3 EVRM
geen schorsend rechtsmiddel
(Muhammad en Muhammad t. Roemenië) Schending artikel 1 Protocol 7 (Procedurele waarborgen met betrekking tot de uitzetting van vreemdelingen)
uitzetting om redenen van nationale veiligheid
niet op de hoogte van feitelijke beschuldigingen
geen doeltreffende compenserende maatregelen
Recht om op de hoogte te worden gesteld van de relevante feitelijke elementen die aan het verwijderingsbesluit ten grondslag liggen
Recht op toegang tot de inhoud van de documenten en de informatie waarop de bevoegde nationale autoriteit zich beroept
Vereiste dat beperkingen van deze rechten naar behoren worden gemotiveerd door de bevoegde onafhankelijke autoriteit en voldoende worden gecompenseerd door tegenwichtmaatregelen, met inbegrip van procedurele waarborgen
Ondoeltreffende verdediging door advocaten zonder toegang tot informatie over het dossier
Betrokkenheid van de hoogste gerechtelijke instantie een aanzienlijke waarborg, maar onvoldoende bij gebrek aan informatie over de aard en de omvang van het toegepaste toezicht
(S.A. t. Nederland) Geen schending artikel 3 EVRM bij uitwijzing naar Soedan
geen schending artikel 13 EVRM
Soedan
geloofwaardigheid
Algemene situatie die op zich geen risico van mishandeling in strijd met het Verdrag inhoudt
Niet-Arabische etnische afkomst: op zich geen risico van vervolging of ernstige schade in Khartoem
Geen betrokkenheid bij verzet tegen het huidige regime of andere individuele factoren of aanwijzingen voor een negatief belang van de autoriteiten
(Azerkane t. Nederland) Artikel 8 EVRM
Uitzetting
Gerechtvaardigde beslissingen om een verblijfsvergunning in te trekken en een inreisverbod van tien jaar op te leggen, geboren en getogen in Nederland
Bedreiging van de openbare orde en veiligheid
Geen bewijs voor de onmogelijkheid of uitzonderlijke moeilijkheid om zich in Marokko te vestigen
Zeer ernstige gevolgen van de bestreden maatregelen voor het gezin en het privéleven van verzoeker, gelet op de duur van zijn verblijf in Nederland en de beperkte banden met Marokko
Billijk evenwicht
(Bilalova e.a. tegen Polen) Artikel 5, lid 1, onder f)
Uitzetting
Onregelmatige verlenging van de detentie van kinderen na afwijzing van de vluchtelingenstatus
Plaatsing in een gevangenisachtige structuur
alternatieve maatregelen niet overwogen
Gebrek aan zorgvuldigheidseisen van autoriteiten om de duur van de detentie van de kinderen tot het strikte minimum te beperken
Geen schending artikel 3 EVRM
(Asady en anderen t. Slovakije) Geen schending artikel 4, Protocol nr. 4 EVRM (4 rechters tegen 3)
verbod op collectieve uitzetting– Verwijdering van Afghanen naar Oekraïne
geen asielaanvraag in Slovakije
geen individueel onderzoek
geen aanwijzing van risico behandeling die het EVRM zou schenden
(Makdoudi t. België) Schending art. 5 §4
detentie
recht op een effectief rechtsmiddel
geen definitieve gerechtelijke beslissing na ongeveer 4 maanden
schending artikel 8 EVRM (recht op gezins- en privéleven)
vader van Belgisch kind
geen voldoende belangenafweging bij verwijderingsmaatregel
(N.D. en N.T. t. Spanje) Artikel 1 EVRM
pushback operatie van Melilla (Spanje) naar Marokko
Effectieve controle door de Spaanse rechtsmacht
artikel 4, Protocol nr. 4 EVRM
verbod op collectieve uitzetting– in principe toepasselijk op pushbacks
uitzondering bij schuldig gedrag van betrokkenen
geen schending
artikel 13 EVRM
recht op daadwerkelijk rechtsmiddel
geen schending
(D. en anderen t. Roemenië) Geen schending art. 2 (recht op leven) en art. 3 EVRM (verbod op foltering en onmenselijke en vernederende behandeling)
uitwijzing van Soenniet naar Irak na veroordeling gerelateerd aan terrorisme
onvoldoende individueel risico
schending art. 13 EVRM (daadwerkelijk rechtsmiddel)
Beroep niet van rechtswege schorsend
geen schending artikel 8 EVRM (recht op gezins- en privéleven)
(A.I. t. Zwitserland) Artikel 2 EVRM
recht op leven
artikel 3 EVRM
verbod van foltering en onmenselijke en vernederende behandeling
Soedanese asielzoekers
begrip vluchteling “sur place”
politieke activiteiten in het land van verblijf
opsporing door Soedanese inlichtingendiensten
risico op mishandeling bij terugkeer naar Soedan
analyse van de politieke activiteiten in concreto
schending (A.I)
geen schending (N.A.)
(N.A. t. Zwitserland) Artikel 2 EVRM
recht op leven
artikel 3 EVRM
verbod van foltering en onmenselijke en vernederende behandeling
Soedanese asielzoekers
begrip vluchteling “sur place”
politieke activiteiten in het land van verblijf
opsporing door Soedanese inlichtingendiensten
risico op mishandeling bij terugkeer naar Soedan
analyse van de politieke activiteiten in concreto
schending (A.I)
geen schending (N.A.)
(Khlaifia en andere t. Italië) Grote Kamer
Detentie
Lampedusa
Schending artikel 5 § 1 (recht op vrijheid en veiligheid)
Schending artikel 5 § 2
Schending artikel 5 § 4
geen schending artikel 3
geen schending artikel 4 van protocol 4
Schending van artikel 13 iuncto artikel 3
geen schending artikel 13 iuncto 4 Protocol nummer 4.
(Muskhadzhiyeva e.a. t. België) Asielaanvraag
Dublinverordening
opsluiting in gesloten centrum
moeder met vier minderjarige kinderen
medisch attest AZG
post traumatische stress kinderen- ernstige psychische en psychosomatische klachten
Raadkamer
KI
weigering tot invrijheidsstelling
cassatieberoep
uitwijzing naar Polen
beroep zonder voorwerp
rapport Poolse psycholoog
verergering psychische toestand t.g.v. opsluiting in België
EHRM
verplichting om rechten en vrijheden in EVRM te waarborgen
arrest Tabitha
opsluiting langer dan een maand
omgeving onaangepast aan kinderen
geen rekening met medische attesten van onafhankelijke artsen
schending art. 3 EVRM in hoofde van de kinderen
schending art. 5, § 1 EVRM in hoofde van de kinderen
morele schadevergoeding