Verstrenging voorwaarde van voldoende studievoortgang voor derdelands studenten

In het kort

Met een KB van 7-5-2026 wordt artikel 104 Verblijfsbesluit vervangen. Hierdoor gelden vanaf academiejaar 2026-2027 strengere regels met betrekking tot het aantal studiepunten (‘credits’) die derdelands studenten moeten behalen om geen risico te lopen op een beëindiging of niet-verlenging van hun verblijf wegens overdreven verlenging van hun studies. Ook de regels met betrekking tot veranderen van studierichting wijzigen.

Minimaal te behalen aantal credits

Het aantal credits dat minimaal moet worden behaald is afhankelijk van het soort studie dat wordt gevolgd:

  • Voor een bacheloropleiding, een voortgezette bacheloropleiding ("bachelor na bachelor"), een postgraduaat of een certificaatopleiding geldt het volgende:
    • Na twee jaar minimaal 60 credits behalen. Dit is de meest ingrijpende wijziging, aangezien dit in de oude regelgeving slechts 45 credits was.
    • Voor elk daaropvolgend studiejaar moeten minstens 40 credits behaald worden. 
    • Daarnaast moet de student de opleiding succesvol beëindigen na het tweede, derde, vierde, vijfde of zesde jaar van zijn studie, wanneer deze opleiding respectievelijk 60, 90, 120, 180 of 240 credits omvat.
  • Voor een masteropleiding en voortgezette masteropleiding ("master na master") geldt het volgende:
    • Na het tweede of derde jaar van de studie minstens 60 of 120 credits behalen 
    • De opleiding succesvol beëindigden na het tweede, derde of vierde jaar, wanneer deze opleiding respectievelijk 60, 120 of 180 credits omvat;
  • Doctoraten moeten voortaan binnen de 6 jaar met vrucht worden afgerond.

Net zoals in de oude regeling wordt voor de beoordeling van het aantal credits enkel rekening gehouden met: 

  • De credits verworven in de huidige opleiding.
  • De behaalde credits uit voorafgaande opleidingen waarvoor in de huidige opleiding een vrijstelling werd verleend.

Verandering van studierichting

Ook de regels met betrekking tot veranderen van studierichting worden aangepast:

  • In de eerste drie jaar van zijn verblijf kan de student maximaal twee keer van studierichting veranderen indien hij geen van de eerste twee opleidingen succesvol beëindigde, ook indien hij volgens de hierboven vermelde regels wel voldoende credits behaalde.
  • Als de student van studierichting wilt veranderen naar een studie van een lager academisch niveau en de eerdere studie niet succesvol werd beëindigd, kan de aanvraag geweigerd worden indien na het tweede of derde jaar van de studie niet respectievelijk minstens 100 of 140 credits behaald werden. Als de vernieuwing wel wordt toegekend wordt de maximale termijn waarbinnen de credits moeten worden behaald of waarin de opleiding succesvol moet worden beëindigd met een jaar verminderd.
  • Als de student een voorbereidend jaar volgde en dit niet succesvol beëindigde wordt de maximale termijn waarbinnen de credits moeten worden behaald of waarin de opleiding succesvol moet worden beëindigd met een jaar verminderd.
  • Als de student een schakelprogramma, voorbereidingsprogramma of bijkomend programma van minstens 30 credits moet volgen om een masteropleiding of voortgezette masteropleiding ("master na master") te volgen, wordt de maximale termijn waarbinnen de credits moeten worden behaald of de opleiding succesvol moet worden afgerond met een jaar verlengd.

Facultatief karakter behouden

Het facultatieve karakter van deze beëindigingsgrond blijft behouden. Hierdoor kan Dienst Vreemdelingenzaken bij de beoordeling van de studievoortgang rekening houden met de persoonlijke situatie van de student. Net zoals in de oude regeling kan DVZ aan de student of aan de onderwijsinstelling alle informatie of documenten vragen die hij nuttig acht voor de beoordeling van de studievoortgang. Deze informatie of documenten moeten dan binnen de 15 dagen aangeleverd worden. Indien dit niet gebeurt kan DVZ een beslissing nemen zonder deze informatie of documenten af te wachten.

Inwerkingtreding: academiejaar 2026-2027

De nieuwe regels zijn van toepassing vanaf academiejaar 2026-2027. Dat betekent dat het verblijf van studenten met een verblijfsrecht voor academiejaar 2025-2026 gedurende het huidige academiejaar enkel kan beëindigd worden basis van de oude regels. De nieuwe regels zijn wel van toepassing zijn op studenten die na het huidige academiejaar een verlenging van hun verblijf aanvragen voor het academiejaar 2026-2027.