Einde van het verblijf

Familieleden die zelf tijdelijke bescherming genieten vallen onder de bepalingen die van toepassing zijn op tijdelijk beschermden. Dat betekent dat hun verblijf beëindigd kan worden door DVZ bij uitsluiting van status en wanneer er een einde komt aan de regeling van tijdelijke bescherming.

Het verblijf van familieleden die géén tijdelijke bescherming genieten en gemachtigd werden tot verblijf, kan door DVZ beëindigd worden in de volgende gevallen:

  • het verblijfrecht van de tijdelijk beschermde die je vervoegde werd beëindigd of de status van tijdelijk beschermde werd beëindigd of ingetrokken;
  • het familielid voldoet niet meer aan de voorwaarden voor gezinshereniging;
  • het familielid en de tijdelijk beschermde onderhouden geen werkelijk huwelijks- of gezinsleven (meer);
  • de (al dan niet) gelijkgestelde wettelijk geregistreerde partner of de tijdelijk beschermde die hij vervoegde, is gehuwd of heeft een wettelijk geregistreerd partnerschap afgesloten met een ander persoon.

Als DVZ overweegt om een einde te maken aan de verblijfsmachtiging moet het steeds rekening houden met het hoger belang van het kind.