Rechtspraak

(K.I. t. Frankrijk) Schending artikel 3, procedurele vlak (verbod op foltering, onmenselijke en vernederende behandelingen)
uitwijzing naar Rusland na beëindiging vluchtelingenstatuut na veroordeling wegens terrorisme
Behouden hoedanigheid vluchteling na beëindiging statuut
onvoldoend ex-nunc onderzoek van het non-refoulement beginsel ten aanzien van de bewaring van de hoedanigheid van vluchteling
behoren tot geviseerde groep door Russische autoriteiten
(Bivolaru en Moldovan t. Frankrijk) Artikel 3 (verbod op foltering, onmenselijke en vernederende behandelingen)
uitlevering aan Roemenië op basis van Europees aanhoudingsbevel
geen schending op basis van toekenning vluchtelingenstatus door Zweden 10 jaar eerder
vrees voor vervolging niet meer gegrond en actueel
geen schending wegens vluchtelingenstatuut
vermoeden van gelijkwaardige bescherming in de EU rechtsorde
fundamentele en structurele gebreken i.v.m. detentieomstandigheden in Roemenië
onvoldoende minimale individuele ruimte in de cel
Voldoende feitelijke basis om het vermoeden weer te leggen
schending artikel 3 wegens detentieomstandigheden
(Feilazoo t. Malta) Schending art. 34
Belemmering van de uitoefening van het recht op een individueel verzoekschrift voor het EHRM
Belemmering van de correspondentie tussen het EHRM en verzoeker door gevangenisautoriteiten, en ondoeltreffende vertegenwoordiging in rechte
Schending art 3 EVRM (materieel)
mensonterende behandeling
Inadequate detentieomstandigheden, in het bijzonder door de buitensporig strenge en lange periode van de facto isolatie, en blootstelling van verzoeker aan gezondheidsrisico's door onnodige plaatsing bij nieuwkomers in Covid-19 quarantaine
Schending artikel 5, lid 1
Rechtmatige detentie
Gronden voor verzoekers detentie niet gedurende gehele periode geldig, gelet op later ontbreken van vooruitzicht op uitzetting
Gebrek aan actieve en zorgvuldige stappen van autoriteiten met het oog op uitzetting van verzoeker tijdens detentieperiode
(R.R. e.a. t. Hongarije) Schending Art. 3 EVRM (materieel)
mensonterende behandeling
Leefomstandigheden in transitzone Röszke die de drempel van de ernst van de situatie overschrijden, gelet op de lange duur van de opsluiting gedurende bijna vier maanden
Schending Art. 5, §§ 1 en 4
Onwettige de facto-detentie in transitzone op basis van te ruime uitlegging van wettelijke bepalingen en bij gebreke van formele, met redenen omklede beslissing
ontbreken van tijdslimieten en mate van beperking van bewegingsvrijheid
Onmogelijkheid om rechterlijke toetsing van rechtmatigheid van detentie te vragen
Opvang
OTP
bijlage 26quater
specifieke traject
document van medewerking
gedwongen om te kiezen tussen twee fundamentele rechten
recht op vrijheid
recht op menselijke waardigheid
effectiviteit beroep
schorsende werking
art. 27 Dublin III-Vo.
art. 3 en 13 EVRM
recht op effectieve opvang is in huidige omstandigheden een illusie
(Usmanov t. Rusland) Schending artikel 8 (recht op privé- en gezinsleven)
vervallenverklaring Russische nationaliteit
onvolledige informatie over familieleden bij verkrijging nationaliteit
formalistische aanpak door nationale autoriteiten
Europees Verdrag inzake nationaliteit
onevenredige maatregel
verwijderingsbeslissing
vrouw en kinderen Russische burgers
geen belangenafweging door nationale autoriteiten
3.000 euro morele schadevergoeding
(Shiksaitov t. Slovakije) Schending Art. 5, lid 1, sub f
Uitlevering
Gebrek aan zorgvuldigheid van de autoriteiten bij de beoordeling van de toelaatbaarheid van de uitlevering van verzoeker aan zijn land van herkomst, ondanks de toekenning van de vluchtelingenstatus door een andere EU-lidstaat
Uitlevering gevraagd door het land waar verzoeker zou zijn vervolgd
Onderzoek van de Slowaakse autoriteiten gewettigd in het licht van de uitsluitingen van het Verdrag van Genève van 1951 met betrekking tot de extraterritoriale werking van de door Zweden toegekende vluchtelingenstatus
Algehele detentie van verzoeker in afwachting van zijn uitlevering heeft meer dan 21 maanden geduurd
Schending Art 5, § 5
Schadeloosstelling
Geen afdwingbaar recht op schadeloosstelling voor buitensporig lange detentie in strijd met art. 5, § 1
8.500 euro morele schadevergoeding
(Rotaru t. Moldavië) Schending artikel 2 Protocol 4 (vrijheid van verplaatsing)
weigering verlenging paspoort door ambtenaar van burgerlijke stand
wettelijke rechtsgrond summier
gebrek aan procedurele waarborgen tegen willekeur
geen onderzoek van juridische argumenten van verzoeker
geen evenredigheidstoets door nationale rechters
3.000 euro morele schadevergoeding
(M.A. t. België) Soedanese transitmigrant
verwijdering naar Soedan zonder onderzoek van het risico op slechte behandeling– afstand van verzoek tot internationale bescherming– ondertekening verklaring van “vrijwillige” terugkeer na gerechtelijk verbod tot verwijdering
terugkeer niet vrijwillig
positieve procedurele verplichtingen
schending art. 3 EVRM (verbod op foltering en onmenselijke en vernederende behandeling)
schending art. 13 EVRM (recht op daadwerkelijk rechtsmiddel) juncto 3 EVRM
geen schorsend rechtsmiddel
(Muhammad en Muhammad t. Roemenië) Schending artikel 1 Protocol 7 (Procedurele waarborgen met betrekking tot de uitzetting van vreemdelingen)
uitzetting om redenen van nationale veiligheid
niet op de hoogte van feitelijke beschuldigingen
geen doeltreffende compenserende maatregelen
Recht om op de hoogte te worden gesteld van de relevante feitelijke elementen die aan het verwijderingsbesluit ten grondslag liggen
Recht op toegang tot de inhoud van de documenten en de informatie waarop de bevoegde nationale autoriteit zich beroept
Vereiste dat beperkingen van deze rechten naar behoren worden gemotiveerd door de bevoegde onafhankelijke autoriteit en voldoende worden gecompenseerd door tegenwichtmaatregelen, met inbegrip van procedurele waarborgen
Ondoeltreffende verdediging door advocaten zonder toegang tot informatie over het dossier
Betrokkenheid van de hoogste gerechtelijke instantie een aanzienlijke waarborg, maar onvoldoende bij gebrek aan informatie over de aard en de omvang van het toegepaste toezicht
(M.K. en anderen t. Polen) Schending art. 3 EVRM (verbod op foltering, onmenselijke en vernederende behandeling)
gezin Tsjetsjeense asielzoekers
geen toegang tot asielprocedure aan de grens
schending artikel 4, Protocol nr. 4 EVRM (verbod op collectieve uitzetting)
verklaringen en documenten van asielzoekers meermaals genegeerd door de grenspolitie
schending art. 13 EVRM (recht op daadwerkelijk rechtsmiddel)
geen schorsend beroep
schending art. 34 EVRM
uitwijzing en weigering behandeling asielaanvraag ondanks voorlopige maatregelen (art. 39 Procedurereglement)
Opvang
verzoeker om internationale bescherming
online afsprakensysteem voor verzoek om internationale bescherming
eerder negatieve Dublinbeslissing, maar bijlage 26quater verstreken zonder transfer
wettelijke taak Fedasil
Coronacrisis
pandemie
risico op besmetting
precaire daklozenopvang
hoger belang van het kind
organisatorische redenen eigen aan de aangepaste werking DVZ niet afwentelen op gezin
volksgezondheid
gegrond
verplichting Fedasil om opvang te verlenen
(Moustahi t. Frankrijk) Niet-begeleide minderjarigen
terugdrijving aan de grens van Mayotte naar de Comoren
geen voogd aangesteld
willekeurige verbinding met onbekende volwassene
schending art. 3 EVRM (verbod op foltering en onmenselijke en vernederende behandeling)
schending art. 5§1 EVRM (recht op vrijheid en veiligheid)
schending art. 5 §4 (recht op een effectief rechtsmiddel tegen detentiebeslissing)
schending artikel 8 EVRM (recht op gezins- en privéleven)
schending artikel 4, Protocol nr. 4 EVRM
verbod op collectieve uitzetting– schending art. 13 EVRM (recht op daadwerkelijk rechtsmiddel)
geen schorsend rechtsmiddel
Opvang
verzoeker om internationale bescherming
online afsprakensysteem voor verzoek om internationale bescherming
geen uitnodiging na verschillende weken
wettelijke taak Fedasil
Coronacrisis
pandemie
risico op besmetting door verblijf op straat
fysieke integriteit
volksgezondheid
gegrond
verplichting Fedasil om opvang te verlenen
(S.A. t. Nederland) Geen schending artikel 3 EVRM bij uitwijzing naar Soedan
geen schending artikel 13 EVRM
Soedan
geloofwaardigheid
Algemene situatie die op zich geen risico van mishandeling in strijd met het Verdrag inhoudt
Niet-Arabische etnische afkomst: op zich geen risico van vervolging of ernstige schade in Khartoem
Geen betrokkenheid bij verzet tegen het huidige regime of andere individuele factoren of aanwijzingen voor een negatief belang van de autoriteiten
(Azerkane t. Nederland) Artikel 8 EVRM
Uitzetting
Gerechtvaardigde beslissingen om een verblijfsvergunning in te trekken en een inreisverbod van tien jaar op te leggen, geboren en getogen in Nederland
Bedreiging van de openbare orde en veiligheid
Geen bewijs voor de onmogelijkheid of uitzonderlijke moeilijkheid om zich in Marokko te vestigen
Zeer ernstige gevolgen van de bestreden maatregelen voor het gezin en het privéleven van verzoeker, gelet op de duur van zijn verblijf in Nederland en de beperkte banden met Marokko
Billijk evenwicht
Opvang
verzoeker om internationale bescherming
online afsprakensysteem voor verzoek om internationale bescherming
geen uitnodiging na verschillende weken
wettelijke taak Fedasil
Coronacrisis
pandemie
risico op besmetting door verblijf op straat
fysieke integriteit
volksgezondheid
gegrond
verplichting Fedasil om opvang te verlenen
(Sudita Keita t. Hongarije) Artikel 8 EVRM (recht op gezins- en privéleven)
Staatloosheid
VN-Verdrag betreffende de status van staatlozen
positieve verplichting
Langdurige moeilijkheden voor staatlozen om hun rechtspositie te regulariseren
Onzekerheid van de rechtspositie met negatieve gevolgen voor de toegang tot gezondheidszorg en werk
Gebrek aan een doeltreffende en toegankelijke procedure of een combinatie van procedures die het mogelijk maken om verder verblijf en status vast te stellen met inachtneming van de belangen van het privéleven
Onvermogen om te voldoen aan wettelijke vereisten voor de status van staatlozen in strijd met de internationale publiekrechtelijke verplichtingen