Rechtspraak

(B.A. t. Cyprus) Schending art. 5, lid 1, onder f) EVRM
Willekeurige detentie van asielzoeker, langer dan twee jaar en negen maanden
enkel gebaseerd op redenen van nationale veiligheid
Geen voldoende nauw verband tussen aangevoerde redenen en doel om ongeoorloofde binnenkomst te voorkomen
Ongerechtvaardigde duur van detentie
art. 5§ 4
beroepsprocedures niet in overeenstemming met vereiste van “snelheid” van toetsing
ongerechtvaardigde vertragingen, waaronder de passiviteit van de autoriteiten gedurende ongeveer tien maanden vóór de Covid-19 pandemie.
(Azerkane t. Nederland) Artikel 8 EVRM
Uitzetting
Gerechtvaardigde beslissingen om een verblijfsvergunning in te trekken en een inreisverbod van tien jaar op te leggen, geboren en getogen in Nederland
Bedreiging van de openbare orde en veiligheid
Geen bewijs voor de onmogelijkheid of uitzonderlijke moeilijkheid om zich in Marokko te vestigen
Zeer ernstige gevolgen van de bestreden maatregelen voor het gezin en het privéleven van verzoeker, gelet op de duur van zijn verblijf in Nederland en de beperkte banden met Marokko
Billijk evenwicht
(D. en anderen t. Roemenië) Geen schending art. 2 (recht op leven) en art. 3 EVRM (verbod op foltering en onmenselijke en vernederende behandeling)
uitwijzing van Soenniet naar Irak na veroordeling gerelateerd aan terrorisme
onvoldoende individueel risico
schending art. 13 EVRM (daadwerkelijk rechtsmiddel)
Beroep niet van rechtswege schorsend
geen schending artikel 8 EVRM (recht op gezins- en privéleven)