Terugkeervisum na verlies of diefstal, in het buitenland, van je verblijfsvergunning
In het kort
Als je op reis bent buiten België en je Belgische verblijfsvergunning raakt verloren of gestolen, dan kan je enkel terugreizen als je niet visumplichtig bent. Als je visumplichtig bent, moet je eerste een terugkeervisum aanvragen.
Voorwaarden
Als je in het buitenland bent en je Belgische verblijfsvergunning raakt verloren, vernield of gestolen, dan moet je aangifte doen van het verlies, vernieling of van de diefstal. Je krijgt dan een attest van verlies, vernieling of diefstal.
Als je vrij bent om naar België terug te reizen, mag je de aangifte doen bij de politiediensten van de gemeente van je hoofdverblijf.
Als je visumplichtig bent, heb je je verblijfsvergunning nodig om te kunnen reizen. In dat geval moet je de aangifte van verlies of diefstal doen bij de politiediensten waar je het document bent kwijt geraakt. Met dit document kan je dan een terugkeervisum aanvragen.
Een terugkeervisum wordt toegekend als je voldoet aan de volgende voorwaarden:
Je beschikt over een verblijf van meer dan drie maanden
Je beschikt over een bewijs van een verblijf van meer dan drie maanden als de verblijfsvergunning die verloren of gestolen is een elektronische kaart is, waarvan de geldigheidsduur nog niet is verstreken.
Je voldoet aan de voorwaarden voor een recht op terugkeer
De voorwaarden voor het recht op terugkeer houden in dat je niet langer uit België afwezig was dan toegestaan is voor het behoud van je verblijf. De voorwaarden voor het recht op terugkeer worden toegelicht op deze pagina's: afwezigheid van minder dan 1 jaar en afwezigheid van langer dan 1 jaar.
- De geldigheidsdatum op je verblijfsvergunning die verloren of gestolen is, is niet vervallen.
Je moet eerst aangifte doen van het verlies of de diefstal bij de lokale politiediensten.
Procedure
Eerst doe je aangifte van het verlies of van de diefstal van je verblijfsvergunning bij de plaatselijke politiediensten.
Vervolgens dien je een aanvraag in tot terugkeervisum, in het land waar je je bevindt. Je dient de aanvraag in bij de bevoegde diplomatieke of consulaire dienst.
Bij de aanvraag voeg je de de volgende documenten:
- Geldig paspoort;
- Proces-verbaal van aangifte van diefstal of verlies van de geldige verblijfs-/vestigingsvergunning, opgesteld door de lokale politie
- Bewijzen van de datum van vertrek uit België (bijvoorbeeld: vliegticket, instapkaart, in- en uitreisstempels in het paspoort, enz.)
Als aan de voorwaarden voor terugkeer is voldaan, geeft de ambassade een visum D met de melding "B26". Als je een familielid bent van een Unieburger, geeft de ambassade een visum C met de code "BNL 5".
Als je terug bent in België ga je dan met paspoort, met daarin het terugkeervisum, naar de gemeente. De gemeente geeft dan een nieuwe verblijfstitel (elektronische verblijfskaart) af, en in afwachting van deze verblijfstitel een Bijlage 15.
Als er niet aan de voorwaarden voor terugkeer is voldaan, moet je een nieuwe visumaanvraag voor lang verblijf indienen.
Weigering en beroep
Het terugkeervisum kan geweigerd worden omdat er niet aan de voorwaarden voldaan is voor het recht op terugkeer, of om redenen van openbare orde.
Als de terugkeer geweigerd wordt omdat de voorwaarden voor het recht op terugkeer niet vervuld zijn, is de Dienst Vreemdelingenzaken in principe niet verplicht om een afweging te maken ten aanzien van de persoonlijke of familiale situatie van de betrokkene (RvS 243.936 van 14 maart 2019).
Als de terugkeer geweigerd wordt om redenen van openbare orde, gelden er wel bijzondere voorwaarden voor de motivering. Het Grondwettelijk Hof maakte in het arrest nr. 72/2023 van 27 april 2023 een duidelijk onderscheid tussen een beslissing tot weigering van het recht op terugkeer vanwege het verlies van verblijf van rechtswege, en de weigering van terugkeer om redenen van openbare orde (B.1.5).
In het tweede geval moeten de redenen van openbare orde ernstig genoeg zijn om de beëindiging van het verblijf te verantwoorden. Hier geldt dezelfde bescherming als voor de vreemdeling wiens verblijf in België wordt beëindigde om redenen van openbare orde, met afweging van alle elementen van de persoonlijke en familiale situatie van betrokkene. Als het gaat om een vreemdeling die in België is geboren of die vóór de leeftijd van twaalf jaar op het grondgebied is aangekomen en er sindsdien hoofdzakelijk en regelmatig heeft verbleven, kan de weigering van terugkeer alleen worden gemotiveerd door feiten van terrorisme of zeer ernstige criminaliteit. (GH nr. 72/2023, B.1.5.).
Tegen deze weigering kan je beroep instellen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. De termijn voor het indienen van het beroep is dertig dagen. Dit beroep heeft geen schorsende werking. Tijdens de behandeling van het beroep kan je niet naar België reizen.