Wegwijs RvV - beroepen per beslissing

In het kort

De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) is een onafhankelijk administratief rechtscollege.

Hieronder vind je welke beroepsprocedure je kan volgen afhankelijk van de beslissing. Tegen sommige beslissingen kan je gelijktijdig beroep indienen in hetzelfde verzoekschrift.

Algemeen: soorten beslissingen

Er kunnen verschillende beslissingen genomen worden inzake verblijfsrecht, ook tegelijkertijd. In de meeste gevallen is het dan mogelijk om een gezamenlijk beroep in te dienen tegen deze beslissingen.

Bij een weigering van een verzoek om internationale bescherming worden twee beslissingen genomen:

  • het Commissariaat Generaal voor de Vluchtelingen en Staatlozen (CGVS) beslist om het statuut te weigeren of in te trekken;
  • de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) neemt een terugkeerbesluit

Bij een weigering van verblijfsrecht kunnen meerdere beslissingen genomen worden door DVZ:

  • DVZ kan beslissen om een verblijfsrecht te weigeren of te beëindigen (weigeringsbeslissing);
  • DVZ kan tegelijkertijd, of nadien, beslissen dat je het land moet verlaten (terugkeerbesluit);
  • DVZ kan tegelijkertijd, of nadien, een inreisverbod opleggen (bijlage 13sexies);
  • Als je geen gevolg geeft aan het terugkeerbesluit, kan DVZ de gedwongen terugkeer organiseren (verwijderingsbesluit)

Je kan in principe tegen elk van deze beslissingen apart een beroep tot nietigverklaring indienen. Maar je kan ook in één verzoekschrift beroep in te stellen tegen tegen beslissingen "die op dezelfde datum zijn genomen en werden ter kennis gebracht en die inhoudelijk sterk met elkaar verweven zijn". Het beroep tegen een beslissing van inreisverbod dat samen ingediend wordt met een urgent beroep, moet wel apart worden behandeld.

Als je enkel een beroep tot nietigverklaring indient tegen een weigering of beëindiging van verblijf, en niet tegen het daarmee gepaard gaande beslissingen (terugkeerbesluit, verwijderingsbesluit, inreisverbod), en de RvV vernietigt de weigering of beëindiging van verblijf, dan vervallen automatisch ook de andere beslissingen.

Tegen een beslissing tot vasthouding kan je geen beroep indienen bij de RvV, maar het feit dat je vastgehouden wordt heeft wel invloed op de beroepstermijn en op het soort procedure. Bij vasthouding geldt altijd een beroepstermijn van 10 of 5 dagen, en moet je beroep doen op de urgente procedure.

Ook als er een beslissing tot verwijdering genomen wordt, geldt er altijd een beroepstermijn van 10 of 5 dagen, en moet je beroep doen op de urgente procedure.

Beroepsmogelijkheid per beslissing

Hieronder kan je per beslissing een link vinden naar de toepasselijke beroepsprocedure.

Let op het onderscheid tussen een weigeringsbeslissing, een terugkeerbesluit, en een verwijderingsbesluit.

Aan de grens (met vasthouding) - VIB

Aan de grens (met vasthouding) - Toegang (niet-asiel)

Op het grondgebied - VIB

Beslissingen met vasthouding

Beslissingen zonder vasthouding

Let op: tegen een beslissing van een expliciete intrekking van verzoek om internationale bescherming is geen beroep mogelijk.

Op het grondgebied - Verblijf (niet-asiel)

Terugkeerbesluit met vasthouding

Tegen de beslissing tot vasthouding zelf (Bijlage 39, Bijlage 39bis, Bijlage 39ter), is geen beroep mogelijk bij de RvV. Tegen die beslissing kan eventueel een verzoek tot vrijlating ingesteld worden bij de onderzoeksgerechten.

Terugkeerbesluit zonder vasthouding

Enkel weigering van verblijf, zonder terugkeerbesluit

Beroepen bij een gedwongen verwijdering

Als je na een terugkeerbesluit ook een verwijderingsbesluit krijgt, heeft dat gevolgen voor de beroepsprocedure.

Voor het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt de beroepstermijn ingekort als er na het terugkeerbesluit een verwijderingsbesluit volgt:

  • Als het terugkeerbesluit gepaard gaat met een verwijderingsbesluit is de beroepstermijn 10 dagen voor het terugkeerbesluit;
  • Als het verwijderingsbesluit later komt, maar binnen de beroepstermijn van 30 dagen van een terugkeerbesluit, wordt de beroepstermijn voor dit terugkeerbesluit ingekort tot 5 dagen vanaf het verwijderingsbesluit, maar nog altijd met het maximum van de oorspronkelijke termijn van 30 dagen;
  • Als het verwijderingsbesluit later komt, maar binnen de beroepstermijn van 10 dagen van een terugkeerbesluit, is de termijn voor beroep tegen dat verwijderingsbesluit ook 10 dagen (in die gevallen zal er altijd sprake zijn van een vasthouding, waarbij de beroepstermijn 10 dagen is).

Tegen een terugkeerbesluit dat gepaard gaat met een verwijderingsbesluit, of tegen een verwijderingsbesluit apart, staat enkel een urgent beroep open.

Los van de geldende beroepstermijnen moet een verzoek in de urgente procedure zo snel mogelijk ingediend worden. De rechter mag het verzoek onontvankelijk verklaren als het beroep minder dan twaalf uur vóór de geplande uitvoering van de maatregel is ingediend, op voorwaarde wel dat die datum minstens 48 uur tevoren bekend was, en het beroep bovendien “klaarblijkelijk onontvankelijk is”.

Als de gedwongen verwijdering ingepland is op een datum binnen een termijn van 8 dagen vanaf het indienen van het beroep, dan doet de rechter uitspraak binnen een termijn van een week, en wordt de gedwongen verwijdering uitgesteld tot de dag van de uitspraak. Als de gedwongen verwijdering ingepland is op een datum meer dan acht dagen na het indienen van het beroep, dan doet de rechter uitspraak ten laatste vierentwintig uur voor de geplande uitvoering.

Een urgente procedure tegen een terugkeerbesluit vereist geen onderzoek ex nunc, maar een urgente procedure tegen een verwijderingsbesluit wel.