Procedure gezinshereniging in België met een erkend vluchteling, subsidiair beschermde of staatloze bij buitengewone omstandigheden
De procedure in België bij buitengewone omstandigheden
In buitengewone omstandigheden kan je gezinshereniging aanvragen in België. Je moet dan wel bewijzen dat er 'buitengewone omstandigheden' zijn die je verhinderen terug te keren naar je herkomstland om daar, via de Belgische ambassade, de aanvraag in te dienen. Belangrijk is ook dat je je identiteit kan bewijzen.
Het is van groot belang te beseffen dat een dergelijke aanvraag alleen kans op slagen heeft als het werkelijk onmogelijk of bijzonder moeilijk is om een visum te gaan halen in het herkomstland. Als het gaat om redenen die slechts tijdelijk ingeroepen kunnen worden, worden zij doorgaans niet aanvaard.
In de praktijk worden de aangehaalde 'buitengewone omstandigheden' door DVZ slechts zeer uitzonderlijk aanvaard (bv. minderjarige kinderen die te ziek zijn om te reizen naar hun herkomstland).
Bij je aanvraag op de gemeente moet je volgende documenten voorleggen:
- een geldig paspoort
- alle nodige documenten voor de gezinshereniging
- het bewijs van de buitengewone omstandigheden
De wijkagent zal dan een woonstcontrole uitvoeren om na te gaan of je op het opgegeven adres woont.
Als je niet alle bewijzen en documenten voorlegt zal de gemeente je aanvraag niet in overweging nemen. De gemeente geeft je dan een bijlage 15ter. Tegen deze beslissing is alleen een niet-schorsend beroep mogelijk bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen.
Maak je wel alle vereiste documenten over, dan stuurt de gemeente onmiddellijk een kopie van je aanvraag naar DVZ zodat die de ontvankelijkheid kan beoordelen. Je krijgt nog geen ontvangstbewijs.
DVZ moet nagaan of er buitengewone omstandigheden zijn die verhinderen dat je terugkeert naar je herkomstland om daar, bij de Belgische ambassade, je aanvraag in te dienen. Hiervoor is geen wettelijke termijn vastgelegd. In de praktijk kan dit een jaar of langer duren.
Als DVZ vindt dat je geen buitengewone omstandigheden aangetoond hebt zal het je aanvraag onontvankelijk verklaren en krijg je van de gemeente een bijlage 15quater, eventueel met een bevel om het grondgebied te verlaten. Tegen deze beslissing is enkel een niet-schorsend beroep mogelijk bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen.
Als DVZ vindt dat de buitengewone omstandigheden wel bewezen zijn krijg je van de gemeente een bijlage 15bis (= bewijs van de ontvankelijke aanvraag). De gemeente schrijft je dan in het Vreemdelingenregister in en geeft je een attest van immatriculatie (AI).
Tijdens het onderzoek ten gronde van 9 maanden, te rekenen vanaf de datum van de aanvraag (bijlage 15bis), gaat DVZ na of je voldoet aan alle voorwaarden voor gezinshereniging. In principe gebeurt tijdens deze periode ook een onderzoek naar de samenwoonst.
DVZ kan je attest van immatriculatie (AI) dat 9 maanden geldig is (minus de termijn van het ontvankelijkheidsonderzoek), maximaal 2 keer met telkens 3 maanden verlengen bij complexe dossiers.
Er geldt dus een maximale behandelingstermijn van 15 maanden. DVZ moet je op de hoogte brengen van een eventuele verlenging van de termijn van 9 maanden met een gemotiveerde beslissing. Het moet dit doen voor het verstrijken van de termijn van het eerste AI.
Binnen de behandelingstermijn moet DVZ beslissen over je aanvraag: ofwel keurt het je aanvraag goed, ofwel weigert het je aanvraag.
Wat als DVZ geen enkele beslissing neemt binnen die termijn? Volgens de Verblijfswet krijg je dan ambtshalve een toelating tot verblijf. Het Hof van Justitie oordeelde echter dat de automatische afgifte van een verblijfstitel bij gezinshereniging, zonder eerst na te gaan of de aanvrager voldoet aan de voorwaarden voor gezinshereniging, strijdig is met de Gezinsherenigingsrichtlijn. Daardoor kan je de ambtshalve afgifte van een A kaart bij overschrijding van de termijn nog moeilijk afdwingen voor de rechter.
Als DVZ van mening is dat je geen recht hebt op gezinshereniging dan weigert het je aanvraag, eventueel gepaard met een bevel om het grondgebied te verlaten.
DVZ kan je verblijfsrecht alleen weigeren in een van de volgende gevallen:
- je voldoet niet aan de voorwaarden voor gezinshereniging
- je hebt geen werkelijk huwelijks of- gezinsleven met het gezinslid dat je komt vervoegen
- je vormt een gevaar voor de openbare orde of de volksgezondheid
- jij of je gezinslid pleegde fraude
- het staat vast dat het gaat om een schijnhuwelijk, -partnerschap of -adoptie
Als DVZ je aanvraag wil weigeren moet het rekening houden met al jouw individuele omstandigheden zoals:
- de aard en de hechtheid van je gezinsband
- de duur van je verblijf in België
- het bestaan van familiale-, culturele of sociale banden met je land van herkomst
Ook moet DVZ bij het onderzoek van je aanvraag terdege rekening houden met het hoger belang van het kind.
Je krijgt de weigeringsbeslissing van de gemeente in de vorm van een bijlage 14. Je kan tegen deze beslissing een automatisch schorsend beroep indienen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Een beroep is niet schorsend in de volgende gevallen:
- de beslissing steunt op ‘dwingende redenen van nationale veiligheid’
- DVZ weigert je verblijf omdat jij of de gezinshereniger fraude pleegde (Opgelet: tegen een weigering van verblijf omwille van schijnrelatie of -adoptie, staat wél een automatisch schorsend beroep open).
Als je geen beroep instelt binnen de beroepstermijn of je beroep verworpen wordt door de RvV, kan DVZ een BGV afgeven en moet je het grondgebied verlaten. Anders kan je gedwongen uitgewezen worden.
Bij een positieve beslissing van DVZ krijg je een bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister geldig voor één jaar in de vorm van een elektronische A kaart. Het attest van immatriculatie wordt mogelijk verlengd tot de afgifte van dit bewijs.
Meer info
Wetgeving