Standaardprocedure asiel: fase bij CGVS (EU-migratiepact)
Sinds de inwerkingtreding van het EU-Migratiepact (Pact) op 12 juni 2026, wordt de procedure die jouw verzoek om internationale bescherming zal doorlopen geregeld door de Asielprocedureverordening van 14 mei 2024 (EU) 2024/1348 (APR). Een verordening heeft rechtstreekse werking en hoeft niet, in tegenstelling tot een richtlijn, omgezet te worden in intern recht.
In het kort
Nadat je verzoek om internationale bescherming de fase bij DVZ heeft doorlopen, kom je, als op jouw VIB geen bijzondere procedure van toepassing is, in de standaardprocedure bij het CGVS terecht. Het CGVS is de beslissingsautoriteit die, na je verhaal te hebben gehoord, beslist om je al dan niet de vluchtelingenstatus of de subsidiaire beschermingsstatus toe te kennen.
Persoonlijk onderhoud
Hoe?
Het CGVS stuurt je een oproeping voor het persoonlijk onderhoud . Dit gebeurt in persoon, via e-mail of per aangetekende zending. Je krijgt de oproeping op:
- jouw gekozen woonplaats
- bij gebrek hieraan, op het secretariaat van het CGVS
Als je gekozen woonplaats het adres van je advocaat is, kan de oproeping per fax gebeuren.
Bij elke wijziging van je gekozen woonplaats moet je dit zowel aan het CGVS als aan DVZ meedelen, via aangetekende zending of in persoon. Hiervoor kan je het formulier 'Wijziging gekozen woonplaats' gebruiken .
Wanneer je verblijft in een opvangcentrum, stuurt het CGVS de oproeping per e-mail aan de verantwoordelijke van het centrum. Als je om redenen van overmacht niet aanwezig kan zijn op je persoonlijk onderhoud, communiceert het opvangcentrum dit in zijn antwoordmail aan het CGVS.
Het CGVS stuurt daarnaast nog een kopie van de oproeping:
- per gewone post naar je effectieve woonplaats, als het CGVS hiervan op de hoogte is en dit van een latere datum is dan de gekozen woonplaats
- per gewone post, e-mail, of fax naar je advocaat
Wanneer?
Het persoonlijk onderhoud in een standaardprocedure kan plaatsvinden:
- minstens 8 kalenderdagen na de kennisgeving van de oproeping
Wanneer het niet mogelijk is een persoonlijk onderhoud af te ronden op de dag waarop het gepland was, kan de protection officer je vragen om het onderhoud minstens binnen de twee kalenderdagen te hervatten. De protection officer doet dit door middel van een kennisgeving aan de persoon zelf .
In een standaardprocedure gaat het persoonlijk onderhoud door in de kantoren van het CGVS, vlakbij het station Brussel-Zuid.
Ernest Blerotstraat 39, 1070 Brussel
Protection officer
De 'protection officer' bij het CGVS is de medewerker die het persoonlijk onderhoud afneemt. Hij waarborgt een passende geheimhouding en is dus gebonden tot naleving van de bescherming van het privéleven. Tijdens het persoonlijk onderhoud volgt de protection officer de deontologische richtlijnen en voorschriften voor een goed persoonlijk onderhoud. Die staan neergeschreven in de brochure ‘Handvest van het persoonlijk onderhoud’ van het CGVS.
Advocaat
Je laat je best bijstaan door een advocaat tijdens je persoonlijk onderhoud. Het is belangrijk op te merken dat je advocaat niet mag tussenkomen. Alleen aan het einde van het gesprek mag je advocaat iets toevoegen over de inhoud of het verloop ervan.
De advocaat kan vragen om je dossier in te kijken en kan kopieën aanvragen van de notities van het persoonlijk onderhoud.
Vertrouwenspersoon
Je kan je laten bijstaan door een vertrouwenspersoon. Dit is een persoon die je zelf aanduidt en die beroepshalve gespecialiseerd is in het verlenen van bijstand aan personen of in het vreemdelingenrecht .
Voorbeelden van vertrouwenspersonen zijn:
- sociaal assistenten
- vertegenwoordigers van NGO’s
- leerkrachten
- priesters, imams
- psychologen, psychiaters
De volgende personen kunnen niet aangesteld worden als vertrouwenspersoon:
- vrijwilligers van een organisatie die gericht is op bijstand aan personen of het vreemdelingenrecht
- bloedverwanten van de verzoeker tot en met de derde graad
- verzoekers om internationale bescherming
- personen die zijn veroordeeld voor feiten gepleegd op de persoon of met behulp van de persoon van een minderjarige
Het CGVS heeft de mogelijkheid om personen die niet voldoen aan de voorwaarden voor het aanstellen van een vertrouwenspersoon toch toe te laten op het persoonlijk onderhoud. Deze beslissing kan genomen worden als het CGVS van mening is dat het noodzakelijk is voor een adequaat onderzoek van je verzoek.
Anderzijds kan de protection officer zich verzetten tegen de aanwezigheid van een vertrouwenspersoon om redenen eigen aan het onderzoek of om vertrouwelijkheidsredenen.
Wil de vertrouwenspersoon het persoonlijk onderhoud bijwonen, dan moet die het formulier ‘Aanstelling van een vertrouwenspersoon’ invullen. Bij twijfel of iemand als vertrouwenspersoon in aanmerking komt, kan je contact nemen met de 'Helpdesk advocaten, vertrouwenspersonen en UNHCR' van het CGVS.
De vertrouwenspersoon geeft je morele en inhoudelijke steun. Hij mag net als de advocaat niet tussenkomen tijdens het persoonlijk onderhoud. Op het einde van het persoonlijk onderhoud kan hij wel opmerkingen toevoegen over de inhoud of het verloop ervan.
In tegenstelling tot een advocaat, kan je vertrouwenspersoon het dossier niet inkijken in jouw afwezigheid. Bovendien ontvangt hij geen oproepingsbrieven. Je moet hem dus zelf op de hoogte houden.
Tolk
Het KB over de procedure bij het CGVS legt duidelijk de taken van een tolk vast en bevat richtlijnen in geval van een belangenconflict. Deze informatie is beschikbaar in de CGVS-brochure 'Gedragscode voor vertalers en tolken'.
Als je niet wilt dat een tolk aanwezig is tijdens je persoonlijk onderhoud bij het CGVS, kun je een verklaring afleggen met behulp van het formulier ‘Verzaking aan bijstand tolk’. Dan verloopt het persoonlijk onderhoud in het Nederlands of Frans.
Tijdens het persoonlijk onderhoud is een tolk beschikbaar die ervoor kan zorgen dat de communicatie tussen de verzoeker en de persoon die het persoonlijk onderhoud voert, goed verloopt.
APR schrijft voor dat de lidstaten voorkeur geven aan tolken die een opleiding hebben genoten zoals bedoeld in artikel 8, lid 4, punt m) van Verordening 2021/2303.
Voogd
Bij het persoonlijk onderhoud met een NBMV moet de voogd aanwezig zijn.
In tegenstelling tot de advocaat en de vertrouwenspersoon, is het de voogd wel toegestaan tijdens het persoonlijk onderhoud vragen te stellen en opmerkingen te maken.
De vragenlijst van het voorbereidend interview die werd ingevuld tijdens de opstart van je verzoek om internationale bescherming bij DVZ, dient als voorbereidend document voor het persoonlijk onderhoud.
Tijdens het inhoudelijk onderhoud krijg je de kans om de elementen aan te halen die je verzoek ondersteunen. Je moet de waarheid vertellen en je uiterste best doen om je identiteit, herkomst, reisweg en de aangehaalde feiten te bewijzen.
Je kan meer uitleg geven over eventueel ontbrekende elementen of over inconsistenties of tegenstrijdigheden in je verklaringen . Maar het is belangrijk om duidelijke en overeenstemmende verklaringen af te leggen. Je verstrekt zo volledig mogelijk de volgende elementen:
- je verklaringen
- alle documentatie waarover je beschikt in verband met:
- de redenen waarom je om internationale bescherming verzoekt
- je leeftijd
- je achtergrond en die van relevante gezins- en familieleden
- je identiteit
- je nationaliteit(en)
- je land(en) en plaats(en) van eerder verblijf
- je eerdere verzoeken om internationale bescherming
- de resultaten van een eventuele hervestigingsprocedure of een procedure voor toelating op humanitaire gronden zoals gedefinieerd in verordening (EU) 2024/1350
- de reisroutes die je aflegde
- je reisdocumenten
Jouw verklaringen en bewijsdocumenten worden getoetst aan de kennis van het CGVS, vergaard door zijn Documentatie en Researchdienst (CEDOCA). De verblijfswet sprak voor de inwerkingtreding van het pact over een gedeelde bewijslast. Het oude artikel 48/6, § 1 Vw stelde dat 'de met het onderzoek belaste instanties hebben tot taak om de relevante elementen van het VIB in samenwerking met de verzoeker te beoordelen'. Artikel 48/6, § 1 Vw werd na het pact aangepast waardoor de verzoeker nu zelf 'alle nodige elementen ter staving van zijn verzoek zo spoedig mogelijk moet aanbrengen'. Je moet zelf aangeven 'welke gegevens nuttig zijn voor de behandeling van je verzoek'. Dit lijkt een verschuiving in te houden van het principe van de gedeelde bewijslast in jou nadeel. Nochtans spreekt de Kwalificatieverordening in artikel 4 over het verlenen van je volledige medewerking en verplicht het CGVS alle relevante elementen van je VIB te beoordelen. Daarnaast legt het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) duidelijk de onderzoeksplicht ook bij de beslissingsautoriteit.
Het CGVS beoordeelt in essentie twee aspecten:
- de waarachtigheid en de geloofwaardigheid van je verklaringen
- de toetsing van je vluchtverhaal aan de criteria van de vluchtelingenstatus en de subsidiaire beschermingsstatus
Je moet alle nodige elementen en documenten ter staving van je verzoek zo spoedig mogelijk aanbrengen . Je geeft aan welke gegevens nuttig zijn voor de behandeling van jouw verzoek.
Ook tijdens je persoonlijk onderhoud, kan je alle aanvullende elementen aanvoeren die relevant zijn voor de behandeling van je verzoek, dit kan in principe tot het CGVS een beslissing neemt.
Je moet zelf instaan voor de vertaling van de stukken in het Nederlands, Frans, Duits of Engels of ze minstens toelichten tijdens het persoonlijk onderhoud. Indien geen vertaling werd gegeven, is het CGVS niet verplicht de gehele stukken te vertalen maar volstaat de vertaling van de relevante gegevens.
Het CGVS kan je later, na het persoonlijk onderhoud, vragen om bijkomende inlichtingen te geven. Je moet reageren binnen de 30 dagen na verzending van dat verzoek om bijkomende inlichtingen. Anders kan het CGVS je procedure beëindigen of je verzoek weigeren wanneer er voldoende elementen aanwezig zijn in het dossier. Daarom is het belangrijk om je gekozen woonplaats van bij het begin door te geven en actueel te houden bij elke verhuis .
Kan je door een bepaalde kwetsbaarheid niet volwaardig deelnemen aan de procedure internationale bescherming, dan roep je best bijzondere procedurele noden in. Iedereen moet dezelfde kans krijgen om zijn verhaal zo goed mogelijk en in de best mogelijke omstandigheden te vertellen.
DVZ neemt bij het registreren van het verzoek informatie over aanwijzingen over de nood aan bijzondere procedurele waarborgen op in je dossier en stelt deze informatie ter beschikking van het CGVS .
Heb je bijzondere procedurele noden en heb je die niet meegedeeld tijdens je eerste gesprek bij DVZ, informeer dan zeker het CGVS. Zo kan het CGVS de gepaste maatregelen nemen.
De protection officer stelt een uitvoerig en feitelijk verslag op van het persoonlijk onderhoud of maakt een schriftelijke weergave van het persoonlijk onderhoud of van de opname ervan. Dit verslag wordt in jouw dossier opgenomen.
Omdat er van het persoonlijk onderhoud een geluidsopname wordt gemaakt, die als bewijs in de beroepsprocedure wordt toegelaten, moet het CGVS je niet langer vragen of je opmerkingen hebt of ophelderingen wil verschaffen noch om het verslag te bevestigen.
Ook als het voor het CGVS duidelijk is dat jou de vluchtelingenstatus of de subsidiaire beschermingsstatus moet worden toegekend, zal er niet naar opmerkingen of verduidelijkingen worden gevraagd en moet je het verslag ook niet bevestigen.
Voordat het CGVS een beslissing neemt, moet jij of jouw advocaat toegang hebben tot het verslag of de schriftelijke weergave van het persoonlijk onderhoud.
Het CGVS zal van het persoonlijk onderhoud een geluidsopname maken. Je kan de opname bij het CGVS raadplegen voordat je een beroep wil instellen. Heb je het beroep al ingediend, dan kan je de opname raadplegen bij de RvV. De regels voor toegang tot de opname bij het CGVS worden nog vastgesteld in een KB. Voor de RvV staan die regels in art. 2.19 van de RvV-wet.
Je wordt als verzoeker om IB minstens eenmaal gehoord en uitgenodigd voor een persoonlijk onderhoud tenzij:
- het CGVS je kan erkennen als vluchteling op basis van het reeds beschikbare bewijs.
Het CGVS kan besluiten tot toekenning van een beschermingsstatus zonder een persoonlijk onderhoud te organiseren. De selectie van dossiers gebeurt na een interne screeningsprocedure, zoals het invullen van een vragenlijst. Deze aanpak stelt het CGVS bijvoorbeeld in staat sneller erkenningen te verlenen als je uit een land met een hoge beschermingsgraad komt. Het is belangrijk om te benadrukken dat deze procedure nooit kan leiden tot een negatieve beslissing.
- je verzoek niet onontvankelijk is op basis van het beschikbare bewijsmateriaal.
- het CGVS van oordeel is dat je niet kan worden gehoord als gevolg van blijvende omstandigheden waar je geen invloed op hebt. In geval van twijfel kan het CGVS een arts raadplegen en zal het CGVS de nodige inspanningen doen om je de kans te geven de vereiste informatie te verstrekken.
- bij een volgend verzoek
- het CGVS je verzoek niet-ontvankelijk acht omdat je al internationale bescherming hebt in een andere lidstaat (M-status).
Het kan zijn dat één onderhoud niet volstaat en dat je meerdere keren wordt opgeroepen. Dit gebeurt bijvoorbeeld als er te weinig informatie is om een weloverwogen beslissing te nemen, of er twijfel bestaat over reeds afgelegde verklaringen of je juist een heel uitgebreid en gedetailleerd relaas hebt.
Het CGVS kan, indien de omstandigheden dit verantwoorden, het persoonlijk onderhoud per videoconferentie voeren. De memorie van toelichting bij artikel 57/5sexies Vw somt de uitzonderlijke situaties op waarbij het CGVS een onderhoud via videoconferentie kan organiseren:
- omwille van de volksgezondheid (pandemie)
- je bent te kwetsbaar (om te reizen of ingevolge gezondheids- of gezinsredenen)
- je bevindt je in een situatie van bewaring
- je bevindt je in overzeese gebieden
- de deelname op afstand van een tolk met gespecialiseerde tolkvaardigheden is vereist
Het CGVS moet niet motiveren waarom het een onderhoud via videoconferentie verkiest. Je kan wel schriftelijk je bezwaar meedelen aan het CGVS. Als het CGVS je bezwaar terecht vindt dan zal je op een latere datum worden uitgenodigd voor een persoonlijk onderhoud of zal het CGVS je uitnodigen om bepaalde inlichtingen schriftelijk te bezorgen.
CGVS beslist over je nood aan internationale bescherming
Een beslissing over je verzoek om internationale bescherming wordt schriftelijk gegeven en wordt je zo spoedig mogelijk meegedeeld. Indien een voogd of advocaat jou vertegenwoordigt, kan het CGVS hem of haar in jouw plaats in kennis stellen van de beslissing.
Bij de behandeling van een verzoek ten gronde wordt in eerste instantie onderzocht of je als vluchteling kan worden erkend, en, indien dat niet het geval is, of je in aanmerking komt voor subsidiaire bescherming.
De behandelingstermijn in de standaardprocedure ten gronde bedraagt 6 maanden vanaf de indiening van je verzoek bij DVZ. Deze termijn van 6 maanden kan door het CGVS verlengd worden met een termijn van nog eens 6 maanden indien:
- een groot aantal verzoeken binnen dezelfde termijn worden gedaan
- het om een complex dossier gaat
- door vertraging ten gevolge van het niet nakomen van je verplichtingen
Het CGVS kan een beslissing uitstellen tot uiterlijk 21 maanden als er onzekerheid is over de situatie in het land van herkomst. Het CGVS moet dan de situatie om de 4 maanden beoordelen. Stelt het CGVS de beslissing uit, dan moet het CGVS jen in een taal die je begrijpt, uitleggen waarom.
Beslissingen in de standaardprocedure
Het CGVS zal eerst nagaan of je in aanmerking komt voor de vluchtelingenstatus.
Wordt je erkend als vluchteling, dan zal je beslissing niet worden gemotiveerd.
In theorie kan de Minister van Buitenlandse zaken binnen een termijn van 30 dagen beroep aantekenen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen, maar in de praktijk gebeurt dit bijna nooit. Ongeveer een maand na je erkenning, ontvang je een vluchtelingenattest van het CGVS.
Word je niet erkend als vluchtelingen, dan zal het CGVS onderzoeken of je de in aanmerking komt voor de subsidiaire beschermingsstatus. Krijg je subsidiaire bescherming, dan zal het CGVS in zijn beslissing motiveren waarom je niet de vluchtelingenstatus kreeg.
Ben je ervan overtuigd dat je toch in aanmerking komt voor de vluchtelingenstatus, dan kan je binnen de 30 dagen beroep aantekenen bij de RvV. Dit is echter niet zonder risico. Je zou de subsidiaire bescherming kunnen verliezen als de RvV van mening is dat je ook niet in aanmerking komt voor de subsidiaire beschermingsstatus. Nochtans zou je uit artikel 67, lid 2 APR kunnen afleiden dat je een beroep bij de RvV kan indienen om alsnog de vluchtelingenstatus te bekomen, zonder het risico op verlies van de subsidiaire bescherming. Dat geldt te meer, omdat de beslissing waarbij de subsidiaire bescherming wordt toegekend niet voorkomt in het rijtje van beslissingen van art. 67, lid 1 APR maar apart wordt behandeld in art. 67, lid 2 APR. We hebben dit voorgelegd aan de bevoegde instanties maar wachten nog op antwoord.
Het CGVS zal je verzoek afwijzen als ongegrond, indien wordt vastgesteld dat je verzoek niet in aanmerking komt voor internationale bescherming. Je krijgt dan noch de vluchtelingenstatus, noch de subsidiaire beschermingsstatus. Deze beslissing moet gemotiveerd worden. Het CGVS zal in zijn beslissing de feitelijke en juridische gronden vermelden waarom jouw verzoek werd afgewezen.
Tegen deze beslissing kan je binnen de 30 dagen een schorsend beroep indienen bij de RvV. Deze beroepstermijn geldt voor de standaardprocedure, maar zal afwijkend zijn bij de bijzondere procedures.
Het CGVS kan na een expliciete of impliciete intrekking van je verzoek, wanneer wordt vastgesteld dat je niet in aanmerking komt voor internationale bescherming, beslissen om jouw verzoek af te wijzen als (kennelijk) ongegrond.
Expliciete intrekking
Je kan op elk moment van de procedure beslissen om je verzoek in te trekken. Deze intrekking moet schriftelijk en door jou persoonlijk gebeuren, of afgegeven worden door jouw advocaat, of als je een niet-begeleide minderjarige (NBMV) bent, door je voogd. Het CGVS zal een beslissing nemen waarin wordt verklaard dat je verzoek expliciet werd ingetrokken. Deze beslissing is definitief en is niet vatbaar voor een beroep bij de RvV.
Als je verzoek expliciet werd ingetrokken, kan het CGVS je verzoek om internationale bescherming (VIB) nog steeds ongegrond of kennelijk ongegrond (bij een versnelde procedure) verklaren. Tegen deze beslissing kan je wel een beroep indienen bij de RvV. De beroepstermijn hangt af van de procedure waarin je zit. In de standaardprocedure is dat 30 dagen bij de bijzondere procedures zijn de termijnen afwijkend.
Impliciete intrekking
Je verzoek zal door het CGVS als impliciet ingetrokken worden verklaard als je:
- zonder geldige reden, je na registartie je verzoek niet indient.
- weigert persoonlijke-, identiteits- of biometrische gegevens niet mee te delen.
- weigert je adres te geven, tenzij de overheid in je huisvesting voorziet.
- zonder gegronde reden een persoonlijk onderhoud niet hebt bijgewoond of hebt geweigerd om tijdens het onderhoud vragen te beantwoorden, waardoor het CGVS geen beslissing kan nemen.
- niet voldoet aan de meldingsplicht of onbereikbaar bent voor de bevoegde autoriteiten.
- je verzoek indient in een nader lidstaat dan de lidstaat die verantwoordelijk is (AMMR) voor de behandeling ervan.
Bij een impliciete intrekking, zal het CGVS een beslissing nemen waarin wordt verklaard dat je verzoek impliciet werd ingetrokken. Het gaat om een definitieve beslissing en kan je niet meer vragen om de behandeling van je verzoek te hervatten. Een nieuw verzoek wordt dan als een volgend verzoek geregistreerd. Het CGVS kan wel de procedure tijdelijk opschorten om je de kans te geven om nalatigheden of je gebrek aan medewerking recht te zetten voordat het CGVS een definitieve intrekkingsbeslissing neemt. Je zal binnen een redelijke termijn de mogelijkheid krijgen om schriftelijk mee te delen waarom je niet aanwezig was op het persoonlijk onderhoud, of waarom je niet hebt gereageerd op een verzoek om inlichtingen van het CGVS.
Het CGVS kan je VIB, bij een impliciete intrekking, ook nog ongegrond of kennelijk ongegrond (bij de versnelde procedure) verklaren. Zowel tegen de beslissing waarbij je verzoek impliciet werd ingetrokken als tegen de beslissing waarbij je verzoek (kennelijk) ongegrond werd verklaard, kan je een beroep indienen bij de RvV. De beroepstermijn in de standaardprocedure is 30 dagen. Wordt je verzoek in een bijzondere procedure behandeld dan zullen er afwijkende beroepstermijnen van toepassing zijn.
Zelfs als je voldoet aan de voorwaarden voor het verkrijgen van de vluchtelingenstatus of de subsidiaire beschermingsstatus, kan je alsnog worden uitgesloten van de toepassing ervan. Je zal dan geen internationale bescherming krijgen.
Uitsluiting van de vluchtelingenstatus
Je kan worden uitgesloten van de erkenning als vluchteling wanneer je:
- al bescherming krijgt van een andere instelling of agentschap van de Verenigde Naties (VN) dan het Vluchtelingenagentschap (UNHCR), zoals het VN-Agentschap voor Palestijnse Vluchtelingen (UNRWA).
- gevestigd bent in een land, waarvan de autoriteiten je beschouwen als houder van rechten en plichten die met het bezit van de nationaliteit van dat land verbonden zijn, of van gelijkwaardige rechten en plichten.
- omdat er ernstige redenen zijn om aan te nemen dat je:
- een misdrijf tegen de vrede, een oorlogsmisdrijf of een misdrijf tegen de menselijkheid hebt gepleegd.
- een ernstig niet-politiek misdrijf hebt begaan, voordat je in België een VIB deed, zoals terroristische daden.
- je schuldig hebt gemaakt aan handelingen die in strijd zijn met de doelstellingen en beginselen van de Verenigde Naties (VN).
Ook als je aanzet tot of deelneemt aan hoger vermelde misdrijven of handelingen kan je worden uitgesloten.
Wanneer het CGVS heeft vastgesteld dat je misdrijven of handelingen hebt gesteld waardoor één van de uitsluitingsgronden van toepassing zijn, dan zal het CGVS je van de vluchtelingenstatus uitsluiten zonder een evenredigheidstoets uit te voeren.
Ben je een minderjarige en heb je een misdrijf gepleegd of een handeling gesteld die aanleiding zou kunnen geven tot een uitsluiting, dan zal het CGVS nagaan of je overeenkomstig Belgisch recht strafrechtelijk aansprakelijk kunt worden gesteld.
Uitsluiting van de subsidiaire bescherming
Je kan worden uitgesloten van de subsidiaire bescherming wanneer er ernstige redenen zijn om aan te nemen dat je:
- een misdrijf tegen de vrede, een oorlogsmisdrijf of een misdrijf tegen de menselijkheid hebt gepleegd.
- je een ernstig misdrijf hebt gepleegd vóór je aankomst in België of voor een ernstig misdrijf bent veroordeeld na je aankomst in België.
- je schuldig hebt gemaakt aan handelingen die in strijd zijn met de doelstellingen en beginselen van de VN.
- een gevaar vormt voor de gemeenschep of de nationale veiligheid.
Ook als je aanzet tot of deelneemt aan hoger vermelde misdrijven of handelingen kan je worden uitgesloten van de subsidiaire beschermingsstatus, of wanneer je andere misdrijven hebt gepleegd, die naar Belgisch recht strafbaar zouden zijn met een gevangenisstraf en je je land van herkomst enkel hebt verlaten om je straf te ontlopen.
Wanneer het CGVS heeft vastgesteld dat je misdrijven of handelingen hebt gesteld waardoor één van de uitsluitingsgronden van toepassing zijn, dan zal het CGVS je van de subsidiaire bescherming uitsluiten zonder een evenredigheidstoets uit te voeren.
Ben je een minderjarige en heb je een misdrijf gepleegd of een handeling gesteld die aanleiding zou kunnen geven tot een uitsluiting, dan zal het CGVS nagaan of je overeenkomstig Belgisch recht strafrechtelijk aansprakelijk kunt worden gesteld.