Gezinshereniging met subsidiair beschermde met lang verblijf na 18-08-2025
Het Grondwettelijk Hof (GwH) schorste op 26 februari 2026, bij arrest 24/2026 een aantal bepalingen van de Verblijfswet. Deze schorsing heeft de volgende gevolgen:
- Nareizende gezinsleden in het buitenland van subsidiair beschermden die hun beschermingsstatus verkregen na 18-08-2025, zijn vrijgesteld van de betaling van de retributie bij de verblijfsaanvraag;
- Voor nareizende gezinsleden in het buitenland van subsidiair beschermden die hun beschermingsstatus verkregen na 18-08-2025 geldt geen wachttermijn. De materiële voorwaarden zijn evenmin van toepassing (bestaansmiddelenvereiste, ziektekostenverzekering, huisvestingsvereiste);
- De cascaderegeling voor de bewijsvoering van de bloed- of aanverwantschapsband wordt opnieuw van toepassing voor nareizende gezinsleden in het buitenland van subsidiair beschermden die hun beschermingsstatus verkregen na 18-08-2025. DVZ moet dus ook niet-officiële bewijzen van deze band in aanmerking nemen.
Deze schorsing is tijdelijk, totdat het GwH uitspraak doet en die gepubliceerd wordt in het Belgisch Staatsblad. Voor meer info, lees ons nieuwsbericht over het schorsingsarrest.