Voorwaarden voor een gecombineerde vergunning in het Vlaams gewest
Er moet tegelijk aan verschillende voorwaarden voldaan worden. Op deze voorwaarden bestaan uitzonderingen.
Werkgever
De werkgever of de gebruiker moet een maatschappelijke zetel of vestigingseenheid hebben in het Vlaams gewest. Hier kan enkel van worden afgeweken als de prestaties onderworpen worden aan de Belgische sociale zekerheid.
Categorieën voor arbeidsmigratie
De verschillende categorieën voor arbeidsmigratie vind je op de pagina "Heb je recht om te werken als arbeidsmigrant?"
Aanvraag vanuit buitenland of vanuit België?
In principe vraagt de werkgever de gecombineerde vergunning voor je aan als je nog in het buitenland bent. Je moet vanuit het buitenland een Belgische werkgever vinden die jou wil tewerkstellen. Deze werkgever vraagt een gecombineerde vergunning aan. Met de gecombineerde vergunning kan je een visum krijgen om naar België te komen.
De aanvraag kan ook vanuit een wettig kort of lang verblijf gebeuren als:
- je bent vrijgesteld van arbeidsmarktonderzoek. Bijvoorbeeld hooggeschoolden, leidinggevenden, middengeschoolden, ... Een aanvraag in de categorie 'Overige' kan dus enkel wanneer de werknemer in het buitenland is.
- je langdurig ingezetene bent die tijdens een tweede verblijf in België een beroep komt uitoefenen. In dat geval kan de aanvraag vanuit een wettig kort of lang verblijf gebeuren in alle categorieën.
Bij een aanvraag vanuit België leg je de documenten voor die je wettig verblijf bewijzen:
- Als bewijs van lang verblijf is dit in principe je verblijfskaart.
- Als bewijs van kort verblijf is dit een aankomstverklaring (bijlage 3) of de ontvangstbevestiging per mail na de registratie van je adres via de website 'Mijn Adres in België'. In dat laatste geval zal DVZ wel controleren of je effectief in wettig kort verblijf bent.
- Het is niet mogelijk om de gecombineerde vergunning aan te vragen met een voorlopig verblijfsdocument zoals een Attest van Immatriculatie of een bijlage 35.
Opgelet: wanneer de aanvraag vanuit een wettig kort of lang verblijf in België gebeurt en het wettig verblijf vervalt tijdens de behandelingsperiode van de gecombineerde vergunning is er geen voorlopig verblijfsdocument voorzien.
- Dienst Vreemdelingenzaken hanteert in dat geval in de praktijk een gedoogbeleid wanneer de aanvraag vanuit een lang wettig verblijf werd ingediend en de toelating tot arbeid in eerste instantie door het gewest wordt goedgekeurd. In dat geval zal de beslissing (bijlage 46/47) ook in België worden afgeleverd.
- DVZ hanteert geen gedoogbeleid bij aanvragen vanuit een kort wettig verblijf of wanneer de aanvraag vanuit lang wettig verblijf door het gewest pas wordt goedgekeurd na een beroepsprocedure. In dat geval zal de beslissing (bijlage 46/47) door DVZ naar de bevoegde ambassade in het buitenland worden verstuurd.
Het bovenstaande onderscheid is opmerkelijk, aangezien de wettelijke bepalingen enkel bepalen dat de indiening van de aanvraag vanuit een wettig verblijf moet gebeuren. Hierbij is expliciet voorzien dat dit vanuit een kort of lang wettig verblijf kan. Het Hof van Beroep van Brussel oordeelde eerder al in een kort geding dat enkel de indieningsdatum relevant is om te bepalen waar de bijlage 46 moet worden afgeleverd.
Minimum maandloon
Deze voorwaarde is eigenlijk een weigeringsgrond.
Je maandloon moet je in staat stellen om in jouw levensonderhoud en dat van je gezin te voorzien. Je moet dus minstens het gemiddeld gewaarborgde maandelijks minimuminkomen verdienen. Dit loon is vastgelegd in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 43/18 van 24 maart 2026 betreffende de waarborg van een gemiddeld minimummaandinkomen.
Vanaf 1 april 2026 bedraagt dit gemiddeld gewaarborgde maandelijks minimuminkomen 2.189,81 euro bruto.
Dit is een ondergrens: als er in jouw sector andere barema’s gelden, zijn deze van toepassing.
Opmerking: De administratie past deze weigeringsgrond streng toe.
Deze voorwaarde is niet van toepassing op internationaal docenten indien zij over voldoende bestaansmiddelen beschikken. Ook voor seizoenarbeiders is deze voorwaarde niet van toepassing: voor hen gelden de sectorbarema's, ook indien zij lager zijn.
Weigeringsgronden
Ook al is aan alle toekenningsvoorwaarden voldaan, dan nog zal de administratie de aanvraag voor de gecombineerde vergunning weigeren in de volgende gevallen:
- de aanvraag bevat onvolledige, onjuiste, vervalste of onrechtmatig verkregen gegevens, verklaringen of onrechtmatig verrichte aanpassingen bevat;
- de algemene toelatingsvoorwaarden niet vervuld zijn;
- de werkgever, gastentiteit of werknemer houdt zich niet aan bijzondere voorwaarden die werden opgelegd;
- de werkgever of de gastentiteit leeft de wettelijke en de reglementaire verplichtingen voor de tewerkstelling van werknemers niet na, met inbegrip van de loon- en andere arbeidsvoorwaarden die voor de tewerkstelling gelden;
- de natuurlijke persoon die optreedt in naam en voor rekening van de werkgever en tevens bemiddelt tussen werkgever en werknemer, de wettelijke verplichtingen inzake private arbeidsbemiddeling niet naleeft, vermeld in hoofdstuk 2 van het decreet van 10 december 2010 betreffende de private arbeidsbemiddeling;
- de tewerkstelling is strijdig met de openbare orde of de openbare veiligheid, met de wetten en reglementen, of met de internationale overeenkomsten en akkoorden over de indienstneming en de tewerkstelling van buitenlandse werknemers;
- aan de tewerkstelling zijn geen inkomsten verbonden zijn die de werknemer in staat stellen te voorzien in zijn behoeften of in die van zijn gezin;
- de onderneming of de gastentiteit is opgericht of opereert met als belangrijkste doel de binnenkomst van buitenlandse werknemers te vergemakkelijken, of voert geen economische of maatschappelijke activiteiten uit;
- de werkgever heeft gedurende een periode van zes maanden voorafgaand aan de aanvraag een volledige betrekking afgeschaft om de vacature die de werkgever met die aanvraag wil invullen, te creëren;
De administratie kan de aanvraag voor de gecombineerde vergunning ook weigeren in de volgende gevallen:
- tegen de werkgever of de gastentiteit gedurende een jaar voor de aanvraag een sanctie uitgesproken is op grond van artikel 12/1, § 1, artikel 12/3, § 1, of artikel 12/4 van de wet van 30 april 1999; artikel 13/5, artikel 13/6, § 2, § 4, of § 5, van het decreet houdende sociaalrechtelijk toezicht van 30 april 2004; artikel 22 van het decreet van 15 oktober 2021 over de uitoefening van zelfstandige beroepsactiviteiten door buitenlandse onderdanen; artikel 175/1, § 1, artikel 181, § 1, of artikel 181/1 van het Sociaal Strafwetboek; artikel 229, 232, 233, 234 of 235 van het Sociaal Strafwetboek; artikel 433quinquies tot en met artikel 433octies van het Strafwetboek;
- de werkgever, de gastentiteit, de mandataris of de werknemer gedurende drie jaar voor de aanvraag onjuiste, vervalste of onrechtmatig verkregen gegevens, verklaringen of onrechtmatig verrichte aanpassingen heeft gebruikt bij een aanvraag van een toelating tot arbeid;
- de werkgever, de gastentiteit of diens bestuurders in staat van faillissement of van kennelijk onvermogen verkeren, het voorwerp uitmaken van een procedure tot faillietverklaring, of de voorbije vijf jaar failliet zijn verklaard, of een gerechtelijke reorganisatie hebben aangevraagd of verkregen;
- het doel ervan is een ethische rekrutering te verzekeren in de sectoren die in het land van oorsprong een tekort aan gekwalificeerde werknemers hebben;
- gedurende een jaar voor de aanvraag een toelating tot arbeid voor dezelfde werknemer in dezelfde categorie geweigerd of ingetrokken werd, zonder dat de aanvrager nieuwe elementen kan laten gelden;
- de werkgever of de gastentiteit zich niet houdt aan de bepalingen van de fiscale, sociaalrechtelijke of vennootschapsrechtelijke wetgeving;
- de kredietwaardigheid van de onderneming of de gastentiteit ongunstig is;
- de werkgever of de gastentiteit onvoldoende economische of maatschappelijke activiteiten uitoefent die de tewerkstelling van buitenlandse werknemers verantwoordt;
- de onderneming waarin buitenlandse werknemers zullen worden tewerkgesteld, minder dan drie jaar geleden is opgericht of geen personeelsleden in dienst heeft;
- het personeelsbestand van de onderneming of de gastentiteit voor meer dan 80% bestaat uit buitenlandse arbeidskrachten met een toelating tot arbeid van bepaalde duur.