Toegang derdelands familielid van een Unieburger of mobiele Belg
In het kort
Voor derdelands familieleden van een Unieburger of mobiele Belg gelden soepele voorwaarden voor een reis naar België en voor een kort verblijf, op basis van het recht op vrij verkeer. Wie visumplichtig is, heeft wel een visum nodig voor binnenkomst.
Als je als derdelands familielid van een Unieburger of mobiele Belg naar België wil komen voor een lang verblijf, vind je alle nodige informatie hierover op de pagina gezinshereniging met een Unieburger.
De regeling maakt een onderscheid tussen 'gewone familieleden' en de 'andere familieleden'.
Grenscontrole
Als je België binnenkomt van buiten de Schengenzone (via de Luchthaven of zeehaven of met de Eurostar), moet je bij de grenscontrole bewijzen dat je een recht hebt op toegang. De controle wordt gedetailleerd beschreven in het Schengenhandboek, met bijvoorbeeld ook melding van de uitzonderingen voor piloten staatshoofden.
Derdelands familieleden die een Unieburger begeleiden of vervoegen volgen de grenscontrole voor vrij verkeer. Je wordt bij binnenkomst geregistreerd in het Entry-Exit Systeem (EES), maar je krijgt geen melding van overstay na verloop van 90 dagen.
De Dienst Grenscontrole van de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) controleert of je aan de voorwaarden voldoet. Is dat niet het geval, dan weigert DVZ je de toegang en krijg je een beslissing tot terugdrijving (Bijlage 11).
Ook aan de binnengrenzen in de EU worden soms grenscontroles gehouden. In dat geval moet je aan dezelfde voorwaarden voldoen om België binnen te komen, en kan de binnenkomst worden geweigerd.
Voorwaarden derdelands familielid van een Unieburger (of mobiele Belg)
Als derdelands familielid van een Unieburger heb je een recht op toegang tot België in het kader van het vrij verkeer, als je die Unieburger vergezelt of vervoegt. Het gaat hierbij om partner, (klein)kinderen en (groot)ouders. Voor 'andere familieleden' geldt een andere regeling (zie onder).
De regeling geldt voor familieleden van Unieburgers die zich verplaatsen binnen de EU, en dus ook voor familieleden van Belgen die vanuit een andere EU-lidstaat terugkeren naar België (de zgn. mobiele Belg').
Voor een toegang en kort verblijf als 'gewoon familielid' moet je voldoen aan de volgende voorwaarden:
Er is een Unieburger of mobiele Belg waar je familielid van bent, die zelf gebruik maakt van het vrij verkeer.
Je moet familielid zijn een een vreemdeling met een nationaliteit van de EU, de EER of van Zwitserland, die zich verplaatst naar België, in België verblijft voor korte duur, of in België is komen wonen. De regeling geldt ook als je familielid bent van een Belg zelf gebruik maakte van het vrij verkeer in de EU, en terugkeert naar België. Voor een overzicht, zie de pagina "Wie is Unieburger?" en de pagina over de "mobiele Belg"
- Je bent één van de volgende verwanten van een Unieburger of van een mobiele Belg:
- De echtgenoot;
- De gelijkgestelde wettelijke partner;
- De wettelijk geregistreerde partner, met bewijs van een duurzame relatie;
- (Klein)kinderen jonger dan 21 jaar van de Unieburger of van diens partner;
- (Klein)kinderen van 21 jaar en ouder, die ten laste zijn, van de Unieburger of diens partner;
- (Groot)ouders, die ten laste zijn, van de Unieburger of diens partner;
- De ouder van een minderjarige Unieburger.
- Je beschikt over een reisdocument of bewijs van identiteit;
- Je beschikt over een binnenkomstdocument (visumvrijstelling, visum of verblijfstitel afgegeven door een andere lidstaat);
- Je reist samen met de Unieburger of mobiele Belg, of je komt deze vervoegen in België.
Meer toelichting over de categorieën van verwantschap, en het bewijs ervan, vind je op de pagina over gezinshereniging met een Unieburger.
Het recht op binnenkomst voor de ouder van een minderjarige Unieburger werd door de rechtspraak van het Europees Hof van Justitie afgeleid van het recht op toegang en verblijf van de minderjarige . De Verblijfswet vermeldt enkel de situatie van het lang verblijf van de ouder van een minderjarige Unieburger, en niet de binnenkomst of het kort verblijf. De rechtspraak van het Hof van Justitie vermeldt echter wel het recht op binnenkomst. Het bewijs dat je als ouder bevoegd bent om met het kind te reizen een geboorteakte zijn.
Als je in een andere lidstaat al een "Verblijfskaart voor een familielid van een burger van de Unie" kreeg, in toepassing van het vrij verkeer, dan ben je voor het recht op toegang vrijgesteld van een aantal van deze voorwaarden. De verblijfskaart geldt op zich als binnenkomstdocument, als bewijs van het statuut van begunstigde, en het is niet vereist dat om de Unieburger of mobiele Belg te vergezellen of te vervoegen. Het moet wel deze specifieke verblijfskaart gaan (met de vermelding "artikel 10 van Richtlijn 2004/38" of "artikel 20 van Richtlijn 2004/38", voor een duurzaam verblijf), en niet om een andere verblijfstitel.
Als je niet aan deze voorwaarden voldoet, kan je nog altijd een recht hebben op toegang, maar dan niet in het kader van het vrij verkeer. Je moet dan voldoen aan de gewone voorwaarden voor toegang van derdelanders. Je hebt dan enkel recht op een kort verblijf van 90 dagen per 180 dagen. Verblijfsperiodes in de Schengenzone waarbij je een Unieburger hebt vergezeld, worden niet meegeteld als deel van deze 90 dagen.
Documenten derdelands familielid van een Unieburger
Je moet je identiteit bewijzen. Dat doe je normaal met een geldig paspoort of een geldige nationale identiteitskaart. Als je visumplichtig bent moet je in principe ook een visum hebben.
Heb je géén geldig paspoort of geldige identiteitskaart? Dan kan je je identiteit ook bewijzen met alternatieve documenten:
- een vervallen paspoort;
- een vervallen identiteitskaart;
- een verblijfskaart van een familielid van een burger van de Unie, afgegeven door een andere lidstaat van de EER (niet uitgefaseerd);
- een duurzame verblijfskaart van een familielid van een burger van de Unie, afgegeven door een andere lidstaat van de EER (niet uitgefaseerd);
Let op! Sinds 3 augustus 2026 zijn sommige oudere verblijfskaarten voor familieleden van Unieburgers "uitgefaseerd" omdat ze niet meer voldoen aan de veiligheidsvoorschriften, zoals een operationale MRZ-zone. Het is dus mogelijk dat je over een geldige verblijfskaart beschikt, maar dat die toch geen voldoende bewijs meer is voor binnenkomst of voor de aanvraag tot inschrijving.
Heb je geen enkel van die documenten, dan kan je ook andere bewijzen van identiteit voorleggen.
- Dit is bijvoorbeeld een rijbewijs of een verblijfsdocument afgegeven door een lidstaat van de Europese Unie. DVZ beoordeelt elk voorgelegd bewijs individueel. In de praktijk aanvaardt DVZ alleen een document met pasfoto of andere biometrische en veiligheidskenmerken (bijv. vingerafdrukken).
Als je je Unieburgerschap op met alternatieve bewijzen aantoont geeft de dienst Grenscontrole van DVZ je een bijzonder doorlaatbewijs af (bijlage 10quater). In dat geval kan DVZ je een administratieve geldboete opleggen van 200 euro.
Sta je aan de grens, en kan je geen enkel bewijs voorleggen van je Unieburgerschap? Dan moet DVZ Grenscontrole je nog de mogelijkheid geven om de vereiste documenten te bekomen, om ze nog te laten bezorgen, binnen een redelijke termijn. Je kan dus vragen om iemand te contacteren die je bovenstaande documenten nog kan bezorgen. Pas als dat niet kan, mag DVZ Grenscontrole de binnenkomst weigeren.
Een derdelands onderdaan mag België enkel binnenkomen met een binnenkomstdocument, dat dient als bewijs van wettige binnenkomst.
Het gaat om één van volgende documenten:
- Een geldig visum;
- Een ;
- Een geldige verblijfskaart voor familielid van een Unieburger;
- Een geldige verblijfskaart van een Schengen-lidstaat.
Bij gebrek aan binnenkomstdocument mag je ook met andere middelen aantonen dat je beschikt over een recht op vrij verkeer, namelijk een bewijs van identiteit, verwantschap, en een bewijs dat je de Unieburger vergezelt of vervoegt.
Indien je onderworpen bent aan de visumplicht, ontvang je in dat geval aan de grens je visum. Als je geen geldig paspoort hebt, ontvang je een visumverklaring. Het visum of de visumverklaring heeft een geldigheidsduur van 3 maanden.
Sta je aan de grens, en kan je geen voldoende bewijs voorleggen van je Unieburgerschap? Dan moet DVZ Grenscontrole je nog de mogelijkheid geven om de vereiste documenten te bekomen, om ze nog te laten bezorgen, binnen een redelijke termijn. Je kan dus vragen om iemand te contacteren die je bovenstaande documenten nog kan bezorgen. Pas als dat niet kan, mag DVZ Grenscontrole de binnenkomst weigeren.
De documenten die je nodig hebt om te bewijzen dat je familielid bent, worden toegelicht op de pagina over het recht op verblijf als familielid van een Unieburger.
Volgens rechtspraak van het Europees Hof van Justitie is de "verblijfskaart voor een familielid van een Unieburger" voldoende als bewijs van identiteit en verwantschap voor het recht op toegang, omdat deze verblijfskaart op zich het recht op vrij verkeer bewijst.
Naast het bewijs dat je een familielid bent van een Unieburger, moet je ook bewijzen dat je een Unieburger in België begeleidt of komt vervoegen.
Je kan dit bewijzen met bijvoorbeeld een kopie van je paspoort of identiteitskaart en een bewijs dat de Unieburger al in België verblijft (bijvoorbeeld met een kopie van diens bijlage 19 of EU kaart). Het is ook mogelijk om aan te tonen dat de Unieburger naar België zal komen in de nabije toekomst, bijvoorbeeld door middel van een arbeidscontract bij een Belgisch bedrijf.
Volgens rechtspraak van het Europees Hof van Justitie is de "verblijfskaart voor een familielid van een Unieburger" voldoende als bewijs van het recht op vrij verkeer, en is er in dat geval geen bijkomend bewijs nodig dat je de Unieburger vergezelt of vervoegt.
Voorwaarden voor 'ander familielid' van een Unieburger
'Andere familieleden' zijn de familieleden waarvoor de Richtlijn 2004/38 bepaalt dat de binnenkomst 'makkelijker' gemaakt moet worden, maar in praktijk volgen deze familieleden de gewone binnenkomstvoorwaarden voor derdelanders.
De 'andere familieleden' zijn:
- de partner met wie de Unieburger een deugdelijk bewezen duurzame partnerrelatie heeft, waarbij er geen huwelijksbeletsel is, en die gaan duurzame partnerrelatie onderhoudt met een andere persoon;
- de familieleden die, in het land van herkomst, ten laste zijn van de Uniburger;
- de familieleden die, in het land van herkomst, deel uitmaken van het gezin van de Unieburger;
- de familieleden die wegens ernstige gezondheidsredenen een persoonlijke verzorging door de burger van de Unie strikt behoeven.
Meer toelichting over deze categorieën van verwantschap vind je op de pagina over gezinshereniging 'ander familielid'.
Als 'ander familielid' heb je een toegang tot België als je voldoet aan de volgende voorwaarden:
Er is een EU-burger of mobiele Belg, waar je familielid van bent, die zelf gebruik maakt van het vrij verkeer.
Je moet familielid zijn een een vreemdeling met een nationaliteit van de EU, niet van de EER of Zwitserland. Andere familieleden van iemand met de nationaliteit van Noorwegen, Liechtenstein, IJsland of Zwitserland, hebben geen recht op binnenkomst op grond van deze regeling.
Het moet gaan om een EU-burger die zich verplaatst naar België, in België verblijft voor korte duur, of in België is komen wonen. De regeling geldt ook als je familielid bent van een Belg zelf gebruik maakte van het vrij verkeer in de EU, en terugkeert naar België. Voor een overzicht, zie de pagina "Wie is Unieburger?".
- Je beschikt over een geldig paspoort;
- Je beschikt over een geldig binnenkomstdocument (visumvrijstelling, visum of verblijfstitel afgegeven door een andere lidstaat);
- Je reist samen met de Unieburger of mobiele Belg, of je komt deze vervoegen in België.
Let op: Als je als 'ander familielid' al beschikt over een verblijfskaart voor een familielid van een Unieburger, afgegeven door een andere lidstaat, dan heb je een automatisch recht op binnenkomst in het kader van het vrij verkeer, zonder bijkomende voorwaarden en zonder dat je de EU-burger moet vergezellen.
Documenten 'ander familielid' van een Unieburger
Als 'ander familielid' van een burger van de EU, of van een mobiele Belg, moet je beschikken over een geldig paspoort of van een ander erkend reisdocument.
De website van de Dienst Vreemdelingenzaken bevat een lijst van alle erkende reisdocumenten.
Een derdelands onderdaan mag België enkel binnenkomen met een binnenkomstdocument, dat dient als bewijs van wettige binnenkomst.
Het gaat om één van volgende documenten:
- Een geldig visum;
- Een ;
- Een geldige verblijfskaart voor familielid van een Unieburger;
- Een geldige verblijfskaart van een Schengen-lidstaat.
Als je 'ander familielid' bent omdat je in het land van herkomst ten laste was van de burger van de EU, of van de mobiele Belg, moet je dit aantonen.
Een uitgebreide toelichting over de voorwaarde ten laste te zijn en over de mogelijkheden om dit te bewijzen, vind je op deze pagina.
Als je 'ander familielid" bent omdat je deel uitmaakt van het gezin van de burger van de EU of van de mobiele Belg, moet je dat aantonen.
Dit kan je aantonen met alle middelen. Je vind een toelichting over deze voorwaarde en de mogelijkheid om het te bewijzen op deze pagina.
Als je 'ander familielid" bent omdat je behoefte hebt aan een persoonlijke verzorging door de burger van de EU of van de mobiele Belg, moet je dat aantonen.
Dit kan je aantonen met alle middelen. Je vind een toelichting over deze voorwaarde en de mogelijkheid om het te bewijzen op deze pagina.
Weigering van toegang
DVZ kan je recht op binnenkomst voor kort verblijf alleen weigeren of beëindigen in één van de volgende gevallen:
- Je bewijst niet dat je 'familielid' of 'ander familielid' bent;
Je vervoegt of vergezelt de Unieburger of mobiele Belg niet;
Let op: met een verblijfskaart voor een familielid van Unieburger, afgegeven door een andere lidstaat, mag je binnenkomst niet geweigerd worden als de Unieburger of mobiele Belg niet meereist in België is.
Je vormt een gevaar voor de openbare orde of nationale veiligheid;
De beslissing moet uitsluitend gebaseerd zijn op je persoonlijk gedrag. Een strafrechtelijke veroordeling is niet voldoende om je binnenkomst of verblijf te weigeren of te beëindigen. Je gedrag moet een actuele, werkelijke en voldoende ernstige bedreiging vormen voor een fundamenteel belang van de samenleving.
Je vormt een gevaar voor de volksgezondheid;
Alleen als je lijdt aan een ziekte in de bijlage bij de Verblijfswet, kan DVZ je binnenkomst weigeren of je verblijf beëindigen. Het gaat om potentieel epidemische ziekten zoals gedefinieerd door de Wereldgezondheidsorganisatie of andere infectieziekten of besmettelijke parasitaire ziekten. Als er ernstige aanwijzingen zijn dat je lijdt aan één van die ziekten, kan DVZ je binnen 3 maanden na je datum van binnenkomst onderwerpen aan een kosteloos medisch onderzoek. DVZ mag die medische onderzoeken niet systematisch opleggen.
- Je pleegde fraude bij de binnenkomst.
Voordat DVZ je binnenkomst weigert moet het altijd rekening houden met de volgende elementen:
• de duur van je verblijf in België;
• je leeftijd;
• je gezondheidstoestand;
• je gezins- en economische situatie;
• je sociale en culturele integratie in België;
• je banden met het herkomstland.
Een beslissing tot weigering van binnenkomst is een document "Bijlage 11".
Tegen de weigering van toegang kan je een beroep indienen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Omdat het om een beslissing gaat die genomen wordt aan de grens, gaat het om een urgent beroep.
Meer info
Wetgeving
- Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (VWEU), artikel 18-23
- Visumcode - Verordening 810/2009 tot vaststelling van een gemeenschappelijke visumcode
- Schengengrenscode - Verordening 2016/399 betreffende een Uniecode voor de overschrijding van grenzen door personen
- Richtlijn 2004/38/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende het recht van vrij verkeer en verblijf op het grondgebied van de lidstaten voor de burgers van de Unie en hun familieleden
Richtsnoeren van de Europese Commissie