Entry Exit Systeem in werking op 10 april 2026

In het kort

Derdelanders die voor kort verblijf naar België komen, krijgen geen binnenkomststempel meer in hun paspoort. Ze worden geregistreerd in het Entry Exit Systeem (EES). Dit is een databank waarin elke in- en uitreis wordt geregistreerd van derdelanders die naar het Schengengebied komen voor een kort verblijf. De databank berekent de duur van hun toegestane kort verblijf, meldt aan de bevoegde overheden wanneer zij de duur van het wettig kort verblijf overschrijden (overstay-melding), en bevat ook alle informatie over weigeringen van binnenkomst. Vanaf 12-10-2025 is het systeem geleidelijk aan ingevoerd en op 10-4-2026 is het volledig in werking getreden. Voor afgifte en verlenging van een aankomstverklaring of melding van aanwezigheid zijn er nieuwe regels. De melding van adres kan nu ook digitaal.

Wie heeft toegang tot het EES?

Artikel 2/2 Vw regelt de toegang tot EES. De volgende autoriteiten hebben toegang:

  • politie en de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) in verband met grenscontroles (invoeren, wijzigen, verwijderen en raadplegen), 
  • DVZ in verband met verblijf (invoeren, wijzigen, verwijderen en raadplegen), 
  • de Belgische diplomatieke en consulaire vertegenwoordigingen (enkel raadplegen)
  • de politiediensten bij controles op het grondgebied (enkel raadplegen).

Met het Koninklijk Besluit van 17 juli 2024 (KB) werd ook toegang gegeven tot EES in het kader van voorkomen van misdaad en terrorisme aan DVZ, de Staatsveiligheid, de Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid (ADIV) en de Douane. Dat KB gaf ook een algemene toegang aan de gemeenten. In de praktijk hebben de gemeenten (nog) geen toegang tot EES. Ze hebben immers geen applicatie ter beschikking waarmee ze het systeem kunnen raadplegen, maar ze hebben juridisch wel een toegang gekregen.

Wat verandert er voor de derdelander in kort verblijf?

Dossier in EES

De derdelander krijgt een digitaal persoonlijk dossier in EES, met identiteitsgegevens, biometrische gegevens en alle in- en uitreis notities. In dit digitaal dossier staat hoe lang de derdelander wettig mag verblijven in het Schengengebied.

Volgens de Verordening krijgt iedereen zelf ook toegang tot die gegevens via een webdienst. Deze webdienst is echter nog niet beschikbaar, en de website van de Europese Commissie vermeldt ook nergens wanneer die beschikbaar zou zijn. Vroeger toonde een binnenkomststempel in het paspoort aan dat de termijn van wettig verblijf nog niet was afgelopen. Nu beschikt de vreemdeling over geen enkel middel meer om het wettig verblijf na te gaan of aan te tonen.

Nieuw: mogelijkheid digitale adresmelding

Elke vreemdeling is verplicht het kort verblijf te melden bij de gemeente, behalve bij verblijf in een instelling onderworpen aan de wetgeving inzake de controle van reizigers (bijvoorbeeld hotels, gîtes, pensions, enz.). Tevoren moest die melding gebeuren bij de gemeente, en de gemeente gaf dan een papieren aankomstverklaring. Vanaf 10 april kan dat de adresmelding ook digitaal gebeuren, via de website ‘Mijn adres in België’ of 'MAB'. De gegevens van alle familieleden kunnen daar worden ingevoerd, en er wordt dan mail teruggestuurd ter bevestiging. Die mail is op zich geen bewijs van een wettig verblijf, maar kan wel dienen als bewijsvan de adresmelding.

De vreemdeling heeft voortaan dus de keuze tussen een digitale melding en een fysiek melding bij de gemeente. Bij een fysiek melding geeft de gemeente een papieren aankomstverklaring. De gemeente is bevoegd om aankomstverklaringen af te geven. Daarna moet ze de gegevens in dit document naar DVZ sturen. Voor een derdelander die kan aantonen dat er een EES-registratie is gebeurd, kan de bijlage 3 afgegeven worden. Hij kan dit aantonen bijvoorbeeld aan de hand van de mobiele app 'Travel to Europe'. Als er nog geen EES-registratie gebeurde, kan enkel de Dienst Vreemdelingenzaken nagaan of dit nog mogelijk is (infra).

Melding bij de gemeente voor een derdelander met verblijf in andere lidstaat

De adresmelding moet nog steeds persoonlijk bij de gemeente gebeuren voor de derdelander met verblijfsrecht in een andere Schengenlidstaat. Een derdelander die naar België komt met een verblijfstitel of een D-visum afgegeven door een andere Schengenlidstaat (‘intra-Schengen derdelanders’), kan het adres niet melden via de website ’Mijn adres in België’. Die moet bij de gemeente een bijlage 3 gaan halen. Gemeenten mogen toestaan dat de aanvraag via een digitaal loket gebeurt, om te vermijden dat de derdelander twee maal naar het loket moet. De afgifte moet wel persoonlijk gebeuren.

Bij de aangifte moet een verklaring op eer ingevuld worden, over de datum van binnenkomst.

De gemeente geeft een aankomstverklaring (bijlage 3) af op voorleggen van een paspoort dat nog minstens tot het einde van het kort verblijf geldig is en een geldige verblijfstitel of een geldig visum D, afgegeven door een andere lidstaat.

De aankomstverklaring mag niet langer geldig zijn dan de geldigheidsdatum van de verblijfstitel of het visum D. Ook in dit geval is de gemeente zelf bevoegd om de aankomstverklaring af te geven.

Vermoeden van onwettige binnenkomst en verblijf

Artikel 12 van de Schengengrenscode (Verordening (EU) 2016/399) bepaalt dat er een vermoeden is van onwettig verblijf voor ieder die niet over een EES-dossier beschikt of voor wie geen inreisdatum is geregistreerd. Alleen de bevoegde overheden voor grenscontrole en migratie kunnen dit vermoeden inroepen, en het geldt niet als er andere bewijzen zijn van een wettige binnenkomst of verblijf.

Als een derdelander weet dat de registratie in EES niet in orde is, mag deze vragen om een aanpassing te doen. Volgens het nieuwe artikel 6/1 §1 Vw, dat op 10 april in werking trad, kan een derdelander die nog niet in EES staat, maar wel een recht op kort verblijf heeft, aan de gemeente vragen om correct in EES geregistreerd te worden. De gemeente geeft daarvan dan een bewijs (bijlage 3quinquies).

Verlenging van het kort verblijf

In uitzonderlijke gevallen kan een kort verblijf worden verlengd, en dan moet dus ook de registratie in EES worden aangepast. Hiervoor is geen bepaling voorzien in de wet. Het gaat om een toepassing van artikel 20, 2-2quater Schengenovereenkomst, of artikel 33 van de Visumcode als het om een visumplichtige vreemdeling gaat. Het kort verblijf kan verlengd worden bij overmacht. De praktijk bestond al, en DVZ zal deze aanvragen behandelen zoals nu. 

De aanvraag moet ingediend worden bij de gemeente, en voor het einde van het wettig kort verblijf, omdat er anders in EES een registratie is van ‘overstay’. Vreemdelingen die in het ziekenhuis verblijven wordt aangeraden de aanvraag al onmiddellijk te laten doen. Vroeger werd voorkeur gegeven aan een persoonlijke indiening, na vertrek uit het ziekenhuis. Dat wordt nu ten zeerste afgeraden.

Volgende documenten moeten worden voorgelegd:

  • Een kopie van alle pagina’s uit het paspoort (of een gelijkwaardig reisdocument), met eventueel het visum C of visum D;
  • Eventueel een kopie van de verblijfsvergunning afgegeven door een andere lidstaat; 
  • De ingevulde verklaring op eer over de datum van binnenkomst;
  • Het adres van verblijf in België;
  • Een kopie van de aankomstverklaring (‘bijlage 3’), de melding van aanwezigheid (‘bijlage 3ter’) of de bevestigingsmail van de ‘MAB’-aangifte;
  • Een kopie van het retourticket, indien aanwezig;
  • Een Schengen-reisziektekostenverzekering die geldig is voor de duur van het extra verblijf met een dekking van minimaal 30.000 € (niet nodig in geval van Unieburger of familielid);
  • Eventueel de toestemming van de afwezige ouder(s) of wettelijke voogd of een vonnis waarin het exclusieve gezag wordt bevestigd;
  • Het bewijs van overmacht, humanitaire redenen of ernstige persoonlijke redenen voor onmogelijkheid van vertrek;
  • Een motivatiebrief met uitleg over de situatie.
  • Bij medische redenen, het standaard medisch attest ingevuld door een medisch specialist en/of elk ander relevant medisch document.

De aanvraag moet altijd door DVZ behandeld worden, omdat de registratiedatum in het EES aangepast moet worden.

Naargelang de situatie wordt bij een beslissing tot verlenging de instructie gegeven om het C-visum te verlengen door het aanbrengen van een nieuwe visumsticker in het paspoort, of tot de eenvoudige afgifte van een document ‘bijlage 3sexies’.

Kort verblijf na lang verblijf

Het is mogelijk dat iemand een tijdelijk lang verblijf heeft in België of in een andere lidstaat, dat ten einde loopt, maar daarnaast nog beschikt over een recht op binnenkomst. Dit gaat om vreemdelingen met een visumvrijstelling, of die nog in bezit zijn van een C-visum voor meerdere binnenkomsten, of van een verblijfstitel uit een andere lidstaat.

In dat geval mag deze vreemdeling nog een recht op kort verblijf uitoefenen, na het einde van het lang verblijf, zonder eerst heen en weer te gaan naar het thuisland (artikel 6 /1, §2, Vw).

De vreemdeling dient de aanvraag in bij de gemeente voor het einde van het lang verblijf. De gemeente stuurt de vraag door naar DVZ, en als er recht is op een wettig kort verblijf, moet betrokkene zich bij DVZ zelf melden, waar de EES-registratie in orde gebracht wordt. Als het gaat om iemand met een ‘bevoorrechte status’ als diplomatiek personeel (onder de bevoegdheid van de Directie Protocol van de FOD Buitenlandse Zaken), moet deze eerst afstand doen van de status. De dienst Protocol beslist dan of dat mogelijk is.

Een gelijkaardige situatie is deze waarin iemand een verblijfsrecht heeft in een andere lidstaat, en daarnaast nog een recht op binnenkomst en kort verblijf heeft, dat hij in België wil uitoefenen.

Ook in dat geval dient de vreemdeling de aanvraag in bij de gemeente voor het einde van de verblijfstitel van de andere lidstaat. De gemeente stuurt de vraag door naar DVZ, en als er recht is op een wettig kort verblijf, moet betrokkene zich bij DVZ zelf melden, waar de EES-registratie in orde gebracht wordt.

Het indienen van een aanvraag lang verblijf tijdens kort verblijf

In sommige gevallen is een aanvraag tot lang verblijf mogelijk tijdens het wettig kort verblijf. De gemeente gaat dan na of iemand over een wettig kort verblijf beschikt, en kan dan de aanvraag in ontvangst nemen. Als de vreemdeling beschikt over een aankomstverklaring, die nog geldig is, wordt de aanvraag aanvaard.

Als er nog geen aankomstverklaring is, vraagt DVZ in praktijk dat de vreemdeling eerst bij de gemeente van verblijf een aankomstverklaring (‘bijlage 3’) zou aanvragen, en dat pas na afgifte van de aankomstverklaring mogelijk is om de aanvraag lang verblijf in te dienen. In dat geval mag de gemeente pas de aankomstverklaring afgeven na toestemming van DVZ. Het is mogelijk dat de aankomstverklaring niet tijdig afgegeven kan worden, en de derdelander wel nog binnen de termijn van kort verblijf de aanvraag wil doen. In dat geval lijkt het nuttig om aan de gemeente een bewijs te vragen dat de aanvraag toch tijdig werd voorgelegd, of eventueel een aangetekend schrijven te sturen waarmee de tijdige indiening achteraf bewezen kan worden.

Als er geen twijfel is over het wettig kort verblijf, en de vreemdeling kan ook aantonen dat de EES-registratie is gebeurd, lijkt het erop dat de vreemdeling ook het recht heeft om de aanvraag effectief in te dienen op de dag dat hij zich aanbiedt bij de gemeente, ook al is er op dat moment nog geen aankomstverklaring afgegeven. De bevoegdheid van de gemeente om een aanvraag in ontvangst te nemen is per procedure geregeld in de Vreemdelingenwet en het Vreemdelingenbesluit.

Wat verandert er voor de Unieburger en diens familieleden?

Melding door de Unieburger

De digitale melding wordt ook mogelijk voor de Unieburger en diens familieleden. Een Unieburger wordt niet geregistreerd in EES, maar omdat zij hun aanwezigheid in België tijdens een kort verblijf moeten melden, krijgen ook zij de mogelijkheid om dit digitaal te doen. Die melding moet in principe binnen 10 dagen gebeuren. Net als bij derdelanders is de melding niet verplicht bij verblijf in een hotel.

De digitale melding gebeurt gezamenlijk voor alle gezinsleden. De melder krijgt een mail ter bevestiging. Deze mail is op zich geen bewijs van kort verblijf, maar kan wel bijgehouden worden tot bewijs van de melding.

Melding door het derdelands familielid van een Unieburger

Ook voor het derdelands familielid van een Unieburger kan de Unieburger de digitale melding doen. Als dit derdelands familielid zich meldt bij de gemeente voor een bijlage 3ter, geldt er wel een aparte regeling.

Als het familielid een geldig paspoort heeft en een C-visum voor België met de code “BNL 11” (de code voor familielid van Unieburger) of een verblijfskaart uit een andere EU-lidstaat, geeft de gemeente een bijlage 3ter af.

Als dat niet het geval is, is het mogelijk dat dit familielid nog geregistreerd moet worden in EES. DVZ vraagt in zijn instructie aan de gemeenten om voor deze personen eerst toestemming te vragen tot afgifte van de bijlage 3ter. Het familielid moet daarvoor volgende documenten voorleggen:

  • Een kopie van alle pagina’s uit het paspoort (of een gelijkwaardig reisdocument) met eventueel C-visum of D-visum afgegeven door de andere lidstaat;
  • Eventueel een kopie van verblijfstitel afgegeven door de andere lidstaat 
  • Een ingevulde verklaring op eer over datum van binnenkomst;
  • Het bewijs van de verwantschap of het partnerschap met de Unieburger;
  • De identiteit van de Unieburger;
  • Het verblijfsadres.

Deze informatie is nodig om de eventuele registratie in EES te kunnen doen. Als het derdelands familielid zowel het wettig verblijf aantoont als de registratie in EES, is deze tussenstap misschien overbodig. De gemeente is in principe ook in dit geval zelf bevoegd om de bijlage 3ter af te geven, maar enkel als het familielid beschikt over een geldig paspoort met geldig visum of visumvrijstelling (artikel 41 en 41bis Vw en artikel 48 Vb). De wet hield duidelijk geen rekening met deze situatie, want laat pas toe dat de persoonsgegevens naar DVZ gestuurd worden wanneer de gemeente de bijlage 3ter aflevert. Als de gemeente alle gegevens vooraf al overmaakt, is er mogelijks een probleem met de wettelijke basis voor de bescherming van de persoonsgegevens.

De rechten van de begunstigden van het vrij verkeer gelden ongeacht het document. Een familielid van een Unieburger dat nog wacht op een bijlage 3ter mag ondertussen al beginnen werken.

Correctie vermoeden van onwettig verblijf van het derdelands familielid van een Unieburger

Een derdelander in België die familie is van een Unieburger, kan vragen dat hij als zodanig in het EES wordt geregistreerd of dat de gegevens in het EES worden verbeterd in toepassing van artikel 35 van Verordening 2017/2226.

Dit lijkt op de toepassing van artikel 6/1, §1 Vw, maar dat artikel gaat over de weerlegging van het vermoeden van onwettig verblijf, terwijl dit vermoeden voor het familielid van een Unieburger eigenlijk niet van toepassing is.

Afschaffing administratieve boete

De boete voor het niet melden van aanwezigheid wordt afgeschaft. Deze werd in praktijk nooit echt opgelegd.

Datum van inwerkingtreding

De wet liet een paar bepalingen al vanaf 1 april 2026 in werking treden. Het gaat om de weigering van toegang als iemand geen vingerafdrukken wil laten afnemen (artikel 5 wijzigingswet 19 maart 2023), de mogelijkheid om een kort verblijf te vragen na lang verblijf in een andere lidstaat (nieuw artikel 6/1, §2 Vw) en de mogelijkheid om een verlenging van het kort verblijf te vragen op grond van overmacht (nieuw artikel 6/1, §2 Vw).

Op 10 april traden alle nieuwe bepalingen in werking. Vanaf dan wordt elke binnenkomst voor kort verblijf van een derdelander in het Schengengebied elektronisch geregistreerd en worden er geen inreis- en/of uitreisstempels meer aangebracht in het paspoort. Er zullen in de praktijk nog af en toe stempels worden aangebracht, bijvoorbeeld als de EES registratie technisch niet lukt.

Verwante thema's