Het attest van immatriculatie (AI) doorheen de procedure internationale bescherming (IB)
In het kort
De invoering van het Europees Migratie- en asielpact heeft een inpakt op het verloop van het attest van immatriculatie (AI). In dit nieuwsbericht geven we een overzicht van het verloop van het AI vanaf de indiening van het verzoek om internationale bescherming (VIB) tot de definitieve beslissing van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS) of de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV).
Indiening verzoek internationale bescherming
Bij de indiening van het VIB ontvangt verzoeker een bijlage 26. Binnen de 8 werkdagen na de indiening van het verzoek, moet verzoeker zich aanmelden bij de gemeente van zijn woonplaats. Na een positieve woonstcontrole krijgt verzoeker een AI dat 4 maanden geldig is vanaf de indiening van het VIB (datum op de bijlage 26).
Op het nieuwe model van het AI, dat gradueel verspreid gaat worden vanaf 28 september 2026, zal de datum van indiening van het VIB vermeld staan (lees ook ons nieuwsbericht Moderniseringstraject attest van immatriculatie).
Volgend verzoek
Bij een volgend verzoek ontvangt verzoeker een bijlage 26quinquies. Wordt het verzoek ontvankelijk verklaard, dan levert de gemeente een AI af. Heeft het CGVS een ontvankelijkheidsbeslissing genomen binnen de 4 maanden na de indiening van het volgend verzoek, dan levert de gemeente een AI af van 4 maanden te rekenen vanaf de indiening van het volgend verzoek. Neemt het CGVS pas na meer dan 4 maanden vanaf de indiening van het volgend verzoek een ontvankelijkheidsbeslissing, dan levert de gemeente een AI af van 8 maanden te rekenen vanaf de afgifte van het AI.
Dient verzoeker een beroep in bij de RvV tegen een niet-ontvankelijkheidsbeslissing van het CGVS, dan wordt er geen AI afgeleverd en blijft verzoeker in het bezit van de bijlage 26quinquies.
Verantwoordelijke lidstaat
Als DVZ oordeelt dat een andere lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van het verzoek, ontvangt verzoeker een overdrachtsbesluit (bijlage 26quater). Mocht verzoeker in het bezit zijn van een AI dan zal de gemeente verzoeker uitnodigen om het AI in te trekken en behoudt verzoeker zijn bijlage 26 of 26quinquies.
Als verzoeker bij de RvV een beroep indient tegen het overdrachtsbesluit (bijlage 26quater) dan zal hij geen nieuw AI ontvangen ook al is het beroep schorsend en heeft hij toestemming gekregen om te blijven.
Is er geen overdracht binnen de geldende termijn (6 maanden, 1 jaar of 3 jaar), dan wordt België de verantwoordelijke lidstaat voor de behandeling van het VIB en zal verzoeker zich opnieuw moeten aanmelden bij DVZ. DVZ registreert dit in het wachtregister als ‘verderzetting van de procedure internationale bescherming in België’ en herleeft de oorspronkelijke bijlage 26 of de bijlage 26quinquies. Verzoeker zal (opnieuw) een AI ontvangen met een geldigheidsduur van 8 maanden te rekenen vanaf de registratie van de verderzetting van de procedure in het rijksregister.
Procedure ten gronde bij het CGVS
Het eerste AI dat wordt afgeleverd heeft een geldigheidsduur van 4 maanden. Tijdens de procedure ten gronde bij het CGVS wordt het AI telkens met 8 maanden verlengd.
Wat de toegang tot de arbeidsmarkt betreft, is de vermelding op het AI oorspronkelijk ‘NEEN’ tot 4 maanden na de indiening van het verzoek. Als het CGVS nog geen weigeringsbeslissing heeft genomen binnen die 4 maanden dan wordt de vermelding ‘ONBEPERKT’.
Wordt het verzoek door het CGVS afgewezen dan zal België overeenkomstig art. 37 APR een terugkeerbesluit uitvaardigen. DVZ levert 'zonder onnodige vertraging', na de beslissing van het CGVS, aan verzoeker een bevel om grondgebied te verlaten (bijlage 13quinquies) af
Als verzoeker GEEN beroep indient bij de RvV, dan trekt de gemeente na 3 maanden, na de beslissing van het CGVS, het AI in.
Beroep bij de RvV
Ondanks de onmiddellijke aflevering van een bevel, zal het AI, als verzoeker het recht heeft om te blijven, tijdens de beroepsprocedure bij de RvV worden verlengd. Het AI wordt ingetrokken als verzoeker geen recht meer heeft om te blijven.
Volgende situaties kunnen zich voordoen:
Negatieve beslissing van het CGVS met beroep bij de RvV maar zonder het recht om te blijven.
Als het CGVS een negatieve beslissing neemt en verzoeker dient een beroep in bij de RvV maar heeft niet het recht om te blijven dan zal de gemeente het AI intrekken.
Negatieve beslissing van het CGVS met beroep bij de RvV en met het recht om te blijven maar negatieve beslissing van de RvV (verwerping of weigering status).
Als het CGVS een negatieve beslissing heeft genomen en verzoeker heeft een beroep ingediend bij de RvV met het recht om te blijven maar het beroep wordt afgesloten door een negatieve beslissing van de RvV, dan wordt het AI ingetrokken.
Negatieve beslissing van het CGVS met beroep bij de RvV en het recht om te blijven maar RvV verklaart het beroep zonder voorwerp.
Als de RvV het beroep tegen de beslissing van het CGVS zonder voorwerp verklaard omdat het CGVS zijn beslissing heeft ingetrokken dan loopt de procedure van verzoeker gewoon verder en wordt het AI verlengd.