Procedure gezinshereniging familielid subsidiair beschermde (na 18-08-2025) in onwettig verblijf in België
Procedure niet-meereizende gezinsleden in onwettig verblijf van subsidiair of tijdelijk beschermde na 18-08-2025 in België
In buitengewone omstandigheden kan je gezinshereniging aanvragen in België. Je moet dan wel bewijzen dat er 'buitengewone omstandigheden' zijn die je verhinderen terug te keren naar je herkomstland om daar, via de Belgische ambassade, de aanvraag in te dienen. Belangrijk is ook dat je je identiteit kan bewijzen.
Het is van groot belang te beseffen dat een dergelijke aanvraag alleen kans op slagen heeft als het werkelijk onmogelijk of bijzonder moeilijk is om een visum te gaan halen in het herkomstland. Als het gaat om redenen die slechts tijdelijk ingeroepen kunnen worden, worden zij doorgaans niet aanvaard.
In de praktijk worden de aangehaalde 'buitengewone omstandigheden' door DVZ slechts zeer uitzonderlijk aanvaard (bv. minderjarige kinderen die te ziek zijn om te reizen naar hun herkomstland).
Deze voorwaarde blijft van toepassing voor gezinsleden van tijdelijk beschermden en van subsidiair beschermden die de aanvraag indienen vanuit België, tenzij er een vrijstelling is.
Bij je aanvraag op de gemeente leg je het bewijs voor dat je de retributie betaald hebt of dat je geen bijdrage moet betalen.
Leg je geen betalingsbewijs voor en bewijs je ook niet dat je geen bijdrage moet betalen, dan verklaart de gemeente of DVZ je aanvraag onontvankelijk. Je krijgt een bijlage 42: een beslissing van niet-ontvankelijkheid.
Leg je een betalingsbewijs voor waaruit blijkt dat je een gedeelte van de bijdrage betaald hebt, dan krijg je een bijlage 43. Je krijgt 30 dagen (te rekenen vanaf de dag na de kennisgeving van de beslissing) om het resterende bedrag te storten én om het bewijs daarvan voor te leggen. Stelt de gemeente of DVZ vast dat dit bedrag niet betaald werd binnen de termijn van 30 dagen, dan krijg je een bijlage 42 en wordt je aanvraag onontvankelijk verklaard. De gemeente stuurt een kopie van de bijlage 42 en 43 naar DVZ.
Tegen de bijlage 42 en 43 kan je een (niet-schorsend) beroep indienen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen.
Bij je aanvraag op de gemeente moet je de volgende documenten voorleggen :
- een identiteitsdocument. Je identiteitsdocument moet niet (meer) geldig zijn. Je moet je identiteit niet bewijzen als je een asielzoeker bent met een lopende asielprocedure bij het CGVS, de RvV of een toelaatbaar cassatieberoep bij de RvS. De verplichting om je identiteit te bewijzen geldt ook niet als je aantoont dat je onmogelijk een identiteitsbewijs kan bekomen.
- alle nodige documenten voor de gezinshereniging
- het bewijs van de buitengewone omstandigheden.
De wijkagent zal dan een woonstcontrole uitvoeren om na te gaan of je op het opgegeven adres woont.
Als je niet alle bewijzen en documenten voorlegt of bij een negatieve woonstcontrole, neemt de gemeente je aanvraag niet in overweging. De gemeente geeft je dan een bijlage 41ter . Tegen deze beslissing is alleen een niet-schorsend beroep mogelijk bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen.
Maak je wel alle vereiste documenten over en is de woonstcontrole positief, dan stuurt de gemeente onmiddellijk een kopie van je aanvraag naar DVZ zodat die de ontvankelijkheid kan beoordelen . Je krijgt nog geen ontvangstbewijs.
DVZ moet nagaan of er buitengewone omstandigheden zijn die verhinderen dat je terugkeert naar je herkomstland om daar, bij de Belgische ambassade, je aanvraag in te dienen. Hiervoor is geen wettelijke termijn vastgelegd. In de praktijk kan dit een jaar of langer duren.
Als DVZ vindt dat je geen buitengewone omstandigheden aangetoond hebt zal het je aanvraag onontvankelijk verklaren en krijg je van de gemeente een bijlage 41quater, eventueel met een bevel om het grondgebied te verlaten . Tegen deze beslissing is enkel een niet-schorsend beroep mogelijk bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen.
Als DVZ vindt dat de buitengewone omstandigheden wel bewezen zijn krijg je van de gemeente een bijlage 41bis (= bewijs van de ontvankelijke aanvraag). De gemeente schrijft je dan in het Vreemdelingenregister in en geeft je een attest van immatriculatie (AI), waarvan de geldigheidsduur gelijk is aan de verblijfstitel van de gezinshereniger die je wil vervoegen, in principe zonder langer te zijn dan negen maanden, tweemaal verlengbaar met drie maanden .
Tijdens het onderzoek ten gronde van negen maanden, te rekenen vanaf de datum van de aanvraag (bijlage 41bis), gaat DVZ na of je voldoet aan alle voorwaarden voor gezinshereniging. In principe gebeurt tijdens deze periode ook een onderzoek naar de samenwoonst.
Bij complexe dossiers kan DVZ je attest van immatriculatie (AI) dat 9 maanden geldig is, maximaal twee keer met telkens drie maanden verlengen. Er geldt dus een maximale behandelingstermijn van 15 maanden. DVZ moet je op de hoogte brengen van een eventuele verlenging van de termijn van 9 maanden met een gemotiveerde beslissing. Het moet dit doen voor het verstrijken van de termijn van het eerste AI.
Binnen de behandelingstermijn moet DVZ beslissen over je aanvraag: ofwel keurt het je aanvraag goed, ofwel weigert het je aanvraag.
Wat als DVZ geen enkele beslissing neemt binnen die termijn? Dan zou de gemeente jou naar Belgisch recht een bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister in de vorm van een elektronische A kaart moeten afgeven . Echter, in het Hof van Justitie oordeelde in het kader van de gezinsherenigingsrichtlijn (recht op gezinshereniging met derdelanders, waar onder andere subsidiaire en tijdelijke beschermden van uitgesloten worden) en de burgerschapsrichtlijn (recht op gezinshereniging met Unieburgers), dat de automatische afgifte van een verblijfstitel bij gezinshereniging, zonder eerst na te gaan of de aanvrager voldoet aan de voorwaarden voor gezinshereniging, strijdig is met deze richtlijnen. De wet blijft echter ongewijzigd, dus voor personen die buiten het toepassingsgebied vallen van deze richtlijnen en rechtspraak, zou de automatische afgifte nog steeds vereist zijn.
DVZ kan je aanvraag gezinshereniging alleen weigeren in een van de volgende gevallen:
- je voldoet niet aan de voorwaarden
- je hebt geen werkelijk huwelijks of- gezinsleven met het gezinslid dat je wil vervoegen
- je vormt een gevaar voor de openbare orde of de volksgezondheid
- jij of je gezinshereniger pleegde fraude
- het staat vast dat het gaat om een schijnhuwelijk, -partnerschap of -adoptie
DVZ moet bij het onderzoek van jouw aanvraag terdege rekening houden met het hoger belang van het kind .
Je krijgt de weigeringsbeslissing van de gemeente in de vorm van een bijlage 14. Je kan tegen deze beslissing een automatisch schorsend beroep indienen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Een beroep is niet schorsend in de volgende gevallen:
- de gezinshereniger die je wil vervoegen, verblijft zelf niet meer wettig in België
- de beslissing steunt op ‘dwingende redenen van nationale veiligheid’
- DVZ weigert je verblijf omdat jij of de gezinshereniger fraude pleegde (Opgelet! Tegen een weigering van verblijf omwille van schijnrelatie of -adoptie, staat wél een automatisch schorsend beroep open).
Als je geen beroep instelt binnen de beroepstermijn of je beroep verworpen wordt door de RvV, kan DVZ een BGV afgeven en moet je het grondgebied verlaten. Anders kan je gedwongen verwijderd worden.
Bij een positieve beslissing van DVZ krijg je een bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister in de vorm van een elektronische A kaart. Het attest van immatriculatie wordt mogelijk verlengd tot de afgifte van dit bewijs. De A kaart heeft dezelfde geldigheidsduur als de verblijfstitel van de gezinshereniger in België die je komt vervoegen.