Familielid van tijdelijk beschermde nog buiten grondgebied Europese Unie dat zelf aan voorwaarden tijdelijke bescherming voldoet
De wet van 18 juni 2025 wijzigde de regels voor deze categorie van familieleden maar minimaal. De regels op deze pagina's zijn van toepassing op familieleden van persoon met tijdelijke bescherming ongeacht of ze tijdelijke bescherming kregen voor of na 18-08-2025. Waar er afwijkende regels gelden, wordt dit duidelijk vermeldt op deze pagina.
Juridische grondslag
Ben je de echtgeno(o)t(e), wettelijke geregistreerde partner, een (stief)kind, ouder of een ander naast familielid van een persoon die tijdelijke bescherming heeft in België, dan kan je beroep dan op art. 57/34 Vw. om een verblijfsrecht te bekomen in België op voorwaarde dat:
- Je bevindt je nog niet op het grondgebied van de EU;
- Je hebt zelf nood aan bescherming;
- Je familieband bestond al op het moment van de massale toestroom van ontheemden naar de lidstaten van de EU en
- De scheiding van het gezin werd veroorzaakt door de massale toestroom van ontheemden naar de EU.
Welke familieleden?
Als echtgeno(o)t(e) van een persoon met tijdelijke bescherming kan je gezinshereniging vragen op voorwaarde dat jullie beiden ouder zijn dan:
- 21 jaar wanneer de referentiepersoon tijdelijke bescherming kreeg voor 18-08-2025 én de gezinshereniging wordt aangevraagd voor 18-08-2027, of
- 18 jaar wanneer de referentiepersoon tijdelijke bescherming kreeg na 18-08-2025.
Is er sprake van polygamie dan bepaalt de wet dat je als polygame echtgeno(o)t(e) niet naar België kan komen met gezinshereniging als een andere echtgeno(o)t(e) al in ons land verblijft.
Heb je een wettelijk geregistreerd partnerschap met een persoon met tijdelijke bescherming, dan kan je gezinshereniging vragen op voorwaarde dat jullie beiden ouder zijn dan:
- 21 jaar wanneer de referentiepersoon tijdelijke bescherming kreeg voor 18-08-2025 én de gezinshereniging wordt aangevraagd voor 18-08-2027, of
- 18 jaar wanneer de referentiepersoon tijdelijke bescherming kreeg na 18-08-2025 EN
je bewijst dat het gaat om een 'duurzame en stabiele partnerrelatie'. Dat is het geval wanneer je:
- gedurende minstens 1 jaar, voorafgaand aan de aanvraag, onafgebroken en op wettige wijze samenwoonde, of
- elkaar ten minste 2 jaar kent en bewijst dat je regelmatig, telefonisch, via briefwisseling of elektronische berichten met elkaar contact onderhield. Binnen die 2 jaar moet je mekaar minstens driemaal ontmoet hebben en die ontmoetingen moeten in totaal 45 of meer dagen betreffen, of
- een gemeenschappelijk kind hebt.
De wet vereist ook dat je aantoont dat:
- jij en je partner ongehuwd zijn én dat jullie geen duurzame en stabiele partnerrelatie hebben met iemand anders;
- jij en je partner geen familie zijn van elkaar en
- er ten aanzien van jou of je partner nooit een definitieve weigeringsbeslissing om te huwen genomen werd genomen. Het kan gaan om een huwelijk met elkaar, maar ook om een huwelijk met iemand anders.
Als (plus)kind van een persoon met tijdelijke bescherming kom je in aanmerking voor gezinshereniging op voorwaarde dat:
- je minderjarig bent;
- je ongehuwd bent en
je ouder over jou het ouderlijk gezag, inclusief het recht van bewaring, uitoefent. Bij gedeeld ouderlijk gezag moet de andere houder van het ouderlijk gezag zijn toestemming geven.
Opgelet! Als pleegkind of kind onder buitenlandse voogdij heb je volgens DVZ géén recht op gezinshereniging. Wel kan je onder bepaalde voorwaarden met een humanitair visum naar België komen.
Als ouder van een kind met tijdelijke bescherming kom je in aanmerking voor gezinshereniging op voorwaarde dat je kind:
- minderjarig en
- ongehuwd is.
Voor de wet van 18 juli 2025 sprak de Verblijfswet over 'de rechtstreekse bloedverwanten in opgaande lijn in de eerste graad die het ouderlijk gezag, inclusief het recht van bewaring, uitoefenen'. Ben je de grootouder van een kind dat tijdelijke bescherming kreeg voor 18-08-2025 én oefen je het ouderlijk gezag uit dan kan je ook gezinshereniging vragen met je kleinkind. Sinds de wet van 18 juli 2025 spreekt de Verblijfswet enkel nog over 'de ouders van de ongehuwde minderjarige begunstigde'.
Ben je géén echtgenoot, wettelijk geregistreerde partner, (stief)kind of ouder, maar een ander familielid van een persoon met tijdelijke bescherming dan kan je gezinshereniging vragen op voorwaarde dat:
- je samenwoonde met de persoon met tijdelijk bescherming in het herkomstland op het moment van de massale toestroom van ontheemden naar de lidstaten van de EU én
- je toen ten laste was van de persoon met tijdelijke bescherming.
Voorwaarden en documenten
Je moet je identiteit bewijzen. Dat doe je normaal met een door België erkend reisdocument (bv. paspoort).
Je moet een kopie voorleggen van de verblijfsvergunning van de tijdelijk beschermde die je wil vervoegen.
Als echtgeno(o)t(e), wettelijke partner, (stief)kind, ouder of ander familielid moet je je familieband bewijzen. Dit doe je aan de hand van een huwelijksakte, geregistreerd partnerschap en/of geboorteakte (of adoptieakte). Het kan gaan om een Belgische of buitenlandse akte.
Wil je je verwantschapsband bewijzen aan de hand van een buitenlandse akte dan spelen de regels van het internationaal privaatrecht. Concreet zal je je buitenlandse akte moeten laten legaliseren (of laten voorzien van een apostille) en beëdigd laten vertalen wanneer de akte in een andere taal opgesteld is dan het Nederlands, Frans, Duits of Engels.Lees hier meer over hoe je een buitenlandse familiesituatie in België kan laten erkennen.
Ligt een buitenlandse huwelijksakte voor, dan vraagt DVZ in de praktijk ook bijkomende documenten ter controle van de vorm- en grondvoorwaarden van het buitenlands huwelijk:
- een kopie van de volmacht als het gaat om een huwelijk bij volmacht, of
- een bewijs van ontbinding van het vorige huwelijk of bewijs van overlijden als jij of de gezinshereniger opnieuw in het huwelijk zijn getreden.
Als je geen officiële akte kan voorleggen, kan DVZ rekening houden met ‘andere geldige bewijzen’.
In de omzendbrief van 17 juni 2009 staan een aantal voorbeelden van 'andere geldige bewijzen' die DVZ kan aanvaarden als bewijs van verwantschap.
- Voorbeelden van "andere bewijzen" van de afstammingsband:
- een geboortecertificaat of geboorteattest
- een huwelijksakte, opgesteld door de Belgische ambtenaar voor de burgerlijke stand, waarin de afstammingsband vermeld wordt
- een notariële akte, gehomologeerd door de bevoegde overheid
- een affidavit
- een nationale identiteitskaart die de afstammingsband vermeldt
- een huwelijkscontract waarin de afstammingsband vermeld wordt
- uittreksels van de geboorteregisters
- een vervangend vonnis
- Voorbeelden van "andere bewijzen" van de huwelijksband of het partnerschap:
- een akte van een traditioneel huwelijk
- een notariële akte, gehomologeerd door de bevoegde overheid
- een religieuze akte
- een nationale identiteitskaart die de huwelijksband vermeldt
- uittreksel van de huwelijksakte
- een vervangend vonnis
De omstandigheid dat je geen officiële documenten kan voorleggen, moet ontstaan zijn onafhankelijk van je wil. Dat is zo in de volgende gevallen:
- België erkent het betrokken land niet.
- Je persoonlijke situatie is moeilijk verzoenbaar met een terugkeer naar de betrokken staat of met een contact met zijn overheden.
Soms maakt de interne situatie van het betrokken land het niet mogelijk om een officiële akte voor te leggen, doordat:
- de documenten vernietigd werden en er geen enkel ander middel bestaat om ze te vervangen.
- de bevoegde nationale overheden niet naar behoren functioneren.
- de bevoegde nationale overheden niet meer bestaan.
Als je ook geen ‘andere geldige bewijzen’ kan voorleggen, kan DVZ of de Belgische ambassade je uitnodigen voor een gesprek en kan DVZ overgaan tot elk ander onderzoek dat het nodig vindt. In laatste instantie kan DVZ voorstellen om een DNA-analyse te laten uitvoeren. DVZ kan een DNA-analyse voorstellen om de verwantschapsband tussen ouder en kind te bewijzen en, als er gemeenschappelijke kinderen zijn, kan DVZ de DNA-analyse ook gebruiken om de verwantschapsband tussen de ouders te bewijzen.
Je vormde een gezin met de begunstigde van tijdelijke bescherming op het moment van de massale toestroom van ontheemden naar de lidstaten van de EU. Daardoor werd je gezin gescheiden van elkaar.
Voldoe je niet aan deze voorwaarde? Werd je gezin bv. maar gevormd in België?
- Kreeg de referentiepersoon tijdelijke bescherming in België voor 18-08-2025, dan zijn de gewone regels gezinshereniging met een derdelander (oud art. 10bis Vw.), op jou van toepassing.
- Kreeg de referentiepersoon tijdelijke bescherming in België op of na 18-08-2025,
- dan is gezinshereniging als echtgeno(o)t(e) maar mogelijk op het moment dat de tijdelijk beschermde in het bezit is van een onbeperkt verblijfsrecht (B, C, D, K, L, F of F+ kaart) (art. 10, 10, §1, lid 1, 6° Vw.).
- en ben je het kind van een persoon met tijdelijke bescherming, dan is gezinshereniging - op instructie van de minister - mogelijk op grond van art. 10bis, §2/1 Vw. (link nog toevoegen)
Er moet géén bewijs van stabiele, regelmatige en toereikende bestaansmiddelen, een ziekteverzekering en voldoende huisvesting worden voorgelegd.
Je mag geen gevaar vormen voor de volksgezondheid. Om die reden mag je niet lijden aan één van de ziekten opgesomd in de bijlage bij de Verblijfswet. Je bewijst dat met een medisch attest dat bevestigt dat je niet lijdt aan een ziekte die een gevaar vormt voor de Belgische volksgezondheid. Het mag niet ouder zijn dan 6 maanden. Het attest kan opgesteld worden door een arts die erkend is door de Belgische ambassade. Contacteer de ambassade om te weten op welke arts je een beroep kan doen. Als je voor een niet-erkende geneesheer kiest moet je zijn handtekening laten legaliseren door de bevoegde plaatselijke overheid. Nadien moet je de handtekening van deze overheid laten legaliseren door de Belgische diplomatieke post.
Vanaf 18 jaar moet je bewijzen dat je geen gevaar vormt voor de openbare orde of nationale veiligheid. Je bewijst dat met een uittreksel uit het strafregister of een bewijs van goed gedrag en zeden. In principe vraag je dit aan bij de bevoegde overheid in het land van herkomst. Het document mag niet ouder zijn dan 6 maanden. Kijk na of je het buitenlands document moet laten legaliseren of voorzien van een apostille. Als het document in een andere taal opgesteld is dan het Duits, het Engels, het Frans of het Nederlands, dan moet je het laten vertalen door een beëdigd vertaler. De Belgische ambassade werkt samen met een aantal beëdigde vertalers. Contacteer de ambassade om te weten op welke vertalers je een beroep kan doen.
Als je geen bewijs of geen voldoende recent bewijs kan voorleggen, motiveer dan waarom.
Als echtgeno(o)t(e) of wettelijk geregistreerde partner van een persoon met tijdelijke bescherming voor 18-08-2025 moet je je echtgeno(o)t(e) of partner in België vervoegen. Dat betekent dat jullie feitelijk een gezinscel moeten vormen en minimale echtelijke relaties moeten onderhouden. Samenwonen met je echtgenoot of partner is strikt genomen geen vereiste om een gezinscel te vormen. Als je tijdens de week gescheiden leeft, om professionele of andere redenen, en je je tijdens het weekend bij hem voegt, dan vormen jullie ook een gezinscel. Als je wel samenwoont met je echtgenoot of partner moet je geen bijkomende bewijzen voorleggen. De gezinscel blijkt dan uit de samenwoonst.
Als echtgeno(o)t(s) of wettelijk geregistreerde partner van een persoon met tijdelijke bescherming toegekend op of na 18-08-2025 moet je met je echtgeno(o)t(e) of partner in België komen samenleven.
Tussen ouders en kinderen geldt ook een samenwoonstverplichting, tenminste tot het kind 18 jaar is.
Ben je een ander naast familielid, dan schrijft de wet geen samenwoonst voor.
Procedure
De verblijfsprocedure voor de familie van een begunstigde van tijdelijke bescherming moet bepaald worden in een koninklijk besluit, vastgesteld na overleg in ministerraad. Tot op heden gebeurde dit niet. Er bestaat nu dus geen reglementaire basis voor een procedure.
Toekenning van verblijf
Voldoe je aan de hierboven opgesomde voorwaarden en ben je de echtgeno(o)t(e), gelijkgestelde partner, wettelijk geregistreerde partner, minderjarig kind of ouder van een minderjarige met tijdelijke bescherming? Dan heb je recht op tijdelijke bescherming. Voldoe je aan de voorwaarden voor gezinshereniging dan zal DVZ je tijdelijke bescherming geven, tenzij je valt onder één van de weigeringsgronden.
Voldoe je aan de voorwaarden maar ben je een 'ander naast familielid'? Dan kan DVZ je tijdelijke bescherming geven, maar je hebt er geen recht op. Wanneer DVZ overweegt om je géén tijdelijke bescherming te geven moet het rekening houden met de aard en de hechtheid van je familiebanden.
Einde van het verblijf
Familieleden die zelf tijdelijke bescherming genieten, vallen onder de bepalingen die van toepassing zijn op tijdelijk beschermden. Dat betekent dat DVZ je verblijf kan beëindigen bij uitsluiting van status en wanneer er een einde komt aan de regeling van tijdelijke bescherming.