Arbrb Luik: KB Cumul – bijdrageplicht en sanctie voor asielzoekers in opvang met inkomen is onwettig

In het kort

Het Koninklijk Besluit van 16-4-2024 (KB Cumul) bepaalt dat voor wie niet spontaan de bijdrageplicht voldoet een hoger tarief van 50% geldt. Dit moet gezien worden als een sanctie. De Opvangwet voorziet echter geen delegatie die toestaat om bij koninklijk besluit sanctioneerbare gedragingen of de manier van sanctioneren vast te leggen. Het KB Cumul is op dat punt in strijd met artikel 173 Grondwet (Gw) en moet buiten toepassing gelaten worden. Overigens lijkt de bijdrage een ongrondwettige retributie. De geïnde bedragen zijn immers enkel afhankelijk van de hoogte van het inkomen van de asielzoeker. Er is geen enkel (redelijk) verband met de werkelijke kost van de materiële opvang door Fedasil. De rechtbank veroordeelt Fedasil tot het voorzien van opvang en stelt dat aan Fedasil geen enkele bijdrage verschuldigd is.

Eerder oordeelde de arbeidsrechtbank Brussel in verschillende arresten dat Fedasil opvang moet blijven voorzien voor asielzoekers in manifeste nood ook al hadden ze niet voldaan aan de bijdrageplicht. Lees ook ons artikel over 'Bijdrageplicht asielzoekers in opvang met inkomsten: wijziging bedragen & controlebevoegdheid voor Fedasil'.
 

Bijdrage die Fedasil vraagt, is retributie

In de eerste plaats buigt de arbeidsrechtbank zich over de vraag of de bijdrage die Fedasil aan werkende asielzoekers vraagt voor de materiële hulp, kan aanzien worden als belasting, of als retributie 

De arbeidsrechtbank oordeelde dat het om een retributie gaat:

  • De bijdrage dient geen algemeen beleidsdoel.
  • De bijdrage is een compensatie voor een dienstverlening door de overheid, namelijk opvang in een opvangcentrum.

Opvangwet: geen sanctioneringsbevoegdheid aan Fedasil bij niet voldoen bijdrageplicht

Bij retributies volstaat het dat de bevoegde wetgever de gevallen omschrijft die aanleiding kunnen geven tot het heffen van de retributie. De regeling van andere essentiële elementen, zoals het bedrag van de retributie, kunnen worden gedelegeerd.

De Opvangwet voorziet dat een begunstigde van de opvang moet bijdragen aan de materiële dienstverleningals hij inkomsten heeft uit werk. De bepaling van de voorwaarden en de regels voor de bijdrage aan de materiële hulp is toegekend aan de koning

De Opvangwet kent echter geen bevoegdheid toe aan de koning om een sanctie op te op te leggen wanneer niet aan een bijdrageplicht wordt voldaan. Op die manier schendt het KB Cumul artikel 173 Gwomdat het een sanctiemechanisme invoert waarbij asielzoekers met een inkomen die dit niet spontaan aangeven 50% van het bruto-inkomen moeten afstaan. Hiervoor is geen delegatie voorzien in de Opvangwet. Artikel 35/1 Opvangwet bevat geen basis om het gedrag van de persoon in rekening te nemen bij de vaststelling van sanctie en de manier van sanctioneren. Het KB Cumul moet om die reden buiten toepassing worden gelaten .

Geen enkel verband tussen kost opvang en hoogte retributie/bijdrage

De bijdrage moet volgens de rechter beschouwd worden als retributie. Voor retributies geldt dat ze in redelijke verhouding moeten staan tot de geleverde dienstverlening, namelijk de materiële opvang in dit geval.

Er is geen enkele verhouding aangetoond tussen de hoogte van de bijdrage en de kost van de opvang:

  • De bijdrage is alleen gebaseerd op de hoogte van het inkomen van de persoon 
  • Fedasil toont niet aan wat de gemiddelde kost zou zijn van de opvang. Hierdoor kan ook niet worden beoordeeld of de bijdrage hiertoe in redelijke verhouding staat. 

Bericht van vluchtelingenwerk Vlaanderen aangevuld door AgII