Verordeningen onderdeel van dit pact treden rechtstreeks in werking in lidstaten van Europese Unie. We geven een overzicht van de rechten en plichten die ze creëren voor vreemdelingen en de Belgische staat.
Migratie- en asielpact heeft geen invloed op schorsing GwH van wetsbepaling die weigeringen opvang voor M-status mogelijk maakte. GwH vond bepaling in pact niet duidelijk en stelde prejudiciële vraag aan HvJ.
Na het verkrijgen van de internationale beschermingsstatuut, kan men deze alsnog verliezen. Waar dit voorheen opgeheven of ingetrokken kon worden, kan het CGVS vanaf nu enkel nog intrekken.
AMMR bepaalt criteria die de lidstaat aanduidt die verantwoordelijk is voor de behandeling van een asielaanvraag. AMMR bouwt verder op de dublinverordening.
Vanaf begin asielprocedure moet er bijstand zijn van (voorlopige) vertegenwoordiger. CGVS doet leeftijdsbepaling voor asielzoekers. Er zijn nieuwe waarborgen voor NBMV.
Niet tijdig omgezette bepalingen kunnen rechtstreekse werking hebben: een overzicht van bepalingen waarbij dit mogelijk zo is: o.a. over toegang tot materiële opvang, werk en taal- en inburgeringscursussen.
Schrapping uit Opvangwet van mogelijkheid tot niet-toewijzing en opheffing code 207 leidt tot ongerechtvaardigde achteruitgang in bescherming asielzoeker. Dit is strijdig met art. 23 Gw.
Spaanse wetgeving voorziet dat bescherming eindigt wanneer verzoeker zich in ander land vestigt. Al dan niet daadwerkelijke uitvoering daarvan en concrete gevolgen in verzoeker 's geval zijn onduidelijk.
Maanden zonder opvang en mogelijkheid om essentiële noden te voldoen, schendt art. 3 EVRM. Uitstel bij uitvoering definitieve uitspraak rechter, bevestigd door voorlopige maatregelen, schendt art. 6 en 34 EVRM.
Op 27-3-2026 schorste RvS in arrest 266.219 ministeriële instructie van 2-3-2026 waarin de bevoegde minister Fedasil de opdracht gaf om opvang te blijven weigeren aan M-statushouders.
RvV vernietigt niet-ontvankelijkheidsbeslissingen tav statushouders uit Griekenland en Bulgarije wegens onvoldoende onderzoek naar hun situatie bij terugkeer.
Fedasil blijft medeverantwoordelijk voor medische hulp aan asielzoeker wanneer OCMW bevoegd is voor maatschappelijke dienstverlening na vernietiging weigering verplichte plaats inschrijving.
Op 26-2-2026 schorste Grondwettelijk Hof de bepalingen die VIB van M-statushouders kwalificeren als ‘volgend verzoek’ en die beperking van opvang op deze grond mogelijk maakte.
De opschorting geldt tot wanneer CGVS objectieve informatie heeft om veiligheidssituatie in Iran en risico op vervolging accuraat te kunnen beoordelen.
Het KB van 3-12-2025 voegt Marokko toe aan de lijst van veilige landen. Verzoekers internationale bescherming uit deze landen hebben een zwaardere bewijslast.