Verordeningen onderdeel van dit pact treden rechtstreeks in werking in lidstaten van Europese Unie. We geven een overzicht van de rechten en plichten die ze creëren voor vreemdelingen en de Belgische staat.
Migratie- en asielpact heeft geen invloed op schorsing GwH van wetsbepaling die weigeringen opvang voor M-status mogelijk maakte. GwH vond bepaling in pact niet duidelijk en stelde prejudiciële vraag aan HvJ.
Niet tijdig omgezette bepalingen kunnen rechtstreekse werking hebben: een overzicht van bepalingen waarbij dit mogelijk zo is: o.a. over toegang tot materiële opvang, werk en taal- en inburgeringscursussen.
Schrapping uit Opvangwet van mogelijkheid tot niet-toewijzing en opheffing code 207 leidt tot ongerechtvaardigde achteruitgang in bescherming asielzoeker. Dit is strijdig met art. 23 Gw.
Maanden zonder opvang en mogelijkheid om essentiële noden te voldoen, schendt art. 3 EVRM. Uitstel bij uitvoering definitieve uitspraak rechter, bevestigd door voorlopige maatregelen, schendt art. 6 en 34 EVRM.
Op 27-3-2026 schorste RvS in arrest 266.219 ministeriële instructie van 2-3-2026 waarin de bevoegde minister Fedasil de opdracht gaf om opvang te blijven weigeren aan M-statushouders.
Fedasil blijft medeverantwoordelijk voor medische hulp aan asielzoeker wanneer OCMW bevoegd is voor maatschappelijke dienstverlening na vernietiging weigering verplichte plaats inschrijving.
Fedasil motiveerde beperking materiële hulp onvoldoende en voldeed niet aan de informatieplicht in verband met de bijdrageplicht voor VIB met een inkomen.
Fedasil moet individuele situatie, levenstandaard en effectiviteit bescherming in andere EU-lidstaat nagaan bij beperking materiële hulp van M-statushouder.
Asielzoekers hebben in buitengewone omstandigheden wanneer ze in staat van manifeste nood verkeren toch recht op opvang, ook als ze hun bijdragenplicht niet voldeden.
Om de opvang bij een volgend VIB wettig te kunnen beperken moet Fedasil nagaan of het recht op een waardige levensstandaard gewaarborgd is in de specifieke situatie. Deze feitelijke overwegingen moeten uitdrukkelijk vermeldt worden in de beslissing.
Het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van België kan niet langer worden toegepast in geval van asielaanvraag van alleenstaande niet-kwetsbare man.
Om recht te hebben op materiële hulp (artikel 6, §1, eerste lid Opvangwet) is verblijfsrecht nodig. Dit primeert op het feit dat er nog geen definitieve negatieve beslissing.
Update: sinds 1-8-2024 is een nieuwe instructie van toepassing over de transitie van materiële opvang naar maatschappelijke dienstverlening via het OCMW.
Vanaf 28-6-2024 eindigt het recht op materiële opvang en steun bij kennisgeving van een definitieve negatieve asielbeslissing, niet bij verstrijken van het BGV.
Op 1-7-2024 wijzigt bijdrageplicht voor VIB met beroeps- of andere inkomsten die materiële hulp krijgen. Fedasil krijgt controle- en terugvorderingsbevoegdheid.
Zowel arbeidsrechtbank Antwerpen (Mechelen) op 21-6-2023, als arbeidsrechtbank Brussel (Franstalige kamer) op 18-9-2023, oordelen dat een verzoeker om internati